Het kon niet uitblijven; ik moet mijn ei even kwijt aangaande vermeende beenverlengingen. Een fenomeen dat ik zou categoriseren onder de noemer "instap wonderen." Als er een basiscursus gebedsgenezing zou bestaan dan zal de beenverlenging in hoofdstuk 1 aan bod moeten komen. Iedereen kan het en de inmiddels talloze claims op beenwonderen kunnen niets anders dan het publiek ervan overtuigen dat dit toch wel een bijzonder fenomeen is. Zelf heb ik nog nooit iemand gesproken met een aangegroeid been die de kunstmatige hakverhoger aan de wilgen heeft kunnen hangen. Slechts 2,2% van de Hollanders heeft een verschil dat groter is dan 15mm en zou klachten kunnen krijgen. Een verschil tot 15 mm zou geen problemen opleveren (bron). Vannacht lag ik over de vragen van het leven te mijmeren en de beenverlenging kwam langs.Ik vroeg me af waarom altijd het te korte been gemaand wordt langer te worden. Kan het te lange been ook korter gebeden worden als dat de (esthetische voorkeur) van de zieke heeft? Wie heeft besloten dat het te korte been de boosdoener is?
Een tweede vraag die opborrelde was waarom mensen genezen zouden worden van iets waar ze absoluut geen last hebben.
Totdat iemand mij overtuigend bewijs levert, inclusief door artsen geautoriseerde röngenfoto's van de voor en na situatie, denk ik er zo het mijne van en gooi het op een hype. Mocht het bewijs geleverd worden, dan zal ik publiekelijk mijn ongeloof en zonde belijden.
Een lichaam is voortdurend in beweging, ook als het stil zit. Een minimale beweging of verplaatsing van het lichaam kan gemakkelijk een optische variatie in vermeende beenlengte teweegbrengen. Een keertje hoesten of diep zuchten; op een lengte van 180 cm is een halve centimeter dan niets.
Tot zover mijn sceptische kijk op de zaak.
Het is twee dagen na Pasen waarin we in het bijzonder stilstaan bij de opstanding van Christus uit de dood. De kracht die van dit wonder uitgaat werkt 2000 jaar later nog door. Iedere dag opnieuw besluiten wereldwijd gemiddeld 100.000 mensen om deze Christus te gaan volgen. De aanleiding kan zomaar een vermeende beenverlenging zijn. Zonder de opstanding betekent zoiets helemaal niets; op een beenverlenging, of welk ander wonder dan ook, kun je je geloof niet bouwen. Het is dankzij de kracht van de opstanding dat het aantal volgelingen van Christus blijft toenemen. Het is een kracht die niet te stoppen is. Neem de opstanding van me af en ik houd niets meer over. In de opstanding wordt alles wat Christus heeft gedaan effectief; wordt geactiveerd. Zonder opstanding blijft niet alleen mijn been tekort maar alles. Vergeving, verlossing, bevrijding, rechtvaardiging en heiliging ontlenen hun kracht en werkelijkheid aan de opstanding van Christus. Gek eigenlijk dat ik voor een beenverlenging om bewijs vraag terwijl ik voor het meest onmogelijke wonder geen bewijs nodig heb. Dat geloof staat als een huis. De kracht ervan werkt dagelijks diep in mijn binnenste en doet mijn hart kloppen met de woorden: Jezus leeft, Jezus leeft, Jezus leeft,...
Over religie, kerk, christendom, verbazing, mijmeringen en gebeurtenissen tijdens mijn omzwervingen door binnen- en buitenland. Vragend en onderzoekend. Dit is een persoonlijk blog en wat ik schrijf is dan ook niet representatief voor de organisatie waarvoor ik werk of voor de kerk waar ik lid van ben.
Posts tonen met het label bewijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bewijs. Alle posts tonen
02 april 2013
21 januari 2013
Ik ben er echt van overtuigd
Geloof is de manifestatie van een aanname. Geen geloof is dat ook. Geloof in God vloeit voort uit de aanname dat "er iets is." Geen geloof vloeit voort uit de aanname dat "er niets is" buiten het waarneembare en empirische aantoonbare.
De Tessalonicenzen werden geprezen om hun geloof in de boodschap die "geladen was met de kracht van de Heilige Geest en gebaseerd op een vaste overtuiging" (1 Thes. 1:5).
Enerzijds was er sprake van een manifestatie en anderzijds die vaste overtuiging.
Aan een vaste overtuiging gaat altijd een aanname vooraf. De aanname "Er is meer" doet de mens zoeken naar dat meer in de hoop iets te vinden dat verdedigbaar is en een bepaalde logica bevat. Dan kun je het namelijk uitleggen.
Het bestaan van "meer" kun je niet empirische staven, net zomin als het niet bestaan van dat "meer." De bewijslast voor "meer" wordt gezocht in de "supernatuur," waarbij psychologie, emotie en spiritualiteit een belangrijke rol spelen. Omdat dit echter geen tastbare zaken zijn is het gebruik ervan als bewijs op z'n zachtst gezegd dunnetjes.
De groep die meent dat slechts dat, wat middels onderzoek aangetoond en bewezen kan worden werkelijkheid is, gaat echter ook uit van een of meerde aannames. Die aanname leidt tot een overtuiging.
Discussies tussen de "er is meer" en de "er is niets meer" kampen gaat helaas maar al te vaak over de manifestaties en te weinig over de aannames. Om die discussie te voeren is er meer nodig dan gescherpte zwaarden van dogma's, 'bewijzen' en (drog)redenen.
De discussie over aannames kan slechts worden gevoerd wanneer men bereid is om van mens tot mens met elkaar te spreken. Van hart tot hart omdat je hoe dan ook altijd uitkomt bij het on(be)grijpbare. En dat vraagt om nederigheid; klein willen worden. Kleiner dan de ander. De zelfverheffing van de een boven de ander maakt een echt gesprek onmogelijk omdat er dat stemmetje in het achterhoofd zegt dat je tafelgenoot eigenlijk aan een vorm van achterlijkheid lijdt: een achterlijke gelovige of een achterlijke ongelovige.
Het is mij een raadsel waarom geloof en wetenschap zo faliekant tegenover elkaar zijn komen te staan. In de bijbeltijd voerde de strijd zich vooral op het filosofische vlak af waarbij met name het gesprek ging over de aannames. Dat blijven interessante discussies. Echter, als het zwaartepunt van een discussie zich verplaatst naar het elkaar om de oren slaan met "bewijzen," is de lol en de mens er van af.
Kortom, ik heb behoefte aan een normaal gesprek met de ander die mij op z'n minst als gelijkwaardig ziet en behandelt.
De Tessalonicenzen werden geprezen om hun geloof in de boodschap die "geladen was met de kracht van de Heilige Geest en gebaseerd op een vaste overtuiging" (1 Thes. 1:5).
Enerzijds was er sprake van een manifestatie en anderzijds die vaste overtuiging.
Aan een vaste overtuiging gaat altijd een aanname vooraf. De aanname "Er is meer" doet de mens zoeken naar dat meer in de hoop iets te vinden dat verdedigbaar is en een bepaalde logica bevat. Dan kun je het namelijk uitleggen.
Het bestaan van "meer" kun je niet empirische staven, net zomin als het niet bestaan van dat "meer." De bewijslast voor "meer" wordt gezocht in de "supernatuur," waarbij psychologie, emotie en spiritualiteit een belangrijke rol spelen. Omdat dit echter geen tastbare zaken zijn is het gebruik ervan als bewijs op z'n zachtst gezegd dunnetjes.
De groep die meent dat slechts dat, wat middels onderzoek aangetoond en bewezen kan worden werkelijkheid is, gaat echter ook uit van een of meerde aannames. Die aanname leidt tot een overtuiging.
Discussies tussen de "er is meer" en de "er is niets meer" kampen gaat helaas maar al te vaak over de manifestaties en te weinig over de aannames. Om die discussie te voeren is er meer nodig dan gescherpte zwaarden van dogma's, 'bewijzen' en (drog)redenen.
De discussie over aannames kan slechts worden gevoerd wanneer men bereid is om van mens tot mens met elkaar te spreken. Van hart tot hart omdat je hoe dan ook altijd uitkomt bij het on(be)grijpbare. En dat vraagt om nederigheid; klein willen worden. Kleiner dan de ander. De zelfverheffing van de een boven de ander maakt een echt gesprek onmogelijk omdat er dat stemmetje in het achterhoofd zegt dat je tafelgenoot eigenlijk aan een vorm van achterlijkheid lijdt: een achterlijke gelovige of een achterlijke ongelovige.
Het is mij een raadsel waarom geloof en wetenschap zo faliekant tegenover elkaar zijn komen te staan. In de bijbeltijd voerde de strijd zich vooral op het filosofische vlak af waarbij met name het gesprek ging over de aannames. Dat blijven interessante discussies. Echter, als het zwaartepunt van een discussie zich verplaatst naar het elkaar om de oren slaan met "bewijzen," is de lol en de mens er van af.
Kortom, ik heb behoefte aan een normaal gesprek met de ander die mij op z'n minst als gelijkwaardig ziet en behandelt.
Abonneren op:
Posts (Atom)
De gevende mens is een beter mens
Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...
