Posts tonen met het label Theologie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Theologie. Alle posts tonen

04 februari 2025

Als wij... dan GOD!

Een vraag die ik me al heel lang stel is waarom veel preken een hoog suggestief gehalte kennen die de ontvanger van de geïnterpreteerde woorden de schuld van het niet of onvoldoende kunnen waarmaken ervan bij zichzelf zoekt.

Veel preken en overdenkingen richten zich op het "wat zou kunnen of moeten zijn". Ons creatieve vermogen om te verbeelden helpt daarbij om te zien en voelen wat we wensen dat werkelijkheid zou zijn. Niet alleen in de verbeelding maar in onze relatie tot de ander en de wereld. En dan niet in zo'n slappe, verdunde versie van wat we als (geestelijke) werkelijkheid belijden en zlefs durven te claimen.

Wensdenken.

Als wij maar meer zouden bidden, vasten, proclameren, geloven...
Als meer mensen meer zouden bidden, vasten, proclameren, geloven...

God zou staan te popelen om meer te doen maar er zijn er blijkbaar nog te weinig die meer bidden, vasten, proclameren, geloven...


De keuze tussen het duiden en begrijpen van de aarde vanuit de hemel of de hemel vanaf de aarde staat hierbij centraal. Veel predikers en uitleggers kiezen bewust of onbewust voor de eerste optie en zouden die hemel graag onze kant op willen wensen, manifesteren, buigen of eisen. De mens trekt dan altijd aan het kortste eind want voldoet onvoldoende aan de voorwaarden om de hemel meer onze kant op te doen neigen. Als dat de boodschap is die ik meekrijg is het niet ondenkbaar dat ik na verloop van tijd mijn geloofshanddoek in de ring gooi; ik doe het toch nooit goed genoeg.

Het perspectief verandert als je bij de aarde begint en tracht woorden uit de hemel te verbinden met je leven in het hier en nu met alle drama, blijspel, voor- en tegenspoed, overwinningen en nederlaag. Dan is er plaats voor mysterie, verbazing, paradox, beweging, geloof en ongeloof. De mens is daarbij niet langer zijn eigen sta in de weg maar ervaart een vrijheid waarbij geen plaats meer is voor schuld.

Schuld is een van de krachtigste motivaties in religie en reden waarom veel gelovigen krampachtig vasthouden aan instituten, dogma's en conventies en deze verdedigen, desnoods met hun leven.

In het centrum van dit reële conflict staat Jezus, die op mysterieuze wijze de aarde en de hemel verbindt. Mysterieus omdat het zich niet door logica laat verklaren. Hoewel ik me regelmatig nog schuldig voel, hebben die schuldgevoelens niet langer te maken met het, vooral in christelijke kringen, of lange tijd mezelf opgedrongen idee dat de magere manifestatie van de hemel -God- wel mijn, jouw en/of onze schuld moet zijn.

Door het handelen van Boven voorwaardelijk te maken aan verplichtingen die we van beneden zouden moeten nakomen, van schulden die we zouden moet inlossen, is er nog steeds sprake van religie. Het is angst die religie effectief instandhoudt en daarmee de macht die leiders en woordvoerders van dat systeem over de mens heeft.

En dat is de ergernis die ik ervaar bij veel suggestieve preken en overdenkingen. Ik snap het wensdenken dat erachter zit maar niemand is er echt bij gebaat. Behalve het schuldgevoeld dat weer heerlijk is gevoed.

26 augustus 2024

Onzinnig bidden voor Israël, Palestina en de rest van de wereld

In de verschillende kerken waar ik op de zondagen spreek, wordt vrijwel zonder uitzondering voor Israël gebeden. Wat niet uit die gebeden kan worden opgemaakt is waar men dan voor bidt. Wordt er gebeden voor de staat binnen de politieke en/of geografische grenzen, het volk (de mensen met een Israëlisch paspoort die binnen en buiten die grenzen leven), de Joden (Joden en Israëli's zijn niet hetzelfde), de tot staatburger gekozenen (overeenkomstig de wet op de terugkeer uit 1950)? Soms wordt er dan ook een beetje voor de Palestijnen gebeden en worden enkele actuele in oorlog met elkaar verwikkelde landen snel genoemd, om de Heer eraan te herinneren dat dit wellicht Zijn aandacht of interventie benodigd (uiteraard alleen als dat binnen Zijn voorgenomen raadsbesluit past).

Die onduidelijkheid waar dan precies voor gebeden wordt kom ik ook tegen op de website van Christenen voor Israël waar Roger van Oordt (honorair consul van de staat Israël) zijn zorg uitschrijft over het categorische gebrek in de kerken aan "echt bidden voor Israël": "In deze tijd is bidden voor Israël cruciaal. De Here Jezus is niet los van Zijn volk verkrijgbaar. Je kan Israël niet buiten de kerkmuren houden als je de Heiland binnen de kerkmuren wil dienen." (zie/lees hier).
Zonder duiding van dat "echt bidden" heb ik, naast de exclusieve plaats die Israël  in deze drie zinnetjes wordt toegedicht, geen idee waar Roger het over heeft.

Het voelt als danken en bidden voor het eten terwijl de Heer best wel weet dat je helemaal geen bloemkool en/of spruiten lust.

Twee buren die elkaar het licht in de ogen niet gunnen en pas tevreden zijn als een van de twee verhuist of ophoudt te bestaan. De buur die, om wat voor reden dan ook, mijn sympathie heeft, krijgt mijn steun.

Hoe die sympathie tot stand komt? Dat kan persoonlijke voorkeur zijn, een geloofssysteem, een wereldbeeld, ideeën over recht en gerechtigheid, eerlijkheid en oneerlijkheid. Die worden dan weer gevoed door vaak eenzijdige berichtgeving waarbij het gevaar bestaat dat men alleen ziet en hoort wat men wil zien en horen. Dat kan tegenwoordig vrij gemakkelijk. De sociale media bestaan immers om mij en mijn ideeën te bevestigen en die van anderen te ontkrachten.

Die twee buren. Mijn probleem is dat ik ze allebei even sympathiek en bij vlagen onsympathiek vindt. Beiden hebben evenveel recht om te bestaan maar als ze elkaar dat bestaan niet gunnen, rest mij weinig anders dan als onpartijdige derde buur toe te kijken. Ik kan gaan demonstreren; voor of tegen wie of wat maakt daarbij niet zoveel uit want uiteindelijk moeten de buren er samen uitkomen.

Onpartijdig. Wil ik dat zijn? Kan ik dat zijn? Natuurlijk heb ik een mening en, als er dan toch aan de Bijbel gerefereerd wordt dan verwijs ik graag naar de oerplek die de tempel in Jeruzalem wordt toegekend. En met die oerplek gaat het niet eens zozeer over de fysieke plaats maar veel meer over het hart en karakter van een volk.

Als Jezus het tot "wereldhandelscentrum" verworden tempelplein betreedt en de bezem er doorheen haalt, motiveert Hij zijn handelen met de woorden: 'Staat er niet geschreven: “Mijn huis moet voor alle volken een huis van gebed zijn”? Maar jullie hebben er een rovershol van gemaakt!’ (Marcus 11:17)

Het is vrijwel onmogelijk om seculiere, op macht beluste staatshoofden en bewindslieden te wijzen op een ten diepste geestelijke verantwoordelijkheid om de eigen deur open te zetten voor alle andere buren, daarmee uitvoering te geven aan de inclusieve oorsprong en praktijk van die plaats. Daar is een Godswonder voor nodig en dat zie ik nog niet zo gauw gebeuren. Maar dat is het kenmerkende aan Godswonderen. Die gebeuren ins Blaue hinein. Dan bid ik daar maar voor.

12 juli 2024

Ik zoek een nieuw systeem

Al jaren lees ik de Bijbel en heb daarbij lang de vrij populaire knip en plak benadering als strategie en tactiek gebruikt. Deze methodiek is handig als ik de Bijbel wilt laten zeggen wat ik wil en wanneer dat mij het beste uitkomt. “Draagt elkaars lasten”(Galaten 6:2) kan worden toegepast om het pastoraat te legitimeren en/of tijd en middelen te investeren om de last van een ander, die mij wel sympathiek lijkt, waar ik een klik mee heb of die “mijn hart heeft”, te verlichten.

Past andermans last echter niet in het door mij vastgestelde normatieve kader van betamelijkheid kan ik een paar verzen verderop in hetzelfde hoofdstuk “want ieder mens moet zijn eigen last dragen” (:5) heerlijk gebruiken.

Zo betrapte ik mezelf onlangs op weer een vers dat een geheel eigen leven is gaan leiden. De bevrijding die ons door Christus ten deel valt mag niet worden misbruikt om de eigen verlangens te bevredigen (Gal. 5:1, 13).

Wat ik al snel meekreeg op mijn geloofsreis was:

Eigen verlangens waren en zijn niet zo best. Punt.

Niet wat ik wil, maar wat God wil, waarbij voor het gemak, maar ook als logisch gevolg van de knip en     plak methode, de verschrikkelijke sarx (eigen verlangens) wordt gelijkgesteld aan het ego.

Gevolg: schuldgevoelens, berouw, bekering, zelfoordeel.

In de Galatenbrief gaat het Paulus maar om één zaak: niet de wet, maar geloof alleen.
De bijna onbeheersbare drang om zich vervolgens toch weer te onderwerpen aan een systeem is niets minder dan een menselijke eigenschap.

De vrijheid gebruiken (misbruiken) om jezelf een systeem aan te meten heeft aanvliegerij tot gevolg en kan zomaar uitmonden in verslinding. Die verslinding als gevolg van het zich aanmeten van een voor het gevoel passend systeem is overal terug te vinden en wellicht zonder het zelf door te hebben zet het de mens(heid) op ramkoers met zichzelf.

De vrijheid inzetten om lief te hebben is van een andere orde. Wie liefheeft, vervult de wet. Die liefde is geen systeem maar het antwoord op welk systeem dan ook. Niet het strijden tegen de sarx maar het liefhebben van de ander (door deze te dienen) is het devies en inzet van de volgeling van Christus.

En man, wat is dat moeilijk zeg. Als alles en iedereen een beetje mijn kant op beweegt, is er niets aan de hand en kan ik vanuit een serene kalmte als een wijze man links en rechts liefhebben. De weerbarstige werkelijkheid beweegt echter zelden mijn kant op en bepaalt mij bij een andere wetmatigheid die in mij werkzaam is: de liefde kent kantel- en breekpunten waarbij de met enthousiasme ingezette poging om de ander te dienen zomaar om kan slaan en zich weer op het eigen belang en verlangens richt.

Ik heb nog een lange weg te gaan.

19 april 2024

Vasthouden aan onbetwistbaarheid

Eerder deze week genoot ik met een klein gezelschap van biefstukken, bier en Bijbel. Mijn vriend en gastheer viel een aantal tellen stil toen ik suggereerde dat het mogelijk is dat God niet alles weet. Op de stilte volgde een luid "Noooooooo, I can't believe you're even suggesting the thought". Zijn godsbeeld staat zo'n gedachte niet toe; vastgeroest in leerstellingen en retoriek waarop de enigszins doordenkende mens zonder al te veel moeite de nodige gaten in kan schieten.

Lijden? Komt niet van God maar Hij staat het toe om tot een beter product te komen.
Alwetendheid? Iedere beweging, gedachte en beslissing ligt al voor de grondlegging van de wereld vast. Dat zou allemaal in de Bijbel staan en, zo stelde hij, "Ik geloof dat God is wie Hij zegt te zijn".

Op mijn suggestie dat het beeld van God dat we ontlenen aan Zijn zelfopenbaring, altijd een kwestie is van subjectieve interpretatie volgde een "en dat is het probleem omdat er teveel wordt nagedacht en men niet langer eenvoudigweg de Bijbel gelooft."

Misschien denk ik teveel na maar kan ik weinig anders concluderen dat God best wel problematisch is. Om het probleem behapbaar te maken construeert de mens dogma's (leerstelling die door een religie, ideologie, organisatie of persoon als onbetwistbaar wordt beschouwd) die enige houvast en kadering moeten bieden.

Het wordt lastig als de mens zijn beeld van God als onbetwistbaar beschouwt. Krijgt men te maken met drama dan ontstaan er barstjes en scheurtjes in die dogma's en valt vroeger of later de tot dan toe beleefde solide basis weg. Vragen die er eerst niet waren dringen zich naar de voorgrond van het bestaan. Dan wordt of het beeld van God bijgesteld, of men haakt af. Een optie is ook om pijn, vragen en twijfels te negeren en gewoon door te rammen; houd je aan het script!

Zo maak ik, waar ter wereld ik ze ook tegenkom, altijd en overal praatje met Jehova Getuigen. Die houden zich keurig aan het script.

Maandag kwam ik er weer twee tegen. Ik val ze nooit aan maar neem wel de regie in de conversatie. Deze twee waren wel gezellig. Op mijn vraag waar ze denken na hun dood terecht te komen was hun antwoord "op de nieuwe aarde" (er zou ook een select gezelschap van precies 144.000 zielen zijn die de aarde gaan regeren...). Ze vielen een paar tellen stil toen ik vroeg of er op die aarde ook koeien zouden zijn. Daar hadden ze nog nooit over nagedacht en er stond niets over in hun talloze scripten. Samen met mij hoopten ze echter van wel.

Moeilijke gesprekken hoor, met de ander die aan zijn/haar onbetwistbare beeld van God, of wat voor beeld van wat dan ook, blijft hangen.

Dat van mij is tamelijk betwistbaar, wat de aan het onbetwistbare beeld vasthoudende noopt mij (weer) op het juiste pad te krijgen.

Later op de dag was er dus die biefstuk. Genieten en  onvermijdelijk nopen van mijn vriend.

16 april 2023

De liefde die sterker is dan de haat

Afgelopen week vroeg iemand mij hoe het zit met de tekst in Romeinen 9 waar staat dat God al voordat Jacob en Esau geboren waren, en dus nog niets goed of kwaads hadden gedaan, het volgende had besloten: "Jakob heb Ik liefgehad, en Ezau heb Ik gehaat (13)". Een terechte vraag is of dat wel eerlijk is. Geef die jongens toch een kans. 

Dit riekt naar onrecht.

Nee hoor, zegt Paulus, het heeft niets met onrecht te maken maar alles met de vrijheid zoals een pottenbakker die heeft over een homp klei; het staat de bakker vrij om te maken wat hij wil en als het gemaakte hem niet bevalt begint hij gewoon opnieuw. De klei zelf heeft daar niets over te zeggen.

De verhandeling van Paulus neemt een bizarre vorm aan als de lezer het pottenbakkergebeuren op zichzelf toepast; blijkbaar ligt alles vast bij God en of ik nu hoog of laag spring, protest aanteken of niet, het resultaat staat vast: al voor je geboorte ben je of verkozen of afgewezen. Nou, lekkere God zeg!

Dan lees je verder en kun je niet anders dan tot de conclusie komen dat het in Romeinen 9 helemaal niet over de individuele lezer gaat. Dat is even wennen want evangelicalen, evenals vele reformatoren, zijn gedrild om de Bijbel als persoonlijke, aan hen gerichte brief te lezen en te interpreteren. Dan ga je al gauw de mist in met conclusies die op z'n minst angst aanjagen of leiden tot onverschillige berusting. Dat hele gebeuren met God, Jezus, geloof enzo.. 't zit allemaal muurvast want het is al besloten.

Het belang van het grotere verhaal; ik kan het niet genoeg benadrukken maar het lijkt aan dovemansoren besteed. We laten onze kinderen lustig zingen: "zoals klei in de hand van de pottenbakker, zo ben jij in de hand van de Heer" en "kneed mij, Here God, ook als het soms wel eens pijn doet". De ouders zingen met een gelukzalige glimlach mee; kijk eens hoe mooi mijn koter dit al kan zingen en hij is nog niet een drie jaar. De kindertjes vervolgen hun leven met het idee dat ze niet meer zijn dan een hompje klei in de hand van de Eeuwige die daar mee doet wat Hem goeddunkt. 

Verder lezen dus. In de Romeinenbrief gaat het niet expliciet over mij, of over jou. Impliciet uiteraard wel, want we maken deel uit van een groter verhaal: In Christus verlost God allen: wat mijn volk niet was, zal ik mijn volk noemen; wie mijn geliefde niet was, zal ik mijn geliefde noemen (:25).

Dat was even wennen voor de Joden die dachten door hun aparte status een ecxlusieve plek bij de Eeuwige toegewezen te hebben gekregen.

Het is even wennen om te horen dat het Goede Nieuws inclusief is en niemand uitsluit.

Je plek op het pottenbakkerswiel delen met anderen waarvan je altijd dacht dat ze er niet bij hoorden; vanaf het begin der tijden voorzag God al in ruimte voor allen.

Die klei, gaat niet om mij

maar om jou en mij daarbij

08 maart 2023

Na de beeldenstorm

Hoe verwoord ik de enigszins dwingende uitnodiging, die Jezus als een roepen uit de verte aan zijn eerste leerlingen voorlegt, op zo'n manier dat de moderne mens begrijpt dat het gehoor geven aan dat roepen feitelijk een beslissing is om een reis te ondernemen waarbij het ontdekken van wie Hij is, centraal staat. Als Hij zegt de weg, de waarheid en het leven te zijn, wat betekent dat dan en wat gaat dat mij aan? Het leven dat Hij voorstaat en dat de volger zich gaandeweg eigen maakt, zal telkens weer opnieuw aan de vraag naar betekenis onderworpen moeten worden. 

Vrede met God, zonde, dood, nieuw leven, nieuwe schepping, liefde, geloof, bekering, vertrouwen, nog een keer dood, kapotte dingen, kapotte mensen, genezing, heling, vrede in het hart, overgave, twijfel, ongeloof, genade, een met God, verzoening, verlossing, bevrijding; even een paar woorden en begrippen die we in de Bijbel tegenkomen. Er bestaan mensen die hierover praten alsof het 1) de gewoonste zaak van de wereld is, 2) net doen alsof ze begrijpen waarover ze het hebben en 3) menen God uit hun broekzak tevoorschijn te kunnen toveren. Nou, dat gaat dus niet, hè.

Een aantal jaren geleden heb ik besloten me niet langer een beeld van God te vormen. Dat is verdraaid lastig en vrijwel onmogelijk. Alle beelden die ik door de jaren heen heb gevormd zijn een optelsom van wat ik denk, vind of voel dat God is plus wat ik meen te begrijpen uit de Bijbel, daarbij selectief die passages kiezend die me wel bevallen. Dat levert een aantal fantastische beelden op; een lieve God, een bozige God (met een kort lontje), een afstandelijke God, een nabije God, een belonende God, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar waar kom je uiteindelijk op uit? Laat God zich eigenlijk wel beschrijven of verbeelden? Het verbod op het maken van gesneden beelden helpt (Exodus 20:4-6). Een gesneden beeld is namelijk niets meer dan een subjectieve interpretatie en wordt binnen de kortste keren een idool, een afgod. Voor je het weet vergaap je je aan een karikatuur en volg je een afgod. De beeldenstorm in mijn hoofd had een gunstig effect omdat er uit de gruzelementen de vraag oprees: "wat dan wel? wat nu?"

Zo kwam en kom ik uit bij Jezus, het beeld van de onzichtbare God. God in een mens, vlees en bloed. Nu hebben we het opeens ergens over. Hij spreekt een taal die ik versta en leert mij dat al die eerdergenoemde abstracte woorden en begrippen wel degelijk iets van substantie hebben. Hij weet deze te vertalen naar verhoudingen tussen mensen onderling, tussen de mens en God maar ook de relatie tussen de mens en zijn dingen, zoals zorgen, spullen en de aarde. Wat Hij daarover te zeggen heeft, raakt mij diep. Tot in mijn ziel. Daarom volg ik. Zijn woorden transformeren. Langzaam, maar zeker. Te langzaam naar mijn zin, maar het is even niet anders.

Ik volg Hem. Niet omdat er een hemel in het vooruitzicht wordt gesteld of om weg te blijven van een of andere hel (daar bestaan ook weer talloze fantastische ideeën over, inclusief "artist impressions"), maar om wie Hij is en waar Hij voor staat. Het is zoals een van zijn leerlingen het verwoordde toen een groot aantal leerlingen besloot om de reis met Hem af te breken en Jezus aan het kleine clubje dat overbleef vroeg of ze er ook niet van tussen moesten: "Waar zouden we heengaan? U hebt woorden van (eeuwig) leven."

Daarom ook blijf ik me inzetten om het verhaal van Jezus te vertellen en hen die zich in 2023 zijn leerlingen noemen aan te moedigen en toe te rusten om te blijven volgen. Afhakers zijn er namelijk genoeg. De meeste afhakers die ik ken, haken niet van God af (dat is ook lastig met een God die maar blijft aanhaken) maar van wat het christendom van dat aanhaken heeft gemaakt (lees ook mijn waarschijnlijk nooit te verschijnen "Aanhakers: rechten, plichten en onmogelijke verwachtingen die de weg naar een geloofscrisis en het afhaken van het geloof in God vereenvoudigen"). 

Kortom, hoe dat mysterie zich zo laat verwoorden dat de mens er voldoende van begrijpt om aan te kunnen haken; het blijft een uitdaging. Toch heb ik goede moed want het is diezelfde Bijbel die mij helpt begrijpen dat de mens niet meer kan doen dan getuigen en dat het de taak van de Heilige Geest is om die voorzet in te koppen. Dat ontspant.

26 januari 2023

Wegrotten in de woestijn

Had ik toch de puinhoop aangehaald die twee oude van dagen, hun dagen slijtend met een langzaam dovende hoop op een beloofde zoon (waaruit een groot volk zou voortkomen), over hun leven hadden afgeroepen door een oplossing te fabrieken die ook vandaag op z’n minst enkele wenkbrauwen zou doen fronsen.

Omdat de beloofde zoon uitbleef en het eierdoosje van de vrouw al enige tijd leeg was, mag de man het van zijn vrouw met de huishoudster doen. Die wordt prompt zwanger en daarmee is het probleem van de onvervulde belofte opgelost totdat de bejaarde vrouw dertien jaar later op wonderbaarlijke wijze toch zwanger wordt en negen maanden later, jawel, een zoon baart.

De dynamiek van het verhaal en met name tussen de twee vrouwen verandert hierdoor, escaleert, met als uiteindelijk gevolg dat de betreffende huishoudster en haar zoon met een lunchpakket en een flesje water de woestijn in worden gestuurd. Overlevingskans: nihil. Tenzij..

De belover in het verhaal geraakt door het gestuntel van de bejaarden niet al te zeer van z’n stuk en verbreedt de gedane belofte. Die wordt nu all-inclusive. Ook de andere zoon wordt een groot nageslacht in het vooruitzicht gesteld. Twee zoons, twee volken.

Kwam er na afloop van de dienst iemand naar me toe met de vraag/stelling dat ze niet beter wist dan dat het ene grote volk de Joden waren en dat het andere grote volk de moslims waren. Zelf had ik daar met geen woord over gerept of iets in die zin gesuggereerd, maar ik realiseerde me wel dat deze gedachte representatief is voor wat menig christen geleerd is om te geloven.

Het is een logisch gevolg van het lezen van de Bijbel alsof alle verhalen vorige week zijn gebeurd. De betekenis en interpretatie worden daarbij met het grootste gemak naar de actualiteit van vandaag getrokken. De duizenden jaren die er tussen toen en nu zitten worden slinks weggewuifd of -gemoffeld. Dat scheelt namelijk een hoop geschiedenisboeken lezen. En wie zit daar op te wachten? Bovendien hebben we de experts die met hun kenniskaravanen door Nederland trekken om de gelovigen bij te spijkeren; in twee uur of in vijf avonden helemaal bijgepraat! En dat allemaal objectief en loepzuiver...

Als je onderzoek doet naar het nageslacht van Abraham kom je op het bizarre spektakel, dat we internet noemen, alle mogelijke antwoorden tegen met volgens mij de enige plausibele conclusie dat we het niet echt kunnen weten. Er is sindsdien te veel water naar de zee gestroomd.
De islam is zich pas in de zevende eeuw gaan verspreiden. De vraag of de moslims tot het nageslacht van Ismael behoren, lijkt mij daarmee beantwoord. Bovendien hangt een moslim de islam aan. Dat is een religie en niet een volk.

Frappant is echter dat het verhaal, zoals we dat vinden in Genesis 15 tot 21:21, de lezers en duiders als bijna vanzelf doen verzanden in een discussie over genealogieën, terwijl aan de kern, of de kernen van het verhaal, met de relevante tijdloze theologische en antropologische toepassing wordt voorbijgeschaatst.

Eigen karavaan notities: 

  • God eert zijn belofte en raakt niet van zijn stuk als de mens linksaf gaat waar rechtsaf de bedoeling was.   
  • De mens moet leven met de gevolgen van de keuzes die hij maakt en is er verantwoordelijk voor. 
  • Door gestuntel en misbruik van positie en macht maakt de mens slachtoffers. Die slachtoffers hebben weinig tot geen keuzes of opties en betalen de prijs: een enkeltje woestijn. 
  • In de woestijn is God dichtbij. Hij ziet en Hij hoort. Zelfs als de mens Hem niet ziet of hoort(*).
  • God lost het probleem niet, of slechts deels op.


(*) Hierom is de Bergrede en zijn de zaligsprekingen (Matteüs 5-7) relevant voor vandaag. De zaligsprekingen hebben een sterk eschatologisch karakter dat uitzicht biedt in de vaak inktzwarte werkelijkheid van situaties waarin de mens zich kan bevinden.

Illustratie: Marc Chagall, Hagar in de woestijn


17 september 2022

Hond staat op uit de dood

Naast me , op stoel 33B, zat een vrouw van middelbare leeftijd. Dat zou de komende negen uur zo blijven. Vanuit mijn ooghoek zag ik dat ze op haar telefoon naar een bekende Aziatische teledominee luisterde. Dat was meteen een aanleiding voor een zes uur durend gesprek. Ze had haar eigen "bediening" en zoals tegenwoordig te doen gebruikelijk ook al twee boeken geschreven. Alles wat je maar kunt bedenken, had ze God al zien doen. Behalve mensen uit de dood zien opstaan. "Maar wel dieren", voegde ze eraan toe. "Je bent er dus bijna," wilde ik zeggen, maar hield (wijselijk?) m'n cynische mond. Vervolgens kreeg ik in detail te horen hoe ze God aan het werk had gezien bij een bevallende teef die een van de pups schijnbaar dood had afgeleverd. Na handoplegging en een gelovig gebed kwam er leven in het dier.

Zo wisselden we over en weer verhalen uit, maar het gesprek verliep niet vanzelf en stokte regelmatig. De reden daarvoor zoek ik dan maar bij mezelf. Ik vind het lastig om een gesprek te hebben met mensen die overal een antwoord op hebben, God helemaal uit kunnen tekenen en daarbij anderen bewust of onbewust bepalen bij de zonde van hun twijfel en vragen; God en mysterie gaan immers niet samen. Een echt debat voeren waarbij je met elkaar vanuit een zoekende, vragende houding de diepten en de randen van de theologie en de werkelijkheid waarin we leven verkent, is dan onmogelijk.

Wat is er veranderd sinds Prediker deze wijze woorden sprak: Wees niet te haastig met je woorden en doe God niet overijld met heel je hart geloften. Want God is in de hemel en jij bent op aarde, dus moet je spaarzaam met je woorden zijn (5:1).

God manifesteert zich als mens in Jezus Christus. In Hem krijgt God voor het eerst gestalte en krijgen we Hem te zien. Maar dat wil dan niet zeggen dat we Hem nu wel uit kunnen tekenen. Ook naar Jezus kijkend kunnen we niet anders dan in gesprek gaan en blijven over de betekenis en relevantie van Zijn woorden. Deze proberen samen te vatten in dogma's en belijdenissen helpen ons een stuk op weg, maar als deze vervolgens geen ruimte meer laten voor verdere verkenningen en zoektochten en we ons aan deze dogma's en belijdenissen vast gaan klampen, reduceren we God daarmee tot iets wat Hij niet is: Hij laat zich niet vangen!

Aan de hand van de opgewekte pup had mijn buurvrouw een interessante conclusie over God getrokken: "God houdt net zoveel van dieren als van mensen".

Ik wilde nog zeggen dat Hij in haar praktijk de voorkeur had gegeven aan de pup, maar we waren inmiddels geland in Minneapolis.





11 juni 2022

In de aanbieding: losse suiker

Ik las ergens "100 gram suiker". Gewoon los, in het wild. Ik weet wat 100 gram is en ik weet wat suiker is, maar ik kan er verder niets mee. Gewoon los opeten misschien? Als er had gestaan "men neme 100 gram suiker" zou ik kunnen vermoeden dat de 100 gram suiker bij een recept hoort. Van een cake of iets dergelijks.

Iemand schreef dat hij God, naar de belofte in Psalm 2, om de volkeren had gevraagd en zag in het gebeuren rondom en in zijn leven van de afgelopen maanden dat God het hem nog had gegeven ook!
In Psalm 2 is het inderdaad te vinden: "Vraag het mij en ik geef je de volken in bezit, de einden der aarde in eigendom."
Er stond niet bij welke volkeren God hem had gegeven. Jammer, want nu kan ik niet kijken om te zien wat de knipper met die volkeren heeft gedaan

Zandbaktheologie waaraan ik in mijn vorige blog refereerde, is het uitknippen van heel veel stukjes uit een recept, er balletjes van maken en goed door elkaar husselen. Vervolgens kies je er "blind" vijf of tien, vouwt ze uit en maakt van de fragmentjes iets nieuws. Op het internet zijn tal van websites te vinden die de gretig zoekende gelovige dagelijks voorziet van het equivalent van 100 gram suiker. 

Al eerder schreef ik een blog over het gevaar dat schuilt in het koortsachtig knippen van stukjes uit de Bijbel om daar naar believen een heerlijk geestelijke draai aan te geven.
Helaas heeft die blog niet tot een grote verandering in het lezen, interpreteren en toepassen van het grote verhaal van God geleid. Knippen en plakken lijkt een van de grootste hobby's van de gelovigen te zijn. Niets nieuws, want het is zo oud als de schaar en het mes zelf.

Eenmaal in het bezit van een of meerdere volken, zit de knipper en plakker met een probleem. Wat nu? Het volgende vers in de psalm wordt doorgaans niet toegepast: "Jij kunt ze breken met een ijzeren staf, ze stukslaan als een aarden pot."
Dat Psalm 2 niet gaat over beloftes die de moderne gelovige zou moeten en kunnen claimen, lijkt ondergeschikt gemaakt te zijn aan de persoonlijke pastorale behoeftes en de beleving van de knipper.

Respect en eerbied voor het grote verhaal zijn de belangrijkste stappen om de contouren van God enigszins te kunnen gaan waarnemen. Zodra we de Bijbel gaan kwalificeren als "Gods liefdesbrief aan de mens", "richtsnoer voor het leven", "Openbaring van God" of wat dan ook, zijn we al van dat grote verhaal afgestapt en wordt het zicht vertroebeld, of neemt een monochrome kleur aan.
Misschien heeft de moderne mens geen tijd meer voor het verhaal. Alles om ons heen wordt grotendeels fragmentarisch beleefd en geduid. De wereld wordt er niet mooier of beter door en het individuele leven verschraalt.

Het is armoede als ik mijn beleving niet langer aan de terugkoppeling van anderen wil toetsten. Mijn beleving is immers alles. Ik beleef de 100 gram suiker op mijn manier, jij op de jouwe. 

Weg met het recept!

Lang leve de losse suiker.


18 mei 2022

God geeft niet? Eigen schuld! 7 stappen naar succesvol (verhoord) gebed?

Van Tom de Wal en de door hem en zijn vrouw Femke geleide Frontrunners had ik nog nooit gehoord totdat mij een jaar geleden werd gevraagd of ik bekend was met zijn recent verschenen boek Bidden = Ontvangen en zo ja, wat ik ervan vond. Meteen maar een exemplaar besteld en gelezen.

Het boek beoogd praktische waarheden en principes over gebed aan te reiken (15) en mengt zich niet in de theologische en filosofische vraagstukken rondom bidden en heeft daar eigenlijk ook geen boodschap aan. De Bijbel is immers duidelijk over gebed en wat de verhoring van gebeden in de weg staat. Alle denkbare tegenwerpingen en “ja maars” zijn niets minder dan leugens van de duivel die diep in het denken van de mensen geprogrammeerd zijn (30).

Het vraagt moed om in het spectrum van historische, moderne, theologische en filosofische opvattingen en interpretaties over gebed een stem te durven laten horen. Respect voor Tom, hij doet het en durft het aan, wetende dat het hoe dan ook op kritiek zal stuiten en een polariserende bijdrage levert aan de controverse rondom gebed en de verhoring van dat gebed. We raken er immers niet over uitgepraat en tegenover iedere gebedsverhoring zijn voldoende voorbeelden voorhanden van niet verhoorde gebeden. Eén ding klinkt helder door het boek heen: onverhoorde gebeden kunnen we God niet verwijten maar slechts onszelf; het ontbreekt aan geloof of men volgt niet de juiste stappen.

Het taalgebruik is helder en lekker Nederlands; niet lullen maar poetsen!  De vele grote uitspraken laten ook geen enkele twijfel bestaan over wat de Wal bedoeld. Hij zegt wat hij bedoelt en bedoelt wat hij zegt.

De opsomming van verschillende soorten gebed is verhelderend waarbij wordt aangetekend dat God ieder gebed wil verhoren maar ieder soort zijn eigen principes heeft om dat voor elkaar te krijgen (42-3).

Ondanks dat het geen theologisch werkt beoogd te zijn is theologie overal aanwezig waar de Bijbel wordt geïnterpreteerd. Als bijvoorbeeld Numeri 23:19 wordt aangehaald als bewijs dat God niet van gedachten verandert en niet kan liegen en dat daarmee het “ieder die bidt, ontvangt” wordt onderstreept als waarheid voor iedereen (78) is dat slechts een van de talloze passages waar sprake is van de overheersende retoriek die de Wal gebruikt: je kunt het niet met hem oneens zijn want het staat er toch?! Dan moet je van goede huize komen om met tegenwerpingen of vragen te komen. Maar wie wil er nu een spreekbuis van de duivel zijn? Dus houdt je wijselijk je mond. Is God het namelijk niet aan zichzelf verplicht om te doen wat Hij zegt in zijn woord? God wil wel, maar de mens staat zichzelf in de weg....

Door het boek heen onderstreept de Wal regelmatig de eigen verantwoordelijkheid van de mens. Dat is sterk, helder en ik denk dat er best wel wat gelovigen zijn voor wie een dergelijk schopje onder de kont nuttig is zeker in een tijd waarin beleving een centrale plaats is gaan innemen. Als de Wal schrijft dat de zorg voor gebedsverhoring meer bij ons ligt dan bij God, heeft hij echt wel een punt (37). 

De belofte van voorziening op bladzijde 169 is een ander voorbeeld van zandbaktheologie en inlegkunde. Paulus schrijft over de belofte dat God overeenkomstig zijn rijkdom voorzien zou in alles wat de gelovigen te Filippi nodig hadden, als reactie op hun betrokkenheid bij zijn bediening (Fil 4:19). Ze gaven regelmatig geld aan Paulus. De principes van vrijgevigheid, ontferming, barmhartigheid en gerechtigheid zijn belangrijke principes voor het leven van de christen. Deze principes worden echter omgebogen en leggen de basis voor het geven aan een bediening zodat je er zelf ook weer door gezegend wordt en terug krijgt van God.  De door de Wal gebruikte taal is manipulerend en creëert de voedingsbodem voor toekomstige groei van partners van zijn bediening: marketingtechnisch slim gedaan. Terzijde maar wel relevant: gratis boeken bestaan niet. Iemand heeft daar in geïnvesteerd. Het komt echter wel sympathiek over als iemand dingen weggeeft omdat hij/zij zo zeer gelooft in zijn/haar boodschap. De gelikte marketingmachine van Tom de Wal verdient een compliment. Daar is goed over nagedacht.

Het boek past keurig in de traditie van het welvaartsevangelie en pentecostalisme.

Mijn grootste bezwaar heeft te maken met de gebruikte analogie van een systeem waarbij het meest voor de hand liggende voorbeeld de computer is. Door dagelijks gebruik dringt ongewenste data het systeem binnen en leidt ertoe dat de computer niet langer optimaal functioneert en te maken krijgt met vastlopers en dus slechte resultaten. Slechts een harde reset kan uitkomst bieden en afrekenen met de leugens van de duivel. Na de reset wordt vanaf bladzijde 23 het nieuwe systeem opgestart door te kijken naar wat Gods woord wel zegt over gebed.

Zolang de lezer vasthoudt aan de gebruikte analogie en het kijken naar gebed als systeem klopt de Wals retoriek. Als A, A is en B, B dan moet de uitkomst wel C zijn. Wat zich buiten het systeem afspeelt is irrelevant en zijn leugens van de duivel. Als God je gebed niet verhoort ligt dat nooit aan Hem maar altijd aan de bidder. Binnen het systeem is de christen verantwoordelijk voor het niet ontvangen. De bidder:

  • kent Gods wil niet (met betrekking tot genezing kennen we immers Gods wil – Hij wil genezing (54)
  • bidt niet in geloof,
  • onderneemt geen actie,
  • wandelt niet in Zijn goddelijke liefde,
  • is niet bereid te geven aan de ander waar hij in gebed zelf om vraagt,
  • bidt vanuit een verkeerd motief,
  • bidt met een verkeerd motief of volhardt niet in het gebed.

Waarom ik denk dat de Wal de komende tijd nog groei zal zien in zijn bediening is omdat de mens van nature in systemen leeft en beweegt. Systemen maken de wereld wat overzichtelijker en vooral meetbaar – je kunt groene vinkjes en rode kruisjes zetten zodat je weet wat je te doen staat en waar je aan toe bent. Ook komt een dergelijk boek tegemoet aan het verlangen dat de meeste christenen (vermoed ik) uitzien naar een verdieping van hun geloof en streven naar het zien van de werkelijkheid van hun geloof; God die zich hier en nu manifesteert. We willen zo graag dat het allemaal werkt!

De worsteling met dat andere deel van hun werkelijkheid, waarin Gods schijnbare afwezigheid , ongekend lijden, onrecht, honger, ziekte, misbruik en wat dies meer zij, een groter deel van hun leven in beslag neemt dan een systematische benadering van het gebed, wordt echt niet opgelost door dit boek.

Een ander bezwaar is dat door de Wal’s benadering het boek vrijwel ongeschikt is om een bijdrage te leveren aan het grotere bestaande verhaal van God. Alles wat buiten het systeem valt, is immers de vijand en daarmee wordt de dialoog geblokeerd. De Wal lost het vraagstuk over het gebed niet op. Het boek is omgeven door een penetrante geur van pretentie in de volgende richting: als iedereen zich aan dit systeem zou houden, zullen we eens wat gaan zien.

De mens vergelijken met een systeem reduceert de beelddrager Gods tot iets wat hij/zij niet is. De mens is in voortdurende interactie met zichzelf, de ander, God en de omgeving. Dit is een ongekende dynamiek die zich niet laat reduceren tot een “iets”. Het leven met God is een reis waarin vallen en opstaan, triomf en tragedie, twijfel en zekerheid zich als metgezellen gewild en ongewild opdringen. Om vallen, tragedie en twijfel af te doen als zaken van de duivel en deze niet te benaderen als integraal deel van het zijn van de mens, resulteert in valse schuldgevoelens, stress en gevoelens van minderwaardigheid. De twijfel van Petrus die hem deed wegzakken in het water wordt door de Wal als klassiek voorbeeld neergezet als hoe fout het is om te zien op de omstandigheden. Dat we wat met onze omstandigheden moeten moge duidelijk zijn maar laten we alsjeblieft ruimte laten voor het geloofsproces.

Ik werk sinds 1987 voor Operatie Mobilisatie. We zijn werkzaam in meer dan 100 landen. Daar op de plekken waar men het verhaal van God niet kent worstelen mijn collega's dagelijks met het mysterie van het gebed. Mannen en vrouwen die huis en haard hebben achtergelaten om zich, gedreven door de liefde Gods, met Woord en Daad in te zetten om te zien dat het  levensveranderende goede nieuws van Jezus Christus mensen bereikt en levens transformeert.
Vooralsnog is Toms boodschap (Tom zou meteen ontkennen dat het zijn boodschap is en dat hij niet anders kan dan werken met wat er staat) een belediging aan het adres aan allen die met dagelijks met het mysterie van het gebed en de schijnbaar willekeurigheid van het handelen van God worstelen.


Tom de Wal
Bidden = Ontvangen; ontdek de 7 meest voorkomende redenen waardoor gebedsverhoring uitblijft.
ISBN 9789082957723
Uitgever: Frontrunners Media
Jaar van uitgave: 2020

19 december 2020

De weerbidders onder u!

De oproep verscheen in beeld en ik rolde het zo snel mogelijk van mijn scherm af zodat ik het niet echt zou kunnen zien of te lezen. Maar het was te laat, de schade al aangericht, mijn scherm te groot. Iemand riep vrienden op om God te bidden om een dik pak sneeuw. Dat zou fijn zijn voor de kinderen in de opgelegde lange thuisblijftijd. Of de oproeper had nagedacht over de gevolgen van een afgebeden pak sneeuw, weet ik niet. Ik vermoed en hoop dat het in een spontane, ondoordachte opwelling was gebeurd: “Help, mijn kinderen zijn vijf weken thuis; ik moet iets bedenken waardoor het leuk voor hen en voor mij blijft.”
Een doordenker kijkt namelijk wel drie keer uit alvorens een weerbidder te worden:

  1. Hoeveel bidders zijn er nodig?
  2. Hoeveel geloof is er per centimeter sneeuw nodig?
  3. Wat als er geen sneeuw valt?
  4. Wat zegt het over mijn godsbeeld?
  5. Wat bid ik voor het vrachtverkeer dat vast komt te zitten waardoor zaken zoals wc-papier op de A15 bij Arnhem ingevroren raakt? En dan hebben we het nog niet over de chauffeur die nu gedwongen in z’n uppie op een hotelkamer zit en probeert een pizza en een kapsalon te bestellen.

Aan het idee van weerbidden ligt waarschijnlijk het enigszins kinderlijke idee ten grondslag dat gebed Gods hand doet bewegen. Een soort van afstandsbediening die zich middels vurige pleidooien laat navigeren.

Als je slechts een beetje afstand neemt van het idee dat God bestaat voor mijn persoonlijke (okay, misschien ook dat van mijn familie en gezin) welzijn, welbevinden en genoegen, zie je de enorme complexiteit en onmogelijkheid van een dergelijk godsbeeld dat eerder thuishoort in de mythologie waar goden met elkaar wedijverden en onverklaarbare zaken werden toegeschreven aan bijvoorbeeld de (weer)goden. Deze goden moeten door hun subjecten gunstig gestemd worden middels gebeden en tal van hulpmiddelen. De belangen van de miljoenen biddende kinderen van God, waarvan velen in wanhoop schreeuwende zijn omdat er wel wat meer aan de hand is dan een vervelende lockdown, en hopen op een beweging van Zijn hand ten gunste van hun verzoek, zijn te tegenstrijdig. Je zou maar God zijn! Welk gebed wordt beloond met een handbeweging en wat en hoe wordt die beslissing gerechtvaardigd? Deze complexiteit wordt treffend uitgebeeld in de inmiddels klassieke film Bruce Almighty. Bruce mag de zaken een tijdje waarnemen terwijl God een welverdiende vakantie houdt. Bruce komt al heel snel tot de ontdekking dat hij niet echt geknipt is voor de taak en de zaken lopen aardig uit de hand als hij besluit om voor het gemak iedereen te geven waarom ze vragen. Als hij dan ook nog eens tot de ontdekking komt dat hij de vrouw waar hij een oogje op heeft niet kan dwingen om van hem te houden, is zijn dilemma compleet.

Een handje sneeuw uit de hemel is een cadeau voor de een en een drama voor de ander. Wie kiest? Ik niet en ik ga er ook niet om vragen. De realiteit is dat we waarschijnlijk nog wel wat sneeuw krijgen deze winter. Als dat valt zullen we er het beste van moeten maken en passen we ons aan de zegeningen die daar het gevolg van zijn aan – mooi plaatjes en sleeën-, alsook aan het drama dat we er op de koop toe bijkrijgen - doden in het verkeer, hogere energierekening en tonnen zout die in het milieu terechtkomen.

Jezus kwam om het hart van God te verbinden met het hart van de mens. Dat is de bewegende hand van God en het staat mij vrij om het aangebodene, het Leven, te aanvaarden of mijn hoofd af te wenden.

24 juli 2020

God van de leg

Het beeld van een God met een kort lontje die bij het minste en geringste van de leg raakt, in toorn ontbrandt, vuur en zwavel over Jan en alleman uitstrooit totdat die woede bekoelt, is hardnekkig en redelijk prominent aanwezig in de Bijbel. Daar hoef je echt geen geleerde voor te zijn. Die geleerden zijn er om dat beeld weg te poetsen (zij die voor hem zijn) of juist te benadrukken en versterken (zij die tegen hem zijn).

In het boek Job wordt tegen het eind een nieuwe speler opgevoerd die zich voorstelt als een tamelijk jong persoon die uit beleefdheid en respect tot nu toe z’n mond heeft gehouden en zich voelt als jonge wijn die niet kan ademen en met een buik als een volle wijnzak die bijna openbarst. De kurk gaat eraf en Elihu mag zes hoofdstukken lang ademen en openbarsten. Elihu is een beetje een opschepper die Job en z’n vrienden de les leest en daarmee feitelijk niet onderdoet voor de manier waarop Job en zijn vrienden elkaar voor rotte vis, lege woorden sprekers, zwetsers, dwazen en dergelijke om de oren slaan.

“Ik denk, ik vind, ik weet, God is dit, God is dat…”; ze geven allemaal vol gas zonder rem te beroeren.

Het probleem is en blijft dat de mens niet anders kan dan zich God voorstellen als een twee- of driedimensionale persoon en hem dezelfde eigenschappen toekennen als de mens. Met deze platte God komen we echter niet veel verder. Elihu doet een retorische poging om van dat beeld af te stappen: "Wordt God koud of warm van als de mens zondigt of wanneer je hem een handjevol goede daden als cadeautje aanbiedt?" Het verwachte antwoord van een weldenkend mens hierop zou (kunnen) zijn: “wel, als dat Hem allemaal iets zou doen zoals het ons aardlingen iets doet, doen we Hem waarschijnlijk tekort. Is God immers niet meer dan de mens?”

Puntje voor Elihu (mag ik ook iets vinden..?) Nee, zegt Elihu, “je goddeloosheid raakt mensen als jezelf, je rechtvaardigheid helpt anderen.” Ware godsdienst lijkt zich dus af te spelen op het horizontale speelveld van de aardlingen en is een vertaling van de horizontale relatie met de Eeuwige. Daarom is een boek als Job van belang. Het voorziet de zoektocht van de mens om God te duiden van de noodzakelijke brandstof en is een inleiding op de voortdurende dialoog hierover.

Het plussen en minnen waarbij de mens zich inspant om een denkbeeldige balans te verkrijgen en in stand te houden; God niet te boos of te blij te maken, is een zinloze bezigheid en leidt slechts tot onzekerheid, twijfel en angst. En als  mijn hart daar vol van is, zal zich dat vertalen naar mijn verhouding met mezelf, mijn medemens, de aarde en uiteraard God.

Ondanks z’n opschepperij ziet Elihu ook wel dat hij het vraagstuk niet kan oplossen: “als Job nu eens een pleitbezorger had, een die zijn voorspraak is, één uit duizenden”?

Voor zover ik weet en begrijp, is die pleitbezorger er ook. Niet alleen voor Job, maar voor iedereen.

De gevende mens is een beter mens

Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...