23 december 2008

Bespreekbaar maken

Sanne en Henri verwoorden in hun reactie op de vorige drie blogs gevoelens en vragen die door velen gedeeld worden maar te weinig uitgesproken.
Ik vond de reactie van Sanne wel raak: "Zo zei ik -op de bijbelstudie, nadat men voor de achtste keer hetzelfde bad- niets. Ik hield stijf mijn mond dicht en dacht bij mijzelf, God is toch niet dom of zo"?

Veelheid van woorden en stemverheffing; het zijn twee zaken waar Jezus voor waarschuwt (waarschijnlijk zou Hij er vandaag "nodeloze herhalingen van overwegend luchtige niemendalletjes" aan toevoegen) en vervolgens geeft Hij, op de vraag van Zijn discipelen hoe het dan wel moet, het "Onze Vader" als gebed om te bidden.
Er zijn talloze boeken en studies over dit onderwerp verschenen waarin het "Onze Vader" als model, als matrix, als richtlijn, als principe, als blauwdruk en als wat dan ook wordt uitgelegd. Allemaal goed en wel, maar hoe zit het met de schoonheid en de eenvoud van het gebed als gebed op zich?
Zo kort kan toch nooit goed zijn?

Ons chronische gebrek aan "community" leidt ertoe dat mensen het gebed gaan gebruiken om hun verhalen aan elkaar te vertellen, "Heer, U weet hoe ik de afgelopen week bij de Aldi rondliep en die en die tegenkwam die ik al zo lang niet had gezien. Heer, U weet, en ik ook) dat dat vast geen toeval was maar dat U daar een plan mee had. En U weet Heer, dat ik bij mezelf dacht..".

Ja, ik weet het, ik chargeer enigzins. Maar geef me een beetje ruimte hier. Bidstonden zijn momenten en plaatsen waar mensen die nooit de microfoon of podium krijgen, zendtijd hebben. Ongestoord! Zonder onderbroken te worden zeggen en bidden zonder je zorgen te maken over interrupties en discussies. Fantastisch toch.
En het gebeurt overal. In OM, in al onze kerken, tijden de diensten en noem maar op. Misschien niet bij YfC? Of de Navigators? Of JmeO?
Deemoedig ondergaan we het. En zeggen "Amen".

Het gebrek aan "begeestering" hangt samen met het gebrek aan community. Omdat er te weinig gelegenheden zijn om onze verhalen te vertellen en we nog zo vol met onszelf en onze perikelen zitten, is het gewoon moeilijk om naar de Geest te luisteren, laat staan de Geest de ruimte geven om samen met ons tot een diep "zuchten" te komen.
Maar als die begeestering er is, zijn onze gebeden gevuld met emotie, passie en betrokkenheid die uitnodigen tot participatie van alle aanwezigen en leiden tot een volmondig "amen".

22 december 2008

Piet en Johan

Onze meest recente nieuwsbrief

Piet en Johan zijn zojuist vrijgelaten nadat ze verantwoording aan de geestelijke leiders van het volk hadden afgelegd over hun bewering dat Jezus uit de dood was opgestaan. Die bewering was kracht bijgezet door een spectaculaire genezing. De genezene was het levende bewijs van die opstandingskracht. De leiders drukken Piet en Johan op het hart om niet meer over die opstanding te praten en verbieden ze om nog langer de mensen te onderwijzen (ze waren er namelijk niet voor opgeleid).
Dat laten Piet en Johan echt niet gelaten over zich heenkomen en ze vertellen de leiders dat het voor hen onmogelijk is om te zwijgen over wat ze gezien en gehoord hebben.
Onder andere onder druk van het volk (de duizenden die buiten God stonden te prijzen) moeten ze Piet en Johan laten gaan.
Nu het vervolg.

Het eerste dat Piet en Johan doen is hun vrienden opzoeken en brengen verslag uit van wat er zich heeft voorgevallen.
AD 2008 zouden we nu het volgende doen:
- Iemand vat in een aantal bulletpoints samen wat de gebeds en dankpunten zijn.
- Er wordt in kleine groepjes voor gebeden.

Wat we lezen is iets anders:
De vrienden roepen als uit een mond tot God! Ze reageren vanuit het hart en vanuit hun kennis van het Woord. Wat me verbaast is dat ze de situatie weten te verbinden met het grotere verhaal van God en blijven in hun reactie heel dicht bij dat Woord. Ze gaan letterlijk Gods woorden bidden.
Emotie, passie en verbondenheid met Gods plan komen samen in hun gebed.

Wij stellen nogal prijs op onze "vrije gebeden". Maar een "geleerd" gebed heeft zoveel (zeggings)kracht!
Hieronder een van de mooiste gebeden die ik in de Bijbel ben tegengekomen.
Het betreft Joop, die na 72 uur in het binnenste van een vis het volgende bidt:


‘Toen ik in het nauw zat,
riep ik tot u, Heer,
en u hebt mij antwoord gegeven;
uit het dodenrijk riep ik om hulp,
en u hebt naar mij geluisterd.
U had mij in het diepst van de zee gegooid,
van alle kanten was ik omgeven door water;
woest sloegen uw golven over mij heen.
Toen dacht ik: Ik ben verstoten,
u wilt me niet meer zien.
Zal ik ooit nog uw heilige tempel terugzien?
Het water kwam tot aan mijn lippen,
de oceaan omgaf mij;
zeewier hing in slierten om mijn hoofd.
Ik zonk naar de bodem van de zee,
ik daalde af naar het dodenrijk,
dat mij voor altijd zou insluiten.
Maar u trok mij levend uit de afgrond,
u, Heer, mijn God!
Toen ik bijna was bezweken,
dacht ik, Heer, aan u;
tot u heb ik gebeden,
tot u, in uw heilige tempel.
Wie afgoden vereren,
goden die niet kunnen helpen,
laten u in de steek, trouwe God!
Maar ik zal u uit dankbaarheid offers brengen;
ik zal mijn beloften nakomen,
u, Heer, hebt mij gered!’


Ook dit is een gebed waar emotie, passie en kennis van het grotere verhaal samenkomen. Op deze reactie (op de omstandigheden) volgt dan Gods actie. Net zoals bij de vrienden van Piet en Johan.

Een van de mooiste dingen over het gebed vind is dat we een God hebben die hoort. Alles. En van iedereen. Het is vervolgens van belang dat we onze ogen goed openhouden zodat we Gods reactie daarop zien.

21 december 2008

Hoe dan wel?

Op mijn vorige blog enkele van mijn observaties beschreven ten aanzien van de manier waarop we over het algemeen met elkaar bidden.
Ja, het is waar dat ik al eerder over gebed heb geblogged en ja, het is waar dat het voor mijn een "work in progress" is.
Wat ik me voorstel is dit:
We delen zaken met elkaar (in een groep) zoals aangegeven onder mijn eerste punt in het vorige blog. Vervolgens zouden een of twee kunnen bidden/danken dat de Heer heeft meegeluisterd en reageren inhoudelijk op de informatie die is gedeeld. vervolgens gaan we koffie of thee drinken en luisteren naar elkaars verhalen.
Ik weet nog goed dat we in onze gemeentebidstond tijd in gingen plannen om naar elkaar te luisterten en voor elkaar te bidden. Sommigen voelden zich daar best wel ongemakkelijk bij. We moeten toch voor de wereld bidden. En natuurlijk voor de zendelingen (want die zouden meer moeilijkheden hebben en dus het gebed harder nodig hebben).
Ondertussen gaan we kompleet voorbij aan het feit dat we allemaal gebroken mensen zijn in een gebroken wereld en deel van een onvolmaakte kerk. Gelukkig zie ik dat gelovigen steeds meer geneigd zijn om te erkennen dat het niet altijd goed (definieer goed!) met ze gaat en ze de bemoediging, vermaning en troost van hun medegelovigen goed kunnen gebruiken.
Nee, was de gedachte, we moeten onze eigen nood negeren; sterk zijn. De ander heeft ons meer nodig dan wij de ander.

Dan zou ik graag een goed stuk onderwijs gekoppeld willen zien aan bidstonden en gebedsavonden.

Vervolgens denk ik dat er meters gemaakt kunnen worden in het bijstellen van onze filosofie over gebed. Wanneer wordt een dialooog tussen twee mensen een gebed? Meestal als we de dialooog afronden met de woorden, "zullen we ervoor bidden"?
De Heer is in onze gesprekken en in een goed gesprek is er niet alleen de afstemming op elkaar maar ook een voortdurende afstemming op de Heer.
Ik las pas het voorbeeld van de directeur van een bijbelschool die, als je met hem in gesprek was, voortdurende de Heer bij dat gesprek betrok, alsof Hij daadwerkelijk in de kamer aanwezig was en deel had aan de dialoog.
Als we dat laatste gaan zien en beleven, verandert er van alles. Een "tijd van gebed" wordt een leven van gebed. Elke ademteug is een dankbaar inademen van Het Leven en elke uitademing is een dankzegging en lofprijs.

19 december 2008

Nog steeds vers van de pers; onze nieuwsbrief met daarin het verhaal achter de aanstaande veranderingen! Klik hier

Na de verwarmingsinstallatie nog twee keer te hebben geleegd en gevuld (een keer om de aanvoer en de retour te verwisslen en een tweede keer om een lekkende koppeling een extra draai te geven) beschouw ik mezelf nu als een ervaren verwarmingsinstallatie-vuller en -onluchter. het werkt allemaal naar behoren.
Vandaag de jaarlijkse "rondom kerst" sluiting met het OM team gevierd. Er werd weer wat afgebeden. Hoe gaat dat in het algemeen?

1. Iemand vertelt zijn of haar verhaal en noemt gebeds- en dankpunten.
2. Er komt een samenvatting van de genoemde punten.
3. In groepjes gaan we nu formeel en officieel de reeds twee maal eerder genoemde punten doorbidden. De meeste collega's doen daabij hun ogen dicht en vouwen hun handen.
De vraag die in dit soort settings bij me opborrelt is of de Heer het de eerste keer al hoort of dat Hij pas gaat luisteren als we de meer officiele gebedshouding aannemen en onze gebeden kracht bijzetten door met regelmaat de woorden "Ja Heer, we willen U echt bidden" er tussen te voegen. Meenden we het vlak daarvoor niet echt?


Ben ik de enige als ik denk en zeg dat er iets in dit verhaal niet klopt.

De rest van de dag rijdend, stilstaand, wachtend voor de deur bij McDonalds in Lelystad, en vervogens weer rijdend, deels file en weer rijdend door gebracht. Netto vijf en een half uur met het team doorgebracht. Bruto elf uur en drie kwartier.

17 december 2008

Jan de klusseman

Vers van de pers; onze nieuwsbrief met daarin het verhaal achter de aanstaande veranderingen! Klik hier

Vandaag een klusdag. Een extra radiator gemonteerd in de huiskamer. De leidingen lopen door de kelder (deels kruip) en na een langdurige observatie van de installatie besloot ik dat ik wist hoe het zat en ben aan de slag gegaan met de montage.
Het werkt! En het ziet er zeer professioneel uit. Zonder knelfittingen en -bochten maar vooral met buigijzer gefabriceerde bochten. Iedereen trots op mij.
Er is nu echter een maar. De observatie was goed, de uitwerking wat minder. Blijken de aanvoer en retour toch omgewisseld!
Kan ik de installatie weer leeg laten lopen en moet er helaas toch een knelbocht en koppelstuk gebruikt worden. Dat is estetisch wat minder maar ja.

16 december 2008

De deadline

Vers van de pers; onze nieuwsbrief met daarin het verhaal achter de aanstaande veranderingen! Klik hier

De deadline komt eraan en motiveert mij tot productie. Gek hoe dat werkt. Ik moet huiswerk maken en dat weet ik al sinds februari van dit jaar. Ik neem me voor dat keurig te spreiden over het jaar heen en af en toe doe ik een poging om een begin te maken, staar dan naar de opdracht en daar blijft het dan ook bij. Geen inspiratie, motivatie of whatever-atie.
Maar nu begin ik de druk te voelen en dat werkt wonderen! Opdrachtje? Geen probleem. Vandaag had ik echt zo'n ramdag. Knallen met die hap met als gevolg dat ik weer een opdracht af kan strepen. Drie gedaan en nog drie te gaan (eigenlijk vier, maar die laatste kan ik voor me uitschuiven, als ik dat zou willen).

De volgende opdracht betreft "strategic thinking and planning". Strategische denken gaat now wel. Maar dan plannen. Auw. Een van de boeken die ik moet lezen is "Leading Congregational Change". Ik heb nog geen letter van het boek gelezen maar mijn gedachte is vooralsnog: er zijn twee dingen op de wereld die niet of nauwelijks te veranderen zijn. Het eerste is jezelf en het tweede is de kerk.
En die kerk veranderen is dus zo moeilijk en ingewikkeld omdat er allemaal mensen inzetten die niet of nauwelijks te veranderen zijn. En dan heb je een probleem.
Oplossing: verander jezelf en kijk of dat gevolgen heeft voor de kerk (ik denk het wel).
Een kerk veranderen betekent dat je mensen moet veranderen. En dat kun je niet. Je kunt enthousiasmeren en motiveren maar veranderen moet men toch echt zelf doen. Daarom verandert een kerk langzaam. Omdat wij, mensen. zoveel tijd nodig hebben.

Weet je wat nu zo gaaf is? Dat de kerk van God is. Hij is het hoofd en Hij gelooft erin.

15 december 2008

Alles in keurige rijtjes

Vers van de pers; onze nieuwsbrief met daarin het verhaal achter de aanstaande veranderingen! Klik hier

John Maxwell kan er wat van; het leven reduceren tot vier woorden die allen met een M beginnen, zeven niet te vergeten gouden regels voor dit, negen voor dat en twaalf voor nog iets anders heel belangrijks.
Het werkt almaal perfect.
In een ideale wereld.

Hij legt de lat zo hoog dat ik bij voorbaat al ben ontmoedigd om een betere "person of influence" te worden.
A) Ik kan al die rijtjes niet onthouden
B) John Maxwell is gewoon heel erg goed
C) John Maxwel is gewoon John Maxwell
D) Ik ben gewoon jaloers op John Maxwell en daarom draag ik een T-shirt met daarop "John Maxwell sucks"

Veel van dit soort zelf-hulp boeken gaan voorbij aan het feit dat het voor de overgrote meerderheid van de mensen gewoon niet werkt.
Ook in OM kom ik het tegen: "iedereen moet een leider worden". Het feit dat er massa's mensen zijn die het prima vinden om te volgen lijkt daarbij niet echt interessant te zijn.

Al je al Maxwell's principes op een rijtje zet is wat hij te melden heeft niets meer en minder dan het uitwerken van de opdracht om elkaar van harte lief te hebben. En dan zijn z'n rijtjes opeens logisch.
Tnx John

13 december 2008

Een nieuw krantje

Ik ben een begenadigd mens. Gisteren schoof de postbode de tweede gratis editie van een nieuw krantje door mijn brievengleuf. Doel van het krantje is om "christenen op grote schaal te informeren en te bemoedigen". Uiteraard ontbrak de oproep om geld te geven niet.
Ik geef het krantje maximaal een half jaar. Informeren doe je tegenwoordig via het internet (ik denk dat het webdeel van het krantje wel zou kunnen lukken) en bemoedigen doe je niet op grote schaal.
Het blad zelf heeft een hoog "Weekend" of "Prive" gehalte. Een verslag van iemand die bij Billy Graham op de koffie mocht en zowaar werd teruggevraagd voor een lunch een dag later. Uitgebreide promotie van een boek van de eindredacteur van het krantje. Een verhaal over hoe een Amerikaan zich opwindt over het gebruik van prive jets door succesvolle predikanten.

Al met al doet het krantje me denken aan een ander blad dat eens gratis was, toen betaling vroeg en zichzelf reduceerde tot een soort van gossip magazine voor de evangelicalen. Dat blad, "Uitdaging", is bezig met een come-back en heeft regelmatig goede zaken te melden.
Maar het 'nieuwsfeit' dat de EA in gaat zetten op lokale netwerken (pag. 1 en 5), een kerk is gebouwd op de fundamenten van een heidense tempel, een paginagrote kaart van Nederland waarop wel 7 evenementen worden vermeld, daar word ik niet warm of koud van. Eerder onverschillig: "So what"?

Als het mij op het hart ligt om christenen een duidelijke stem te geven, moet ik de nieuwe krant ondersteunen, zo staat in de begeleidende brief (met acceptgiro).
Ik dacht nog even dat, als je het zo formuleert, het krantje misschien wel een kans heeft. Je geeft je stem weg. Iemand anders gaat voor jou spreken en je hoeft het zelf niet meer te doen.
Is dat niet het probleem? Waarom zou ik ervoor moeten kiezen om christenen een duidelijke stem te geven. Waar zijn de christenen die, door de genade van God en de werking van de transformerende kracht van het Evangelie zelf hun mond opendoen?

Misschien lees je het tussen de regels door, maar ik neem geen gratis abonnement. Ook niet voor 1,50 per maand!

11 december 2008

Zo kan het ook...

Vanmorgen las ik een verhaal in het boek "becoming a person of influence" van John. C. Maxwell. Omdat het een "quote" betrof dacht ik dat het verhaal wel op het internet te vinden zou zijn. En ja hoor. Ik heb zelfs de vertaling gevonden. Het is een typische "Het Beste" verhaal, maar het sprak me bijzonder aan omdat ook ik nog veel meer moet leren om mensen publiekelijk erkenning te geven. Zo gemakkelijk geef ook ik toe aan : "Ja het is en fijne man/vrouw, maar...". Waarom niet gewoon: "Het is een fijne man/vrouw, want...".

Goed, hier komt het dan (het verhaal is geverifieerd).

Door Sister Helen P. Mrosla

Ik ben wiskunde-docente op Saint Mary's School in het plaatsje Morris, Minnesota. Op een ochtend vlak voor het examen liepen dingen niet lekker. De les liep niet en alle leerlingen hingen gefrustreerd en sjaggerijnig in hun banken. Ik besloot om te stoppen met mijn wiskunde-les en iets anders te doen.

Ik vroeg alle leerlingen om op een blaadje onder elkaar alle namen van klasgenoten op te schrijven, met voldoende ruimte tussen de namen. Daarna vroeg ik ze om achter iedere naam het liefste, aardigste en meest positieve te zetten wat ze over die klasgenoot konden bedenken.
Het kostte de klas de rest van mijn lesuur om hun opdracht af te maken en aan het eind kreeg ik van iedereen hun blaadje. Charlie glimlachte. Mark wenste me een prettig weekend.


Dat weekend ging ik aan de slag. Ik schreef de naam van iedere klasgenoot op een papiertje en schreef eronder wat iedereen over hem of haar geschreven had. Op maandag gaf ik iedereen in de klas een blaadje met persoonlijke complimenten. Even later zat de hele klas glimlachend te lezen wat er door hun klasgenoten was opgeschreven.
"Echt?", hoorde ik fluisteren. "Ik heb nooit geweten dat dat zoveel voor anderen betekende." "Ik wist niet dat anderen mij zo leuk vonden."


De papiertjes werden nooit meer besproken in de klas. Ik heb geen idee of ze het er onderling of met hun ouders nog over gehad hebben. Maar daar ging het ook niet om. De oefening had zijn doel bereikt. Mijn klas was tevreden met zichzelf en met elkaar.
De groep leerlingen ging verder. Ze deden examen en ik verloor ze uit het oog. Een aantal jaren later was ik op bezoek bij mijn ouders. Mijn vader schraapte zijn keel, zoals hij alleen doet wanneer hij iets belangrijks te zeggen heeft. "De familie Eklund belde gisteren."
"Wat leuk", zei ik enthousiast. "Ik heb al jaren niks van ze gehoord. Hoe is het met Mark?"
"Mark is eergisteren gesneuveld in Vietnam" zei mijn vader. "Marks ouders vroegen of je naar de begrafenis wilt komen."
Ik had nooit eerder een miliarie begrafenis bezocht. De kerk zat vol met Marks vrienden. Het regende toen we Mark naar de begraafplaats brachten. Na de plechtigheid bleef ik nog even stil bij het graf staan.
Terwijl ik daar stond werd ik aangesproken door een van Marks vrienden. "Was u Marks wiskunde lerares?" vroeg hij. Ik knikte. Ik kende de jongen die me aansprak niet. "Mark had het vaak over u", zei hij.


Na de begrafenis gingen de meeste vrienden naar het huis van Marks ouders. Toen ik daar aankwam werd ik meegevoerd door Marks moeder. "Ik wil je iets laten zien", zei ze. "Ze pakte Marks portemonneer uit een la en zei: "Dit had hij bij zich toen hij gedood werd. We dachten dat je het wel zou herkennen."
Voorzichtig haalde Marks moeder uit de portemonnee een gekreukt en gevouwen blaadje papier. Het was op diverse plaatsen met plakband weer aan elkaar vastgeplakt. Zonder te kijken wist ik dat dit het blaadje was waar alle complimenten op stonden van Marks klasgenoten.
"Ik wil je bedanken dat je dat gedaan hebt", zei Marks moeder. "Zoals je kunt zien betekende het heel erg veel voor Mark."
Marks klasgenoten waren om ons heen komen staan. Charlie grijnste schaapachtig en zei: "Ik heb mijn blaadje ingelijst. Het hangt in mijn werkkamer."
Ik heb mijne ook nog steeds", zei Marilyn. "Ik bewaar hem in mijn dagboek."
Daarna pakte Vicki, een andere klasgenoot, haar agenda. Ze liet haar dubbelgevouwen en half gescheurde blaadje zien aan de groep. "Ik draag dit altijd bij mij. Ik denk eigenlijk dat we allemaal onze lijst wel bewaard hebben."
Op dat moment begon ik te huilen. Ik huilde voor Mark en voor al zijn vrienden die hem nooit meer zouden zien.

10 december 2008

Toch logisch?

Vandaag een essay geschreven over het gezag van Christus hier en nu. Ik moest dat doen aan de hand van een hoofdstuk met hetzelfde thema uit het boek "Vital Christology Issues".
Allereerst wuift de schrijver alles behalve het premillenialisme* weg en vervolgens gaat hij dieper in op de vraag of Christus nu op de troon van God of op de troon van David zit.
Omdat premillinialisme zijn uitgangspunt is, is het gezag van Christus feitelijk alleen maar werkzaam in de individuele gelovige. Dus kan Christus niet op de troon van David zitten. Dat is toch logisch.....

Ja, zaken zijn altijd logisch als je uitgaat van bepaalde aannames. Als ik aanneem dat de aarde in letterlijk zes dagen is geschapen, is de logische conclusie dat we op een zeer jonge aarde leven en moeten vervolgens alle andere visies en gevolgen van die aanname worden weggeredeneerd of weggewetenschapt.
Als ik aanneem dat het niet zo vreselijk belangrijk is of het nu zes dagen, weken, maanden, jaren, duizenden jaren of zelf miljoenen jaren geweest kunnen zijn, is de discussie hieromtrent opeens niet zo belangrijk meer.

Maar goed, terug naar de essay. Ik moest er vijf schrijven en het boek dat als uitgangspunt dient is uitermate saai, behoudend en verdedigend. Helaas zijn er nog komplete volksstammen die menen God te moeten verdedigen en weten vervolgens hoofd- en bijzaken niet meer te scheiden met als gevolg dat er haarkloverijen ontstaan en dat de uitvoering van belangrijkste opdracht gehinderd wordt: God liefhebben en je naaste als jezelf.

* Premillennialisme betekent letterlijk vóór– duizendjarige leer. Dit is de leer, dat Christus wederkomst plaatsvindt vóórdat het 1000-jarig rijk aanbreekt. Dit is een breed onderwerp, waarvan aan de hoofdlijnen wordt vastgehouden. De Joden verwachtten al een Duizendjarig Rijk onder de Messias

Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...