07 september 2012

Gaat een kwinkslag de verkiezingen winnen?

Hoeveel van de 43% zwevende kiezers heeft zich gebogen over de partijprogramma's van de kiesbare partijen? Ik vermoed dat het er maar weinigen zijn. Je vraagt namelijk nogal wat van jezelf: een document lezen dat tussen de 40 (VVD) en de tachtig (CU) bladzijden telt.Het programma's van de SP (50 pagina's) en de PVV (53 bladzijden) bevatten foto's zodat het oog ook wat krijgt.
Vervolgens moet je zelf nadenken over wat je nu zelf vindt. Dan kom je terecht bij de basiskeuzes die je in het leven maakt. Welke waarden zijn voor mij belangrijk? Welke normen passen daarbij (normen zijn die dingen die jij vindt als je zegt dat iemand 'normaal' moet doen)?
Ik geloof dat het feit dat we met 43% zwevende kiezers te maken hebben alles te maken heeft met gegeven dat we nog maar moeilijk weten wat we met die waarden en normen moeten.
Is het te pessimistisch om te zeggen dat we de weg kwijt zijn sinds de mens zichzelf tot norm heeft verkozen. Ik zal het uitleggen. Sjaak heeft bepaalde ideeën over wat normaal rijgedrag is. De automobilist die voor hem met 132 kilometer hardnekkig op de linkerrijstrook blijft rijden moet normaal doen: slakken horen rechts te rijden. De automobilist achter hem die irritant met z'n lichten seint moet ook normaal doen en Sjaak blijft op z'n plek: je gaat op de snelweg toch geen 150 rijden. Om de automobilist achter hem een lesje te leren blijft Sjaak zo lang mogelijk 135 voor het potentiële snelheidsmonster rijden. Alleen Sjaak rijdt normaal. Sjaak's norm is niet tot stand gekomen door een fundamentele keuze voor een bepaalde waarde, tenzij het "eigengelijk" (het gelijk omdat ik gewoon gelijk heb) een waarde is.

Normen die niet verankerd zijn in een helder mens-, gods-, en wereldbeeld zijn zwevende normen. En zwevende normen produceren zwevende kiezers. Politici proberen met hun debatten, one-liners en andere verkiezingsretoriek de zwevende kiezer over te halen om op zijn of haar partij te stemmen.
Kan ik mijn stem weggeven op basis van wat een welbespraakt politicus op de teevee of radio meldt? In dat geval wint de beste kwinkslag die nog net op het netvlies of in de gehoorgang van de zwever is blijven hangen. Wat men krijgt te zien is slechts het topje. Daaronder hangt een programma dat op termijn de kiezer in veel facetten van het leven zal raken. Om dan achteraf te moeten zeggen "ik had geen idee dat 'mijn' partij ook hiervoor stond,"is dan wel heel erg zuur.

Download de programma's van de partij(en) waar je sympathie naar uitgaat en lees dit weekend eens door waar ze echt voor staan. Dan kun je volgende week een weloverwogen hokje inkleuren. Als bonus heb je dan ook weer eens nagedacht over wat waardevol voor jou is en wat je diep van binnen echt vindt en gelooft. Mijns inziens is dat normaal.

05 september 2012

Heilige Tijd

De zichzelf agnost verklaarde A.V. Jacobs, auteur van "Een jaar leven volgens de Bijbel," heeft na zijn jaar durende experiment een aantal veranderingen in zijn leven doorgevoerd. Hoewel zijn jaar, waarin hij zo nauwgezet mogelijk alle geboden, verboden en voorschriften die de Bijbel opsomt na probeerde te leven, hem niet in een devote gelovige heeft veranderd, houdt hij nu wel een soort van sabbat: een heiligdom in tijd. Hij houdt eraan vast omdat gebleken is dat het goed voor hem en zijn gezin is.

Eugene Peterson noemt Jezus in een van zijn boeken "een notoire sabbatter." Naast de voorgeschreven sabbat pakte Jezus wanneer Hij de kans zag een "sabbatmoment." Hij trok zich regelmatig terug om tijd met de Vader door te brengen.

Contemplatie, tijd nemen om zaken te doorworstelen, verbaast staan over de grootheid en het mysterie van God, de eigen nietigheid en kleinheid zien en gewoon niets doen; Heilige Tijd is een gepaste titel voor die momenten. Ik heb ze nodig en zoek ze bewust op. Of we dat allemaal op dezelfde tijd en in eenzelfde ruimte moeten doen, daar mogen de moderne Schriftgeleerden zich over uitspreken; die discussie is ondergeschikt aan het principe. Een principe dat onderdeel is van Gods ontwerp voor de mens.

In het Westen heeft tijd uitgedrukt in geld, productie of kwaliteit, prioriteit gekregen. Tijd moet optimaal benut worden. Tijd moet gevuld worden. Daarom bestaat het bijna niet dat je met je visite in de kamer zit en en er een stilte van twee minuten valt.
Samen met een vriend ging ik op bezoek bij een Indiase vriend, die een vriend van mijn vriend was, maar nog niet van mij. Het bezoek duurde uren. Er vielen stiltes. Grote stiltes. En het was prima. Op een gegeven moment viel ik in slaap. Dat was ook prima en een nare gewoonte van me. Ik val nogal eens in slaap als ik een half uur of langer stilzit. Daarom loop ik liever.

Dat de niet westerse beleving en praktijk van "tijd" naast z'n charmes ook z'n irritante kanten heeft, moge duidelijk zijn. De charme ervaar je vooral als je er eventjes bent en aspecten ontdekt die we verloren zijn geraakt. De irritatie ervan ervaar je als je zaken probeert te doen, of een afspraak wilt maken en na wilt komen: "Jullie in het Westen hebben horloges, wij in het Oosten hebben tijd." Maar die tijd hoeft niet persé heilige tijd te zijn.
Heilige tijd gaat in essentie om plaatsbepaling en een herijking van de verhoudingen tussen God en mij, m'n omgeving en mijn relaties.Het is de tijd waarin ik zo klein ben en Hij zo groot is.


04 september 2012

Je woord stelt niets voor; je liegt

Lees hier onze nieuwsbrief

Een van de grootste teleurstellingen van het dagelijkse leven in onze huidige samenleving is dat je woord niets meer waard is. Mensen geloven mij niet en ik moet ervan uitgaan dat vrijwel niemand de waarheid spreekt (verborgen gebreken niet melden is ook liegen). Waarheid ontmoeten is een toevalstreffer geworden. Je moet het treffen. Zo heb ik onlangs een kast gekocht via Marktplaats. De kast was te goedkoop om waar te kunnen zijn. Wat bleek is dat het wel waar was! Bovendien kreeg ik bij aankomst nog een extra kast aangeboden. Voor nop. Het is een zeldzaamheid om mensen tegen te komen die een eerlijk verhaal hebben en niet persé de hoofdprijs hoeven te hebben. Zo ben ik nu de gelukkige eigenaar van een wonderschone boekenkast.

Nu overkwam me vorige week toch iets wonderbaarlijks. Met enkele collega's ging ik in Enschede uit eten. Auto geparkeerd. Twee uur parkeergeld in de hongerige en gulzige parkeerautomaat gestort en het betaalbewijs keurig achter de voorruit geplaatst. Toen we anderhalf uur later terugkeerden konden we onze verbazing maar moeilijk verhullen, en deden dat dus ook maar niet. Achter de ruitenwisser pronkte een frisse naheffing wegens het niet zichtbaar plaatsen van een betaalbewijs. Het schikkingsvoorstel is een kleine 60 euro. Misschien was de beambte overijverig en/of had het dagquotum niet gehaald, of negeert stoïcijns de reclame-uiting van Specsavers. Wat nu?
Een keurige brief geschreven en de situatie uitgelegd en het betalingsbewijs als bijlage meegestuurd. Toch schrijf ik zo'n bezwaar met weinig enthousiasme omdat de uitkomst vrijwel al vaststaat: betalen!
Ook de twee getuigen die ik opvoer zullen weinig indruk maken. Dat wordt al gauw uitgelegd als een vriendengroep die samenzweert om Twente te tillen. Nee, ik maak me weinig illusies. Het is mijn, of ons woord tegen de zogenaamde feitelijke constatering van een verlichte beambte die in dat licht van de ons dienende overheid het voordeel van elke twijfel krijgt. Het is immers dat licht tegen mijn licht. En mijn licht is natuurlijk iets minder licht. Het idee dat zijn lichtje het even niet deed kan natuurlijk niet bestaan.

Mocht het op een of andere wonderlijke wijze anders uitpakken, dan zal ik dit uiteraard op deze blog melden, en de melding doen vergezellen van een publieke spijtbetuiging van mijn kant aan het adres van Twente. Vooralsnog ga ik ervan uit dat mijn woord niet telt.
We leven helaas in een doodzieke wereld waarin quota, hoofdprijzen en sjoemelen met de waarheid regeren.

Gelukkig hebben we in Nederland betrouwbare politici die nooit met de waarheid sjoemelen of ronduit liegen. Vooral dat laatste woord is veel te groot voor politici. Nee, we kunnen met een gerust hart naar de stembus. Politici maken hun woord altijd waar.
Om die reden zal ik waarschijnlijk niet stemmen volgende week. Ik heb het wel zo'n beetje gehad. Ik geloof er niets meer van.

Een eerlijke kast voor een schappelijke prijs.
Het bestaat gelukkig nog!

03 september 2012

De Maranatha Generatie

Lees hier onze nieuwsbrief.

Het lijkt een beetje een uitstervend ras omdat het vrijwel zonder uitzondering oudere gelovigen zijn die zich zorgen maken over het lage Maranathagehalte van de gemiddelde zondagspreek. Onlangs werd ik na een dienst benaderd door een seniore gelovige die me meldde dat dit de negende preek op rij was waarin zelfs een spoortje van een heenwijzing naar de wederkomende Christus ontbrak. Dat dit hem ernstig verontrustte was van zijn gezicht af te lezen. Als het daarbij was gebleven dan was de kous daarmee ook af. Kritiek van de ontvangers van de preek op zondag is mij niet vreemd. Het zou ook onmogelijk zijn om alle individuele stokpaardjes in een preek te bevestigen.
Maar hij moest en zou zijn zorg onderbouwen: "zoals we weten zei Jezus dat er twee op het land zouden werken waarvan de een zou worden meegenomen en de ander achtergelaten" (Mat. 24). Dat had hij niet moeten doen. Ik stelde voor dat het zeer wel mogelijk is dat dit specifieke doemscenario al in 66 AD is vervuld toen de Joodse opstand in de kiem werd gesmoord en de tweede tempel werd vernietigd. Volgens Josephus werden er in deze periode 1.1 miljoen Joden gedood en een kleine honderdduizend als slaven weggevoerd.
Probeer je eens voorstellen dat de toen levende gelovigen toevallig Matteus 24 lazen. Weinigen zouden ook maar enige twijfel hebben dat dit scenario zich voor hun neus afspeelde.
Tegen beter weten in voerde ik dit als tegenargument op in mijn korte ontmoeting. Zoals ik had kunnen voorzien werd de gedachte weggewuifd en met een enigszins verwrongen blik verliet de broeder het pand.

Regelmatig hoor ik medegelovigen zeggen dat we nu "echt" in de eindtijd leven: "kijk maar," voegen ze er dan aan toe. Dat de eindtijd al ruim 2000 jaar echt is, ontgaat hen. Maar ook hebben ze gelijk. Als de eindtijd een einde heeft, zitten we daar altijd dichterbij dan gisteren.
Zoiets als "Jan gaat dood" 51 jaar geleden waar was en vandaag nog net zo waar. Alleen wordt het actueler naarmate ik ouder word.

Ik vraag me vaak af wat eindtijdbevestiging zoekende en -vindende gelovigen bezielt. Waarom bevestiging zoeken voor iets dat al een feit is? Is het niet slimmer om met een groepje verwante zoekers, in plaats van steeds maar op zoek te zijn naar bewijzen voor het feit dat Anton Kraaistem niet kan zingen, geld op te halen zodat hij, of zanglessen kan gaan nemen, of de opgehaalde som als zwijggeld wordt aangewend.

Wat mij vooral verontrust is dat het erop lijkt dat complete volksstammen met gelovigen zich bezighouden met allerlei bijzaken terwijl de wereld hard op weg is naar een definitief einde zonder ooit de boodschap van hoop, verandering en vernieuwing te horen. De wereld heeft het harder nodig om de Maranatha boodschap voorgeleefd te zien en te horen dan de christenen. Die weten dat allang.

03 juli 2012

Geloof XXL

Als je aan een groep gelovigen vraagt wie er van zichzelf vindt dat hij of zij een groot geloof heeft, zul je niet snel iemand spontaan een hand in de lucht zien gooien om daarmee aan te geven dat hij of zij zich in de premier league bevind. Is dat misschien valse bescheidenheid of een oprechte erkenning dat het geloof wat aan de krappe kant is? In Marcus 9 verwondert Jezus zich over het kleingeloof van zijn volgelingen en vraagt zich verzuchtend af hoeveel hij daarvan nog kan verdragen. Toch wordt kleingeloof niet door Jezus afgeserveerd. Het tegendeel lijkt in het verhaal over de doofstomme jongen waar. De vader van de jongen die uitroept, "ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp," ziet als reactie op deze uitspraak (en de toestromende menigte) Jezus in actie komen die met dat kleine brokje geloof een wonder verricht.
Groot geloof komen we ook tegen. 
De Kananese vrouw gelooft dat, hoewel Jezus in eerste instantie voor het volk Israël kwam (dat was in het verhaal in Matteüs 16 zijn agenda), er best wel wat kruimels op de grond zouden vallen waar ze haar voordeel mee kon doen. Haar dicht Jezus een groot geloof toe.
De uitspraak van Romeinse officier die het niet persé nodig vindt dat Jezus in situ zou moeten zijn om zijn zoon te genezen, en dat een woord van Jezus op afstand meer dan voldoende is, wordt als groot geloof gekwalificeerd (Mat. 8).

Geloof laat zich maar moeilijk meten. Probeer je geloof maar eens op een glijdende schaal van 0 tot 100 te plaatsen. Waar tref je jezelf aan?




Hoe maak je dat geloof nu concreet? Waar hebben we het over? Het heeft bitter weinig te maken met een innerlijke opgewerkte kracht. Geloof is hartstikke onzichtbaar (de zekerheid van de dingen die we niet zien). Geloof in de context van deze blog heeft alles te maken met hoe groot ik denk dat Jezus is. Die grootheid, macht, kracht en majesteit kan ik belijden met m'n verstand; mijn hart zegt vaak "maar ik moet nog maar zien dat het ook gebeurd."
Hartstochtelijk schaar ik me onder de kleingelovigen. Het geloof ligt wel groot in de mond maar in mijn hart is sprake van schaarste.


Dietrich Bonhoeffer schreef: "Geloven is niet voor eens en altijd/ Geloof is het dagelijks brood dat God ons geeft. Of we ontvangen het elke dag opnieuw, of het schimmelt weg. Een dag is lang genoeg om je geloof vast te houden. Elke nieuwe dag dient een nieuwe worsteling aan om ons een weg te banen door alle ongeloof, kleingeloof,  vaagheid en verwarring. Elke dag begint met: 'Here, ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp"


Het is een groot wonder om te zien wat Jezus met dat kleine, broze geloof kan doen. Daar kan ik de dag mee door!

02 juli 2012

30 jaar

Vandaag 30 jaar getrouwd. Op gepaste wijze gevierd met een lange wandeling over de kop van Schouwen en een biefstukkie bij Gauchos aan de Maas.


20 juni 2012

Engelen oordelen

Vanmorgen vroeg ik aan mijn baas hoeveel engelen hij dacht te gaan oordelen als alles op aarde tot een eind gekomen is. Volgens Paulus zullen we engelen oordelen. Hij gebruikt dit als argument om de onzin aan te tonen van christenen die elkaar naar de rechter slepen om allerlei disputen. We zouden beter moeten weten, met name wanneer beide partijen in hun levens de principes van het koninkrijk van God hanteren. Wanneer deze worden doorgevoerd zouden we mogelijke disputen onder elkaar op kunnen lossen.
Het bloed kruipt echter waar het niet gaan kan en de praktijk is dan ook weerbarstiger. Leugen, bedrog en oplichting komt ook in het gezin van God voor. Ego meets Ego.

Terug naar de vraag hoeveel engelen mijn baas denkt te zullen gaan of moeten oordelen. "Hopefuly not too many," glimlachte hij.
Het is een vraag die in het verlengde ligt van de gedachte dat we met Christus zullen regeren.
Het meest waarschijnlijke scenario is dat Christus oordeelt en regeert en omdat we "in hem zijn" zullen we met hem regeren en/of oordelen. Net zoals mijn voeten, handen, haren en blaren (na een forse wandeling)  met mij zij en blijven, waar ik ook ga.
Ik vind het een geruststellende gedachte: "In Hem." Mocht het anders gaan dan voorzie ik enkele logistieke problemen waaronder de allocatie van bosjes engelen aan individuele oordelers. Dat gaat denk ik niet echt werken.
Ik kan me ook maar moeilijk verplaatsen in de denkwereld van hen die menen dat we letterlijk engelen zullen gaan oordelen en een stukje aarden en universum gaan besturen. Als de nieuwe hemel en de nieuwe aarde in volle glorie en volmaaktheid bestaan, valt er ook niet zo bar veel te besturen. De zelfregulatie binnen het koninkrijk treedt dan in werking en regeerder zullen waarschijnlijk vaak duimen zitten draaien, veel solitaire spelen of een boek lezen omdat er niet bar veel te besturen valt.

Hoe dan ook, iedere voorstelling van "hoe het zou zijn" is niets meer dan speculatie. Ik wacht rustig af.


17 juni 2012

Glimlachende God

Onlangs deed een medepelgrim de volgende uitspraak: "Normaal gesproken is het hier bewolkt maar God heeft uit liefde voor jullie vandaag glimlachend de wolken weggetrokken zodat jullie kunnen genieten van het uitzicht."
Meteen moest ik denken aan hen die zonder onze aanwezigheid een andere bewolkte dag hadden moeten genieten. 
Wat als het die dag had geregend? Zou God die regen dan met een glimlach over ons hebben uitgestort?
Gelukkig hebben we daar in onze duiding van Zijn ondwingbare wil vaktaal ontwikkeld.
  • Het is Zijn onvoorwaardelijke liefde en genade voor ons die de goede dingen regelt (zoals deze onbewolkte dag).
  • Het is Zijn wijsheid die de  mindere omstandigheden dicteert (we vroegen om zon maar God heeft anders besloten)
  • Het is Zijn onnavolgbare wil die rampspoed bestiert.
Met andere woorden: het is altijd goed en altijd Zijn wil, ook al is het nog zo pijnlijk. De redenaties hierboven zijn constructies die we gebruiken om nog iets van perspectief te houden).

Fatalistisch denken komt veel voor in de beleving van christenen. Onlangs bezocht ik een vriend die al jaren met kanker worstelt. Het ging al weken goed en net toen ik haar opzocht had ze hoge koorts en bleek uit haar bloedwaarden dat de kanker weer actief was.
Door haar tranen heen vroeg ze me of ik geloofde dat dit een aanval van satan was omdat het al zo lang goed met haar ging. Op zo'n moment breekt mijn hart. Ze staat niet alleen in deze redenering/conclusie. Deze gaat ongeveer zo: Het gaat lange tijd goed met ons. De duivel ziet dat en zet, uiteraard met goedkeuring van God, de aanval in. We hebben immers Job als voorbeeld om te begrijpen hoe lijden werkt?
Voorbeelden in de Bijbel worden te gemakkelijk gereduceerd of opgewaardeerd tot modellen.

Mijn theodicee is wellicht aan de simpele kant maar helpt mij wel om voor- en tegenspoed te duiden: 
Als het regent worden we allemaal nat. Het grote verschil dat Christus maakt is de manier waarop we op die nattigheid reageren.
Het idee dat God het wolkendek weghoudt omdat Hij zoveel van mij houdt is eerder een gevolg van Westers individualistisch denken (God als privé butler waarbij mijn welbevinden centraal staat) dan van gezond theologisch denken.

14 juni 2012

Wie is "Zij"?

OM zou meer dit en minder dat. OM is goed in dit en niet zo goed in dat. Weet je wat ze moeten doen? Ze zitten er helemaal naast.
Wie zijn ze? Ze zijn "wij" met een nadruk op "zij". En die "zij" zijn "wij."
Eerst was ik gewoon ik maar sinds ik deel uitmaak van het Int. Exec. ben ik wij en voor de niet wij-en ben ik zij. Hoewel mij op het hart gedrukt wordt dat als men over "zij" praat dat niet persé ook over mij zou gaan. Want ik ben ook nog een beetje van hen; die andere zij.
Affijn, hoe je het ook wendt of keert uiteindelijk zijn we met elkaar wij. Zodra er in termen van wij en zij gedacht wordt heb je al een potentieel probleem.
Wij de jongeren, zij de ouderen.
Wij de vrouwen, zij de mannen
Wij de blanken, zij de zwarten
Wij van de Global North en zij van de Global South.

Ook kom ik "ikken" tegen. De zij in hun verhaal zijn echt alle anderen (in een organisatie of een kerk bijv.). Waarom deze "ikken" dan blijven hangen? Vaak om een simpele reden: Buiten "zij" is er helemaal niets meer. De zij is hun ik gaan bepalen. Oplossing: zij zou ik zo snel mogelijk moeten laten gaan. Dat is beter voor ons en voor ik.

"I fucked up"

Waarheid in spinnenrag. In 1968 landde de Japanse piloot Kohei Asoh, het vliegtuig dat hij bestuurde per ongeluk in de San Francisco Bay i...