Vanmorgen kwam ik het drie keer tegen: een bijwoord vervangen door een werkwoord. Het staat zo lelijk dat je er zelfs een beetje misselijk van wordt. Op christelijke fora kom je het regelmatig tegen. Daar reageert men nogal eens in gebiedende wijs op elkaar: "Als jij je Bijbel nu is ging lezen." Of een citaatje van Koosje die op het CIP Jan Smit en andere popuitingen in de ban doet (het is niet duidelijk of Koos het schrijft of de redacteur - wat nog kwalijker zou zijn: "Het wordt is tijd dat iemand is zegt: 'Kappen nou. Wat een bende. Stoppen met die ellende." De verleden tijd zou dan zijn: "Het werd was tijd dat iemand was zei."
Als je dan al iemand wil aanmoedigen of gebieden om de Bijbel te lezen, normaal te doen of wat dan ook, doe het dan in fatsoenlijk Nederlands: "Ga de Bijbel eens lezen," en "Doe zelf eens normaal, man."
Het is trouwens een lekker veilig woord: eens. Het is een bepaling van tijd maar zegt je niet wanneer. Als iemand me opdraagt om "eens normaal te doen," kan ik met het hand op mijn hart zeggen dat ik vastbesloten ben om dat eens te gaan doen. En dan lieg ik niet. Dat dit "normaal doen" voor mij waarschijnlijk in de verre toekomst ligt, doet niets af van mijn vaste besluit om dat "eens" te doen.
Vergeef me mijn moment van taalpurisme. Als iemand de basisbeginselen van de Nederlandse taal niet beheerst, ken ik dat wat die beste man of vrouw schrijft onherroepelijk minder gezag toe. Als zichzelf voortbewegende amateurtheologen, die menen het lezende volk te moeten zegenen met korte woordstudies vanuit het Grieks of Hebreeuws, dat doen zonder de taal van moeder te beheersen heb ik helemaal zo'n sterk "ga jij eerst maar is op taalcursus" gevoel.
Over religie, kerk, christendom, verbazing, mijmeringen en gebeurtenissen tijdens mijn omzwervingen door binnen- en buitenland. Vragend en onderzoekend. Dit is een persoonlijk blog en wat ik schrijf is dan ook niet representatief voor de organisatie waarvoor ik werk of voor de kerk waar ik lid van ben.
09 april 2013
03 april 2013
Wat mag ik redelijkerwijs van God verwachten?
Naar aanleiding van mijn Blog van gisteren over vermeende beenverlengingen en sommige reacties daarop rijst de vraag wat we redelijkerwijs van God mogen verwachten ten aanzien van onze gezondheid.
Jaren geleden vroeg een jongeman mij om te bidden dat hij geen last meer zou hebben van lustgevoelens. Ik heb hem toen verteld dat ik daar niet voor kon bidden omdat het impliciet betekent dat ik God zou vragen om hem minder mens te maken; zoiets als bidden tegen verkoudheid wat eigenlijk betekent dat je vraagt of God de gezonde en levensreddende afweermechanismen die Hij onderdeel van zijn ontwerp voor de mens heeft gemaakt, uit wil schakelen. Het zou een onredelijke gebed zijn.
En nu we steeds ouder worden en onherroepelijk te maken krijgen met ouderdomskwalen is het idee dat we in opperste gezondheid en met buitengewone soepelheid de 98 halen en stillekens in onze slaap overlijden niet geheel realistisch noch redelijk. Ja we kennen de uitzonderlijke verhalen van die enkele man en vrouw die in dat profiel past maar de meesten van ons zullen slechts hijgend, kruipend of rollend die eindstreep halen.
De plaats die de evangelist Johannes wonderen toekent is dat de bedoeling ervan is dat de mens gelooft dat Jezus de Christus is, de zoon van God (Johannes 20:31).
De vraag naar wonderen is dan ook legitiem; het je ernaar uitstrekken ook. Waar we het meest moeite mee hebben is de vraag waarom we relatief weinig wondertekenen zien (afgezien van het wonder van iedere nieuwe dag, de zon die opkomt, het wonder van de lente enz.). We wijzen dan al snel naar onszelf, naar anderen of naar het collectief: als ik nu eens meer geloof had, als hij/zij nu eens meer geloof had, als zij (meervoud) nu eens meer geloof demonstreerden... Vervolgens wordt dat aan schuld gekoppeld; collectief boete doen zou de sleutel tot de ontsluiting van het wonder van meer wonderen zijn. Zo zitten we voordat we het weten in een spiraal die zichzelf in stand houdt en een verklaring biedt voor het niet in vervulling gaan van bijvoorbeeld profetieën; we zouden niet aan de voorwaarden voldoen!
Wat ook wel helpt om het een en ander in een breder perspectief te zien is als we de vraag naar een andere context verplaatsen. Een vluchteling uit Syrië heeft een andere wondervraag dan de gemiddelde consument die winkelend door de koopgoot op zoek is naar dingen die hij waarschijnlijk niet eens echt nodig heeft. Of een van mijn collega's die nu al weken in de gevangenis zit omwille van haar geloof. Tegenover het wonder van de vrijlating van enkelen staat een veelvoud van "mislukte" gebeden. Om dan een collectief, een kerk of wat dan ook daarvan de schuld te geven is onredelijk.
Al met al is en blijft het een groot mysterie. Door het werk van Christus is het niet langer een zaak van het verdienen van de gunst van de Heer. Die gunst is permanent door het geloof en de werking van de genade. Iedere andere gedachte of theorie doet het werk van Christus tekort.
Het grootste wonder is als we hebben mogen leren om met alle omstandigheden genoegen te nemen. Als "Immanuel" niet langer "Immanuel" is vervliegt alle hoop om hier op aarde dat "God met ons" in en door alle omstandigheden te ervaren. Dat gebed is een redelijk gebed. Omstandigheden maken de mens hard of zacht, zuur of zoet, boos of dankbaar. Op velen beukt het leven onevenredig hard en zonder pardon in op gezondheid en omstandigheden. Het recht om dan te verzuren, te verharden, boos en verbitterd te raken is hen gegund. Om dan toch zacht te kunnen eindigen, dat is pas een wonder. Al het andere dat wordt gegeven is een onverdiende bonus.
Jaren geleden vroeg een jongeman mij om te bidden dat hij geen last meer zou hebben van lustgevoelens. Ik heb hem toen verteld dat ik daar niet voor kon bidden omdat het impliciet betekent dat ik God zou vragen om hem minder mens te maken; zoiets als bidden tegen verkoudheid wat eigenlijk betekent dat je vraagt of God de gezonde en levensreddende afweermechanismen die Hij onderdeel van zijn ontwerp voor de mens heeft gemaakt, uit wil schakelen. Het zou een onredelijke gebed zijn.
En nu we steeds ouder worden en onherroepelijk te maken krijgen met ouderdomskwalen is het idee dat we in opperste gezondheid en met buitengewone soepelheid de 98 halen en stillekens in onze slaap overlijden niet geheel realistisch noch redelijk. Ja we kennen de uitzonderlijke verhalen van die enkele man en vrouw die in dat profiel past maar de meesten van ons zullen slechts hijgend, kruipend of rollend die eindstreep halen.
De plaats die de evangelist Johannes wonderen toekent is dat de bedoeling ervan is dat de mens gelooft dat Jezus de Christus is, de zoon van God (Johannes 20:31).
De vraag naar wonderen is dan ook legitiem; het je ernaar uitstrekken ook. Waar we het meest moeite mee hebben is de vraag waarom we relatief weinig wondertekenen zien (afgezien van het wonder van iedere nieuwe dag, de zon die opkomt, het wonder van de lente enz.). We wijzen dan al snel naar onszelf, naar anderen of naar het collectief: als ik nu eens meer geloof had, als hij/zij nu eens meer geloof had, als zij (meervoud) nu eens meer geloof demonstreerden... Vervolgens wordt dat aan schuld gekoppeld; collectief boete doen zou de sleutel tot de ontsluiting van het wonder van meer wonderen zijn. Zo zitten we voordat we het weten in een spiraal die zichzelf in stand houdt en een verklaring biedt voor het niet in vervulling gaan van bijvoorbeeld profetieën; we zouden niet aan de voorwaarden voldoen!
Wat ook wel helpt om het een en ander in een breder perspectief te zien is als we de vraag naar een andere context verplaatsen. Een vluchteling uit Syrië heeft een andere wondervraag dan de gemiddelde consument die winkelend door de koopgoot op zoek is naar dingen die hij waarschijnlijk niet eens echt nodig heeft. Of een van mijn collega's die nu al weken in de gevangenis zit omwille van haar geloof. Tegenover het wonder van de vrijlating van enkelen staat een veelvoud van "mislukte" gebeden. Om dan een collectief, een kerk of wat dan ook daarvan de schuld te geven is onredelijk.
Al met al is en blijft het een groot mysterie. Door het werk van Christus is het niet langer een zaak van het verdienen van de gunst van de Heer. Die gunst is permanent door het geloof en de werking van de genade. Iedere andere gedachte of theorie doet het werk van Christus tekort.
Het grootste wonder is als we hebben mogen leren om met alle omstandigheden genoegen te nemen. Als "Immanuel" niet langer "Immanuel" is vervliegt alle hoop om hier op aarde dat "God met ons" in en door alle omstandigheden te ervaren. Dat gebed is een redelijk gebed. Omstandigheden maken de mens hard of zacht, zuur of zoet, boos of dankbaar. Op velen beukt het leven onevenredig hard en zonder pardon in op gezondheid en omstandigheden. Het recht om dan te verzuren, te verharden, boos en verbitterd te raken is hen gegund. Om dan toch zacht te kunnen eindigen, dat is pas een wonder. Al het andere dat wordt gegeven is een onverdiende bonus.
02 april 2013
Het mysterie van de beenverlengingen
Het kon niet uitblijven; ik moet mijn ei even kwijt aangaande vermeende beenverlengingen. Een fenomeen dat ik zou categoriseren onder de noemer "instap wonderen." Als er een basiscursus gebedsgenezing zou bestaan dan zal de beenverlenging in hoofdstuk 1 aan bod moeten komen. Iedereen kan het en de inmiddels talloze claims op beenwonderen kunnen niets anders dan het publiek ervan overtuigen dat dit toch wel een bijzonder fenomeen is. Zelf heb ik nog nooit iemand gesproken met een aangegroeid been die de kunstmatige hakverhoger aan de wilgen heeft kunnen hangen. Slechts 2,2% van de Hollanders heeft een verschil dat groter is dan 15mm en zou klachten kunnen krijgen. Een verschil tot 15 mm zou geen problemen opleveren (bron). Vannacht lag ik over de vragen van het leven te mijmeren en de beenverlenging kwam langs.Ik vroeg me af waarom altijd het te korte been gemaand wordt langer te worden. Kan het te lange been ook korter gebeden worden als dat de (esthetische voorkeur) van de zieke heeft? Wie heeft besloten dat het te korte been de boosdoener is?
Een tweede vraag die opborrelde was waarom mensen genezen zouden worden van iets waar ze absoluut geen last hebben.
Totdat iemand mij overtuigend bewijs levert, inclusief door artsen geautoriseerde röngenfoto's van de voor en na situatie, denk ik er zo het mijne van en gooi het op een hype. Mocht het bewijs geleverd worden, dan zal ik publiekelijk mijn ongeloof en zonde belijden.
Een lichaam is voortdurend in beweging, ook als het stil zit. Een minimale beweging of verplaatsing van het lichaam kan gemakkelijk een optische variatie in vermeende beenlengte teweegbrengen. Een keertje hoesten of diep zuchten; op een lengte van 180 cm is een halve centimeter dan niets.
Tot zover mijn sceptische kijk op de zaak.
Het is twee dagen na Pasen waarin we in het bijzonder stilstaan bij de opstanding van Christus uit de dood. De kracht die van dit wonder uitgaat werkt 2000 jaar later nog door. Iedere dag opnieuw besluiten wereldwijd gemiddeld 100.000 mensen om deze Christus te gaan volgen. De aanleiding kan zomaar een vermeende beenverlenging zijn. Zonder de opstanding betekent zoiets helemaal niets; op een beenverlenging, of welk ander wonder dan ook, kun je je geloof niet bouwen. Het is dankzij de kracht van de opstanding dat het aantal volgelingen van Christus blijft toenemen. Het is een kracht die niet te stoppen is. Neem de opstanding van me af en ik houd niets meer over. In de opstanding wordt alles wat Christus heeft gedaan effectief; wordt geactiveerd. Zonder opstanding blijft niet alleen mijn been tekort maar alles. Vergeving, verlossing, bevrijding, rechtvaardiging en heiliging ontlenen hun kracht en werkelijkheid aan de opstanding van Christus. Gek eigenlijk dat ik voor een beenverlenging om bewijs vraag terwijl ik voor het meest onmogelijke wonder geen bewijs nodig heb. Dat geloof staat als een huis. De kracht ervan werkt dagelijks diep in mijn binnenste en doet mijn hart kloppen met de woorden: Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft,...
Een tweede vraag die opborrelde was waarom mensen genezen zouden worden van iets waar ze absoluut geen last hebben.
Totdat iemand mij overtuigend bewijs levert, inclusief door artsen geautoriseerde röngenfoto's van de voor en na situatie, denk ik er zo het mijne van en gooi het op een hype. Mocht het bewijs geleverd worden, dan zal ik publiekelijk mijn ongeloof en zonde belijden.
Een lichaam is voortdurend in beweging, ook als het stil zit. Een minimale beweging of verplaatsing van het lichaam kan gemakkelijk een optische variatie in vermeende beenlengte teweegbrengen. Een keertje hoesten of diep zuchten; op een lengte van 180 cm is een halve centimeter dan niets.
Tot zover mijn sceptische kijk op de zaak.
Het is twee dagen na Pasen waarin we in het bijzonder stilstaan bij de opstanding van Christus uit de dood. De kracht die van dit wonder uitgaat werkt 2000 jaar later nog door. Iedere dag opnieuw besluiten wereldwijd gemiddeld 100.000 mensen om deze Christus te gaan volgen. De aanleiding kan zomaar een vermeende beenverlenging zijn. Zonder de opstanding betekent zoiets helemaal niets; op een beenverlenging, of welk ander wonder dan ook, kun je je geloof niet bouwen. Het is dankzij de kracht van de opstanding dat het aantal volgelingen van Christus blijft toenemen. Het is een kracht die niet te stoppen is. Neem de opstanding van me af en ik houd niets meer over. In de opstanding wordt alles wat Christus heeft gedaan effectief; wordt geactiveerd. Zonder opstanding blijft niet alleen mijn been tekort maar alles. Vergeving, verlossing, bevrijding, rechtvaardiging en heiliging ontlenen hun kracht en werkelijkheid aan de opstanding van Christus. Gek eigenlijk dat ik voor een beenverlenging om bewijs vraag terwijl ik voor het meest onmogelijke wonder geen bewijs nodig heb. Dat geloof staat als een huis. De kracht ervan werkt dagelijks diep in mijn binnenste en doet mijn hart kloppen met de woorden: Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft,...
18 maart 2013
Bouwen aan team
Er waren eens vijf koningen die met veel succes hun koninkrijken bestuurden. De onderdanen waren gelukkig en deden allemaal keurig hun werk en betaalden zelfs graag belasting. De koninkrijken hadden goede naam en faam in de gehele regio. De koninkrijken waren los van elkaar en in verschillende tijdsperioden onstaan en leefden in vrede en wederzijds respect met elkaar. Af en toe ondernamen ze samen veldtochten of deden andere waardevolle en leuke dingen met elkaar.
Naarmate de koninkrijken sterker werden deden de koningen een ontdekking. Ze dienden een gelijkwaardig doel (ze leefden vooral van de houthandel) en bedachten dat ze samen sterker zouden staan en het doel effectiever zouden kunnen bereiken als ze de handen ineen sloegen. Het product was eender alleen het soort hout verschilde per koninkrijk. Zo besloten de koningen op een dag dat ze samen een team zouden vormen. Een team waarvan ieder lid op zich prima in staat was om zijn houthandel voort te zetten en uit te breiden maar desondanks ervoor koos om zijn krachten te bundelen met die van de andere koningen.
Hoe functioneert en groeit zo'n groep leiders als Team? Dat is de opdracht die we onszelf hebben gegeven voor vandaag en morgen. We zijn met dat team ergens in de Schotse rimboe en aan mij is de taak om dit proces te faciliteren. Zo zie ik mijn rol binnen deze groep zeer capabele mensen die geloven dat het geheel meer is dan de som er delen.
Human Resource is volop in ontwikkeling en binnen OM kiezen we voor een integrale benadering waarin alle aspecten die met het welbevinden, de ontwikkeling en groei van alle werkers en de organisatie met elkaar verbonden worden.
Ik hoop en bid dat deze dagen hout snijden.
15 maart 2013
Simplificeren
Waarom ik wat minder blog? Of zelfs helemaal niet (meer)?
Simpel:
1) De wereld zit niet te wachten op mijn gedachtegoed.
2) Ik stoor me aan wat er via de Christelijke Sociale Media door Jan en alleman aan tot algemene waarheden verheven persoonlijke kneuterigheden en dommigheden de wereld wordt ingeslingerd.
3) Christenen kunnen niet debatteren en dat is iets waar ik wel behoefte aan heb. De anonimiteit en afstand van de sociale media doet menig christen besluiten om fatsoensnormen te negeren en zich te verlagen tot het uitwisselen van de rotte vis van generalisaties en theologische quatsch.
4) Er zijn overigens lichtende voorbeelden van mannen en vrouwen die wel substantieel weten te reageren. Wie namen wil van deze personen kunnen deze per mail van mij krijgen. Over het algemeen zijn dit personen die wat meer gepokt en gemazeld in het leven staan en geleerd hebben om zichzelf niet al te serieus te nemen.
Hoe dan ook, 2, 3 en 4 doen er eigenlijk niet zo toe. Ik ben deze Blog ooit begonnen toen broeders en zusters van de Brandaris vroegen hoe ze concreet voor me konden bidden als ik weer een voor een paar weken de wereld inging om Christus te prediken. Het was de bedoeling dat de Blog vier weken zou bestaan. dat is wat langer geworden.
Vandaag vertrek ik naar Engeland. Morgen een dag met al onze Area Short Term Officers. Zondag tot en met dinsdag een off-site in Schotland met de Internationale HR staf en woensdag tot vrijdag van 's-morgens vroeg tot 's-avonds laat vergaderingen en individuele gesprekken met HR medewerkers. Ik heb er zin in want het draait allemaal om mensen in ons werk. Hoe ze zich tot elkaar verhouden en effectief samenwerken aan de gezamenlijke missie. Leidinggeven bestaan voor meer van de helft uit communicatie. Best wel lastig als je leiding geeft aan een virtueel team. Slechts twee keer per jaar zijn we als team bij elkaar. Dit is een van die twee keer.
Simpel:
1) De wereld zit niet te wachten op mijn gedachtegoed.
2) Ik stoor me aan wat er via de Christelijke Sociale Media door Jan en alleman aan tot algemene waarheden verheven persoonlijke kneuterigheden en dommigheden de wereld wordt ingeslingerd.
3) Christenen kunnen niet debatteren en dat is iets waar ik wel behoefte aan heb. De anonimiteit en afstand van de sociale media doet menig christen besluiten om fatsoensnormen te negeren en zich te verlagen tot het uitwisselen van de rotte vis van generalisaties en theologische quatsch.
4) Er zijn overigens lichtende voorbeelden van mannen en vrouwen die wel substantieel weten te reageren. Wie namen wil van deze personen kunnen deze per mail van mij krijgen. Over het algemeen zijn dit personen die wat meer gepokt en gemazeld in het leven staan en geleerd hebben om zichzelf niet al te serieus te nemen.
Hoe dan ook, 2, 3 en 4 doen er eigenlijk niet zo toe. Ik ben deze Blog ooit begonnen toen broeders en zusters van de Brandaris vroegen hoe ze concreet voor me konden bidden als ik weer een voor een paar weken de wereld inging om Christus te prediken. Het was de bedoeling dat de Blog vier weken zou bestaan. dat is wat langer geworden.
- Ik ga me beperken tot wat de oorspronkelijk bedoeling van de Blog was. Ik heb namelijk het gebed van anderen nodig. Ik geloof erin (meestal). Denk ik.
- Ik ga vereenvoudigen. Het gaat om Christus. Als volgende week in de Terp drie kinderen worden opgedragen zal ik spreken over de uitspraak van Christus: "Laat de kinderen tot Mij komen, verhinder ze niet want voor hen is het Koninkrijk." Prachtige tekst die zoveel over God zegt. In Christus krijgt God eindelijk een gezicht. En het is een mooi gezicht.
Vandaag vertrek ik naar Engeland. Morgen een dag met al onze Area Short Term Officers. Zondag tot en met dinsdag een off-site in Schotland met de Internationale HR staf en woensdag tot vrijdag van 's-morgens vroeg tot 's-avonds laat vergaderingen en individuele gesprekken met HR medewerkers. Ik heb er zin in want het draait allemaal om mensen in ons werk. Hoe ze zich tot elkaar verhouden en effectief samenwerken aan de gezamenlijke missie. Leidinggeven bestaan voor meer van de helft uit communicatie. Best wel lastig als je leiding geeft aan een virtueel team. Slechts twee keer per jaar zijn we als team bij elkaar. Dit is een van die twee keer.
26 februari 2013
Selectief tegelen
Ik las zojuist wat afrondende instructies aan het eind van een brief die een inmiddels overleden gelovige schreef aan een groepje volgelingen van Jezus die wel wat aanmoediging kon gebruiken. Van de veertien instructies hebben enkele het delftsblauwe tegeltje gehaald (zie bovenste plaatje). Een aantal zal het delftsblauwe tegeltje echter nooit halen. Dus heb ik ze zelf maar gemaakt. Je kunt ze uitprinten en over een bestaande spreuk heenplakken. En waarom ook niet? Waarom de ene instructie wel en de ander niet? Bovendien, door selectief te werk te gaan ontstaat een uit balans geraakt totaalpakket; ervan uit gaande dat alle instructies door de dode schrijver als gelijkwaardig zijn neergezet en bedoeld.
Die selectie heeft denk ik te maken met in welke mate het wat raakt in het leven van de selecteur. Zo zal het bovenste tegeltje het hart raken en verwarmen terwijl de andere tegeltjes of de portemonnee raken (er een gaatje in branden), een beroep doen op het moreel besef van de lezer of op de verantwoordelijkheid die we naar en voor elkaar hebben. Oftewel, de een doet pijn terwijl de ander kietelt en een zacht gekietel is meestal prettiger dan pijn lijden. Ik sta een gelijkwaardige behandeling van alle instructies voor. Hieronder de vier tegeltjes die ik heb gefabriekt. De vijfde is leeg. Die kun je knippen, plakken en vullen met tekst De overige tien instructies zijn te vinden in 1 Thes. 5.
Die selectie heeft denk ik te maken met in welke mate het wat raakt in het leven van de selecteur. Zo zal het bovenste tegeltje het hart raken en verwarmen terwijl de andere tegeltjes of de portemonnee raken (er een gaatje in branden), een beroep doen op het moreel besef van de lezer of op de verantwoordelijkheid die we naar en voor elkaar hebben. Oftewel, de een doet pijn terwijl de ander kietelt en een zacht gekietel is meestal prettiger dan pijn lijden. Ik sta een gelijkwaardige behandeling van alle instructies voor. Hieronder de vier tegeltjes die ik heb gefabriekt. De vijfde is leeg. Die kun je knippen, plakken en vullen met tekst De overige tien instructies zijn te vinden in 1 Thes. 5.
![]() |
18 februari 2013
Beklommen kunst
Er lag een briefje op de gootsteen. Of ik de kleren en de schoenen, die in de wasmachine zaten, in de droger wilde doen. De kleren en de schoenen bleken van twee vrienden van Martijn. De drie bivakkeerden bij ons.
De twee vrienden hadden een nat pak gehaald.
Hoe? Waar? Wanneer? Waarom?
Het antwoord bleek vanzelfsprekender dan in eerste instantie gedacht.
Onlangs heeft het een aantal gemeentegeesten goed gedacht om onder het Kleinpolderplein een "overstort" te bouwen die in tijden van hevige regenval als een bufferopvang kan dienen om het te vele water tijdelijk op te vangen. Regen stopt en het water uit de overstort loopt vervolgens gemoedelijk op eigen tempo naar de daarvoor bestemde sloten, kanalen en andere watertjes.
Om het een en ander wat op te leuken bedachten dezelfde geesten dat een saaie stortbak best wel een kunstwerkje kan gebruiken.
Kunst, en daar zit meteen de vanzelfsprekendheid van het natte pak in, moet betast, beroken, beleeft en, waar mogelijk, beklommen worden.
Dat de betreffende kunst in de stortbak is geplaatst is derhalve niet verwonderlijk en naar mijn bescheiden mening behoort kunst ook niet te gemakkelijk toegankelijk zijn; er moet wel iets overbrugd worden. Het bevordert de beleving.
Van nature ben ik niet zo super reflecterend. Ik leer bij voorkeur door dingen te doen en laat de reflectie graag aan anderen over. Die reflectie kan ik dan vervolgens lezen en daar wellicht iets van leren.
Omdat de schoenen het beste gedroogd kunnen worden middels een oude en beproefde manier (volstoppen met gelezen stukken Volkskrant) ontkwam ik niet aan het doen van enige reflecterende oefeningen waarbij twee vragen centraal stonden: 1) wat is gebeurd? en 2) zijn er parallelle belevingen en toepassingen te bedenken.
De epifanie was de gedachte dat als ik zondags in een kerk spreek, de sprong die het publiek dient te maken om mijn niet zo kunstig gevonden verdichtselen te benaderen, bijzonder klein is. Wat is dat anders als de te maken sprong zo groot is dat het (kunst)werk niet bereikt wordt maar dat de elementen (water en lucht in dit voorbeeld) de strijd om winst met overtuiging beslechten?
Dan heb je een probleem en zou een vorm van "tussenkunst" handig zijn.
Wat is nu de link tussen deze blog en God?
Een van Martijns vrienden, zo bleek een paar uur eerder, had nog nooit een Bijbel gelezen maar wel 736 vragen over God. Hoe zit het precies met die Bijbel? Is dit (de Bijbel die ik haar gaf (een mooie rode echt leergebonden NIV)) de samenvatting van die 66 boeken of is het een van die 66 boeken? Is het chronologische van opbouw? Wie heeft besloten dat deze 66 boeken 'het' zijn? En zo voorts.
Kan iemand "neutraal" tegenover God, de Bijbel en/of Jezus staan? Het lijkt me moeilijk. Anderen hebben invloed op de samenstelling van de elementen die zich tussen mij en het kunstwerk bevinden (het water is koud en de lucht rondom ons Kleinpolderplein stinkt). De bottomline is dat als ik het kunstwerk wil, ik uiteindelijk de sprong waag. Pas dan wordt de ervaring echt en authentiek.
Bedankt Thomas en Emily Jane voor deze geweldige les! En bedankt Martijn en Ruben. Jullie vrienden zijn nooit saai!
De twee vrienden hadden een nat pak gehaald.
Hoe? Waar? Wanneer? Waarom?
Het antwoord bleek vanzelfsprekender dan in eerste instantie gedacht.
Onlangs heeft het een aantal gemeentegeesten goed gedacht om onder het Kleinpolderplein een "overstort" te bouwen die in tijden van hevige regenval als een bufferopvang kan dienen om het te vele water tijdelijk op te vangen. Regen stopt en het water uit de overstort loopt vervolgens gemoedelijk op eigen tempo naar de daarvoor bestemde sloten, kanalen en andere watertjes.
Om het een en ander wat op te leuken bedachten dezelfde geesten dat een saaie stortbak best wel een kunstwerkje kan gebruiken.
Kunst, en daar zit meteen de vanzelfsprekendheid van het natte pak in, moet betast, beroken, beleeft en, waar mogelijk, beklommen worden.
Dat de betreffende kunst in de stortbak is geplaatst is derhalve niet verwonderlijk en naar mijn bescheiden mening behoort kunst ook niet te gemakkelijk toegankelijk zijn; er moet wel iets overbrugd worden. Het bevordert de beleving.
Van nature ben ik niet zo super reflecterend. Ik leer bij voorkeur door dingen te doen en laat de reflectie graag aan anderen over. Die reflectie kan ik dan vervolgens lezen en daar wellicht iets van leren.
Omdat de schoenen het beste gedroogd kunnen worden middels een oude en beproefde manier (volstoppen met gelezen stukken Volkskrant) ontkwam ik niet aan het doen van enige reflecterende oefeningen waarbij twee vragen centraal stonden: 1) wat is gebeurd? en 2) zijn er parallelle belevingen en toepassingen te bedenken.
De epifanie was de gedachte dat als ik zondags in een kerk spreek, de sprong die het publiek dient te maken om mijn niet zo kunstig gevonden verdichtselen te benaderen, bijzonder klein is. Wat is dat anders als de te maken sprong zo groot is dat het (kunst)werk niet bereikt wordt maar dat de elementen (water en lucht in dit voorbeeld) de strijd om winst met overtuiging beslechten?
Dan heb je een probleem en zou een vorm van "tussenkunst" handig zijn.
Wat is nu de link tussen deze blog en God?
Een van Martijns vrienden, zo bleek een paar uur eerder, had nog nooit een Bijbel gelezen maar wel 736 vragen over God. Hoe zit het precies met die Bijbel? Is dit (de Bijbel die ik haar gaf (een mooie rode echt leergebonden NIV)) de samenvatting van die 66 boeken of is het een van die 66 boeken? Is het chronologische van opbouw? Wie heeft besloten dat deze 66 boeken 'het' zijn? En zo voorts.
Kan iemand "neutraal" tegenover God, de Bijbel en/of Jezus staan? Het lijkt me moeilijk. Anderen hebben invloed op de samenstelling van de elementen die zich tussen mij en het kunstwerk bevinden (het water is koud en de lucht rondom ons Kleinpolderplein stinkt). De bottomline is dat als ik het kunstwerk wil, ik uiteindelijk de sprong waag. Pas dan wordt de ervaring echt en authentiek.
Bedankt Thomas en Emily Jane voor deze geweldige les! En bedankt Martijn en Ruben. Jullie vrienden zijn nooit saai!
![]() |
| De "goot" in het midden is echt wel toegankelijk. Beetje springen en hop, of op de goot, of in het water. |
15 februari 2013
Help, ik zie vlekken
Stel je voor dat iemand zijn of haar blinde vlekken of vlekjes niet ziet. Dat zou niet zo heel vreemd zijn want daarom heten ze ook zo. Iedereen heeft van deze vlekken: gedrag dat anderen irriteert; patronen die het gevolg kunnen zijn van trauma's, of gewoon zaken die je tot een minder pruimbaar mens maken dan je zou kunnen zijn. De meest effectieve manier om erachter te komen welke blinde vlekken er in je leven zijn is anderen er naar vragen.
Het "ik sta open voor opbouwende kritiek" mondt maar al te vaak uit in het optrekken van een ondoordringbare verdedigingsmuur door de ontvanger van de kritiek. Over het algemeen staan we er minder voor open dan we denken.
Onlangs heb ik een 360 graden evaluatie ondergaan. Vrijwillig en op eigen verzoek. Ik weet dat ik die blinde vlekken heb, wil ze ontdekken en, waar mogelijk, aanpakken.
Het eerst waar je naar kijkt, als je de analyse van de data afkomstig van 12 naaste medewerkers en goede vrienden in je mailbox aantreft, is de top tien en het tweede waar je naar kijkt zijn de onderste tien scores. Je probeert objectief te blijven maar ongewild voel je meteen de behoefte om jezelf te verdedigen: "ik kan het uitleggen." Het devies is: niet doen! Je hebt erom gevraagd en nu moet je er ook iets mee doen.
Sommige zaken vind ik echter prima en wil ze eigenlijk wel houden zoals ze zijn. Een van mijn lage scores is dat ik weinig ambitieus ben. Dat klopt helemaal en vind dat ook niet zo erg.
Een andere lage score is dat ik geneigd ben om zaken af te raffelen. De grote lijn staat op papier en nu verwacht ik dat de wereld het wel begrijpt en dat de inkleuring en afwerking wel zo'n beetje vanzelf gebeurd.
Waar anderen het heerlijk vinden om zaken uit te rollen en systemen en structuren te implementeren, kost dat mij bijzonder veel moeite. Gelukkig ben ik gezegend met een bijzonder team waarin collega's zitten die dat heel goed kunnen en hoef ik me er niet al te druk om te maken. Ik delegeer het met veel genoegen. Echt een blinde vlek kun je het niet noemen omdat ik het al heel lang van mezelf weet.
Kwalijker is het wanneer mensen hun blinde vlekken niet willen zien. Men vraagt om feedback maar wanneer die feedback geleverd wordt breekt de pleuris uit en is de feedback-gever de gebeten hond! Met alle gevolgen voor de werk- en vriendschapsrelatie tot gevolg. Dus houden we onze mond. Omwille van het instant houden van de pais en vree.
Uiteindelijk zijn we beter af wanneer we ons hart openen voor feedback. Dat vraagt echter om een keuze vooraf: ben ik bereid om mijn verdedigingsmuur te laten zakken? Want alleen met een geslechte muur ben ik benaderbaar en bereikbaar. Dan kan verandering plaatsvinden en kan de pais en vree op een diepere, intensere manier worden beleefd. Met de ander en het zelf. Een stukje dichter naar hoe God het oorspronkelijk voor ons heeft bedoeld.
Hier een link naar het zogenaamde "Johari Raam" zoals we dit in de mentoring clinic gebruiken.
Het "ik sta open voor opbouwende kritiek" mondt maar al te vaak uit in het optrekken van een ondoordringbare verdedigingsmuur door de ontvanger van de kritiek. Over het algemeen staan we er minder voor open dan we denken.
Onlangs heb ik een 360 graden evaluatie ondergaan. Vrijwillig en op eigen verzoek. Ik weet dat ik die blinde vlekken heb, wil ze ontdekken en, waar mogelijk, aanpakken.
Het eerst waar je naar kijkt, als je de analyse van de data afkomstig van 12 naaste medewerkers en goede vrienden in je mailbox aantreft, is de top tien en het tweede waar je naar kijkt zijn de onderste tien scores. Je probeert objectief te blijven maar ongewild voel je meteen de behoefte om jezelf te verdedigen: "ik kan het uitleggen." Het devies is: niet doen! Je hebt erom gevraagd en nu moet je er ook iets mee doen.
Sommige zaken vind ik echter prima en wil ze eigenlijk wel houden zoals ze zijn. Een van mijn lage scores is dat ik weinig ambitieus ben. Dat klopt helemaal en vind dat ook niet zo erg.
Een andere lage score is dat ik geneigd ben om zaken af te raffelen. De grote lijn staat op papier en nu verwacht ik dat de wereld het wel begrijpt en dat de inkleuring en afwerking wel zo'n beetje vanzelf gebeurd.
Waar anderen het heerlijk vinden om zaken uit te rollen en systemen en structuren te implementeren, kost dat mij bijzonder veel moeite. Gelukkig ben ik gezegend met een bijzonder team waarin collega's zitten die dat heel goed kunnen en hoef ik me er niet al te druk om te maken. Ik delegeer het met veel genoegen. Echt een blinde vlek kun je het niet noemen omdat ik het al heel lang van mezelf weet.
Kwalijker is het wanneer mensen hun blinde vlekken niet willen zien. Men vraagt om feedback maar wanneer die feedback geleverd wordt breekt de pleuris uit en is de feedback-gever de gebeten hond! Met alle gevolgen voor de werk- en vriendschapsrelatie tot gevolg. Dus houden we onze mond. Omwille van het instant houden van de pais en vree.
Uiteindelijk zijn we beter af wanneer we ons hart openen voor feedback. Dat vraagt echter om een keuze vooraf: ben ik bereid om mijn verdedigingsmuur te laten zakken? Want alleen met een geslechte muur ben ik benaderbaar en bereikbaar. Dan kan verandering plaatsvinden en kan de pais en vree op een diepere, intensere manier worden beleefd. Met de ander en het zelf. Een stukje dichter naar hoe God het oorspronkelijk voor ons heeft bedoeld.
Hier een link naar het zogenaamde "Johari Raam" zoals we dit in de mentoring clinic gebruiken.
05 februari 2013
In Ierland
Nou, daar zijn we dan. In Ierland en dag 2 van de mentoringclinic. Een gretige groep die veel heeft bij te dragen. Zojuist mentoring gelinkt aan Prediker en met name aan de arme boer die zich afvraagt waar hij zich z'n hele leven zo voor inspant. Bij gebrek aan familie realiseert hij zich dat er niemand is die baat heeft bij de vrucht van zijn arbeid.
Waar doe ik het voor? Voor wie doe ik wat ik doen?
Als het alleen voor het zelf is, is de kans groot dat de uitkomst is dat deze persoon niet zo heel erg happy is met zichzelf of het leven in het algemeen.
Als het is met de bedoeling om te delen met anderen is de kans groot dat deze persoon een redelijk niveau van happiness in zijn of haar leven kent.
Het gaat niet expliciet om het delen van geld en goederen. Het gaat om het delen van de door God gegeven gaven en talenten. En als je er vanuit dit perspectief naar kijkt heeft iedereen altijd wat te geven!
Overigens is het hier koud, nat, winderig en is het ook nog eens gaan sneeuwen. Alle stereotiepen betreffende Ierland worden bevestigd. Behalve de zon. Die schijnt zichtbaar vandaag; af en toe tussen wat wolken door.
Waar doe ik het voor? Voor wie doe ik wat ik doen?
Als het alleen voor het zelf is, is de kans groot dat de uitkomst is dat deze persoon niet zo heel erg happy is met zichzelf of het leven in het algemeen.
Als het is met de bedoeling om te delen met anderen is de kans groot dat deze persoon een redelijk niveau van happiness in zijn of haar leven kent.
Het gaat niet expliciet om het delen van geld en goederen. Het gaat om het delen van de door God gegeven gaven en talenten. En als je er vanuit dit perspectief naar kijkt heeft iedereen altijd wat te geven!
Overigens is het hier koud, nat, winderig en is het ook nog eens gaan sneeuwen. Alle stereotiepen betreffende Ierland worden bevestigd. Behalve de zon. Die schijnt zichtbaar vandaag; af en toe tussen wat wolken door.
Abonneren op:
Posts (Atom)
De gevende mens is een beter mens
Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...






