Ik ben "Life Together" van Bonhoeffer aan het herlezen. Bonhoeffer doet een poging om 1) te definiëren wat "gemeenschap" is en 2) die gemeenschap praktisch invulling te geven.
Gemeenschap is geen ideaal, maar een realiteit, is een van zijn stellingen. De vraag is wat voor realiteit dat dan is. Het is in ieder geval een theologische realiteit. Of die realiteit zich ook daadwerkelijk manifesteert in een gebroken wereld waarin het ego meer uit is op de vervulling van de behoefte tot fysieke nabijheid van anderen is op zijn minst interessant om wat verder te verkennen.
Bonhoeffer onderkent het spanningsveld tussen enerzijds het emotionele verlangen van de mens om nabij de ander te zijn en anderzijds de diepere behoefte aan geestelijke gemeenschap. Dat eerste verlangen wordt wat al te gemakkelijk afgedaan als een zielsverlangen (dus aards, werelds en vleselijk) en voor het tweede onderneemt hij een poging om de randvoorwaarden te omschrijven die van belang zijn voor het creëren van die geestelijke gemeenschap.
Hij creëert hier een dichotemie die mijns inziens onterecht is. Ziel en Geest worden tegenover elkaar gezet als verschillende belangen dienend waarbij, om tot ware gemeenschap te komen, de ziel aan het kortste eind zou moeten trekken.
Dus de randvoorwaarden. Een christelijke gemeenschap is dat pas als:
1. de Christen niet langer redding en rechtvaardiging in zichzelf zoekt, maar alleen in Christus.
2. Christenen tot elkaar komen door Christus: Hij is onze vrede.
3. de Christen begrijpt dat hij Hem toebehoort. Met de ander en voor alle eeuwigheid.
Het abstractieniveau gaat hier in het kwadraat omhoog. Ik kan het theologisch begrijpen maar er ontbreekt iets in het mensbeeld van Bonhoeffer. Je leest niets over wat het werk van Christus voor gevolgen heeft voor de totale mens; de mens die je niet kunt opdelen in stoffelijke en geestelijke stukjes. Is de mens niet één; geschapen naar het beeld van God, die één is?
Het ontkennen of negeren van de menselijke, emotionele kant van het mens-zijn leidt helaas tot een vrijwel onmogelijk uit te voeren opdracht.
Toch heeft Bonhhoeffer getracht om het gestalte te geven. Het tweede deel van zijn boek gaat over "de dag in gemeenschap," waarin de nadruk ligt op de verwezenlijking van die geestelijke gemeenschap. Hoewel goed te volgen is deze moeilijk, zo niet onmogelijk uitvoerbaar in welke setting dan ook.
Bonhoeffer's antwoord was om die geestelijke gemeenschap met liturgie te vullen. Liturgische gebeden, bijbellezingen, gezangen leggen vanzelf de nadruk op de hemelse zaken zodat de aandacht als vanzelf daar naar toe gaat en er geen tijd of gelegenheid is om van mens tot mens met elkaar te spreken. De verhouding is een stukje van de ene mens tot een stukje van de andere mens. Het beeld is niet kompleet. Het is onaf.
Dat wil niet zeggen dat het boek meteen door de papiervernietiger kan. Integendeel! Het is een van de betere boeken over het duiden van de gemeenschap die God voor ogen heeft en zit vol met parels die tot nadenken stemmen.
Mijn persoonlijk conclusie met betrekking tot "geestelijke gemeenschap" is dat of het nu John Wesley's "bands" betreft, Bonhoeffer's "gemeinschaft" of Jospeh Myers's "search to belong;" iedere poging om tot een ware geestelijke gemeenschap te komen zijn experimenten.
De mens blijft zoeken naar betekenisvolle aansluiting met anderen. Die is niet gemakkelijk te vinden, maar hij is er wel. Er zijn momenten dat je denkt het gevonden te hebben. Geef het een paar maanden en je ontdekt dat je er toch nog niet bent. Wat dan nodig is is het geloof in de door Bonhoeffer genoemde basis. Uiteindelijk is dat wat ons verbindt. Mensen die het als ideaal blijven zoeken, hebben eerder een destructief aandeel in het bouwen van zo'n gemeenschap dan dat ze er aan meewerken, zegt Bonhoeffer. Mensen die het zien als een theologische realiteit kunnen op de een of andere manier leven met de gebrokenheid die zich in het pogen om tot gemeenschap te komen manifesteert. Het onderkennen van gebrokenheid van de ander alsook het onderkennen dat de eigen gebrokenheid even groot, zo niet groter is dan die van de ander, maakt het al een stuk eenvoudiger om tot geestelijke gemeenschap te komen
Over religie, kerk, christendom, verbazing, mijmeringen en gebeurtenissen tijdens mijn omzwervingen door binnen- en buitenland. Vragend en onderzoekend. Dit is een persoonlijk blog en wat ik schrijf is dan ook niet representatief voor de organisatie waarvoor ik werk of voor de kerk waar ik lid van ben.
Posts tonen met het label ziel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ziel. Alle posts tonen
16 januari 2013
06 juni 2012
Spiritualiteit voor gevorderden
De titel zegt het al. Deze blog is dus niet voor mensen die slechts een algemene interesse in spiritualiteit hebben, noch voor beginners of enigszins ervaren gebruikers.
Nee, deze is voor de die-hards. Voor hen die een niveau hebben bereikt dan hen meent te doen geloven dat ze gevorderden zijn. Wie kwalificeert zich dan? Alleen zij die weten dat ze gevorderden zijn. Ben je nog aan het lezen? Dan weet je dat je erbij hoort. Welkom.
Maar wat is nu precies spiritualiteit?
Een kort bochtje leert dat het te maken heeft met de mate waarin de mens zich verbonden weet met zijn ziel.
En daar gaat het mis. Want wat de ziel is, daar zijn de geleerden het niet over eens en ik zal een poging om de ziel te duiden achterwege laten om de toch al wazige discussie niet nog ondoorzichtiger te maken.
Er is meer. Meer wat? Meer aanbiedingen bij AH? Meer hagelslag? Wanneer mensen zeggen dat er meer is, koppelen we dat, waar het de fysieke wereld betreft, meestal wel aan het transcendente, het onzichtbare, het buitenaardse. Vaak gaat dat samen met de erkenning dat de mens meer is dan een optelsom van water, botten, brein en bloed.
Maar wanneer is iemand nu spiritueel? Is dat wanneer iemand er openlijk voor uitkomt dat hij/zij gelooft dat er meer is en tijd doorbrengt in een poging om dat 'meer' te doorgronden? En hoe meer inspanningen worden geleverd, hoe spiritueler iemand is?
Is spiritualiteit het quasi antwoord op de moeite die men heeft om te geloven dat de mens niet meer is dan water en botten. Dat willen de 'water en botten gelovers' de spirituelen doen geloven. Spiritualiteit zou daarmee een ontkenning van het aardse, het tijdelijke, zijn; een simpele uitweg voor hen die weigeren te geloven dat de mens en de wereld niet meer zijn dan wat in de vier dimensies bestaat.
Toen God de mens de adem inblies werd de mens een levende ziel (Genesis), groter dan materie en beelddrager Gods. Het is juist het zielestempel van God dat de mens doet uitstijgen boven botten en water. En de mens, dolende sinds hij moedwillig de verbinding verbrak, zoekt naar herstel; naar de verbinding van hart tot hart, ziel tot ziel. De mens zoekt naar Leven.
Dorst.
Misschien is dat wel de kern van spiritualiteit; het antwoord op de vraag waarom.
Jezus wist dat. Hij kwam om dorst te lessen. Als iemand dorst heeft, dan mag hij komen.".. wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft" (Joh. 4).
Ik heb niets en niemand anders gevonden die deze eeuwige dorst kan lessen dan alleen Jezus.
Als er al sprake kan zijn kan spiritualiteit voor gevorderden dan zou dat hen kwalificeren die ontdekt hebben dat er niets te vinden is in de eigen ziel en dat deze gevuld dient te worden met het Levende water dat Jezus aanbiedt. Dan is een gevorderde iemand die met lege handen en een lege ziel op Jezus afstapt en vraagt om deze te vullen.
Nee, deze is voor de die-hards. Voor hen die een niveau hebben bereikt dan hen meent te doen geloven dat ze gevorderden zijn. Wie kwalificeert zich dan? Alleen zij die weten dat ze gevorderden zijn. Ben je nog aan het lezen? Dan weet je dat je erbij hoort. Welkom.
Maar wat is nu precies spiritualiteit?
Een kort bochtje leert dat het te maken heeft met de mate waarin de mens zich verbonden weet met zijn ziel.
En daar gaat het mis. Want wat de ziel is, daar zijn de geleerden het niet over eens en ik zal een poging om de ziel te duiden achterwege laten om de toch al wazige discussie niet nog ondoorzichtiger te maken.
Er is meer. Meer wat? Meer aanbiedingen bij AH? Meer hagelslag? Wanneer mensen zeggen dat er meer is, koppelen we dat, waar het de fysieke wereld betreft, meestal wel aan het transcendente, het onzichtbare, het buitenaardse. Vaak gaat dat samen met de erkenning dat de mens meer is dan een optelsom van water, botten, brein en bloed.
Maar wanneer is iemand nu spiritueel? Is dat wanneer iemand er openlijk voor uitkomt dat hij/zij gelooft dat er meer is en tijd doorbrengt in een poging om dat 'meer' te doorgronden? En hoe meer inspanningen worden geleverd, hoe spiritueler iemand is?
Is spiritualiteit het quasi antwoord op de moeite die men heeft om te geloven dat de mens niet meer is dan water en botten. Dat willen de 'water en botten gelovers' de spirituelen doen geloven. Spiritualiteit zou daarmee een ontkenning van het aardse, het tijdelijke, zijn; een simpele uitweg voor hen die weigeren te geloven dat de mens en de wereld niet meer zijn dan wat in de vier dimensies bestaat.
Toen God de mens de adem inblies werd de mens een levende ziel (Genesis), groter dan materie en beelddrager Gods. Het is juist het zielestempel van God dat de mens doet uitstijgen boven botten en water. En de mens, dolende sinds hij moedwillig de verbinding verbrak, zoekt naar herstel; naar de verbinding van hart tot hart, ziel tot ziel. De mens zoekt naar Leven.
Dorst.
Misschien is dat wel de kern van spiritualiteit; het antwoord op de vraag waarom.
Jezus wist dat. Hij kwam om dorst te lessen. Als iemand dorst heeft, dan mag hij komen.".. wie het water drinkt dat ik hem geef, zal nooit meer dorst krijgen. Het water dat ik geef, zal in hem een bron worden waaruit water opwelt dat eeuwig leven geeft" (Joh. 4).
Ik heb niets en niemand anders gevonden die deze eeuwige dorst kan lessen dan alleen Jezus.
Als er al sprake kan zijn kan spiritualiteit voor gevorderden dan zou dat hen kwalificeren die ontdekt hebben dat er niets te vinden is in de eigen ziel en dat deze gevuld dient te worden met het Levende water dat Jezus aanbiedt. Dan is een gevorderde iemand die met lege handen en een lege ziel op Jezus afstapt en vraagt om deze te vullen.
Abonneren op:
Posts (Atom)
De gevende mens is een beter mens
Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...

