31 januari 2009

India, dag 21. Reflectie

Vandaag nog acht uur les en direct na de laatste les naar het vliegveld. Eerst naar Delhi en dan naar Amsterdam waar ik zondagochtend om 05.55 hoop te landen.

Is het een goede tijd geweest? 100% Ja

Is het een makkelijke tijd geweest? Volmondig nee. Heimwee (ik heb er altijd wel last van maar dit keer wat het wel heftig) maakte het moeilijk om hartstochtelijk van alles te genieten.

Heb je dan helemaal niet genoten? Jawel, ik heb heel goede dagen gehad.

Heb je nog lekker kunnen mopperen op professoren en andere zaken? Ja hoor, geen probleem.

Betekent dat dat je baalde? Nee, want balen is niet heltzelfde als mopperen. Het is belangtijk om kritiscche naar jezelf en je omgeving te kijken. Waar dingen niet kloppen, moet er aan de bel worden getrokken. Vanavond hadden we (internationale studenten) een uur met de faculty die feedback van ons wilde. Men wil graag meer internationale studenten en wat moet het college doen om die te werven? Wat zijn verbeter-, en aandachtspunten? Met elkaar kwamen we tot een leuk lijstje.

Opmerkelijke uitspraken? "A closed mouth will gather no feet".

Een "hoe bestaat het" ontdekking? De professor vertelde over de dominee in zijn kerk die op 79 jarige leeftijd op zijn sterfbed nog weigerde om de leiderschaap over te dragen aan een jonger iemand. Positie is zo vreselijke belangrijk hier. Het verschaft status en macht. Bewust een stap terug doen, of plaats maken voor een ander, wordt door omstander gezien en persoonlijk beleefd als een falen. Blijven zitten waar je zit, is dan ook het devies. Het helpt me beter begrijpen waarom er zo weinig doorstroom is in OM en waarom dat veelbelovende jonge leiders zich laten wegkapen of hun eigen organisatie beginnen.

Tot zover India. Morgen hoop ik weer vanuit Nederland te kunnen bloggen. Hoewel, we hebben geen inernet en telefoon meer (tot 25 februari)! Dus als er een 'bloggat' ontstaat weet je hoe het komt.

30 januari 2009

India, dag 20. Eind in zicht

Nog een nachtje hier en een in het vliegtuig en dan weer thuis. Je zou bijna denken dat ik hier tegen mijn zin zit en dat is toch echt niet het geval. Ik mis thuis gewoon heel erg als ik weg ben. Het is een bijzonder voorrecht om hier te kunnen en mogen zijn; om drie weken lang op te trekken met mensen die in veel opzichten anders zijn, maar in andere opzichten toch weer zo hetzelfde. Onze basisbehoeften zijn universeel!
Ik heb lessen geleerd die niet in boeken te vinden zijn. Levenslessen noemen we dat. En daardoor ben ik rijker geworden. Gegroeid in zelfbewustzijn en inzicht en dat gun ik iedereen.
Het is een bijzonder voorrecht om te kunnen studeren. Vandaag de vakken voor volgend jaar gekozen en ik kom precies uit zodat ik in April 2010 kan afstuderen.

Vandaag een gesprekje gehad met de prof 'history of Christian mission'. Of het helpt weet ik niet. Nog een uur gepraat met de directeur van de college die volgende week naar Nederland komt om zijn doctorsbul in theologie in Utrecht in ontvangst te nemen. Heb hem enkele vragen gesteld over het aanstellen van professoren. Waarom zit er niemand van de faculty bij om te observeren hoe iemand lesgeeft? Wat zijn de beoordelings-, en toelatingscriteria? Is er een plan om eigen faculty te ontwikkelen tot betere commincators? Is er de mogelijkheid dat ze daaarin gecoached worden? De antwoorden waren helaas allemaal onbevredigend. Uitgangspunt dat wordt gehanteerd is dat iemand die de doctorstitel heeft ook les moet kunnen geven. En dat is een ernstige misvatting. Lesgeven is een vaardigheid waaraan een gave ten grondslag ligt. Zonder die gave wordt alleen maar informatie doorgegeven.

29 januari 2009

India, dag 19. Over tienden enzo

90% van de studenten aan het ICCS komt uit wat men hier 'landelijke gebieden' noemt. De professor waar ik morgen een gesprek mee heb moest als kind dagelijks stront scheppen dat vervolgens gedroogd werd en als brandstof gebruikt. Via lagere en middelbare school heeft hij uiteindelijk HBO, universiteit en vervolgens z'n doctoraat gehaald. 90% van mijn medestudenten heeft een soortgelijk verhaal. Op mensen die "ministry" doen wordt neergekeken. Studenten die op een seculiere college hun graad halen moeten er niet aan denken om "ministry" te gaan doen.
Jongeren die het in de samenleving niet ver schoppen en voor wie maatschappelijke mogelijkheiden uitgeput zijn, wordt vaak aangeraden om dan maar "ministry" te gaan doen.

In het Westen is de stap van een seculiere carrière naar "ministry" of "zending" dan wel niet altijd even populair (er zijn er die denken dat je dan je mogelijkheden en kansen weggooid); over het algemeen is er toch wel respect voor mensen die deze stap wagen en kan men op z'n minst rekenen op gebeds-, en morele steun. De financiële steun blijft vaak achter omdat kerken het geld toch veel liever aan zichzelf besteden (de Brandaris gelukkig niet en gelukkig zijn er andere lichtende voorbeelden). Een mooier gebouw, betere faciliteiten, instrumenten en noem maar op. De investering in de belangrijkste opdracht om in Jezus naam mensen uit te nodigen tot het volgen van Hem, is op z'n minst karig te noemen en er zal nog heel wat water door de Rijn moeten stromen eer er een culturele en filosofische omslag komt.

Wordt er in India op werkers neergekeken en worden ze vaak uit de kerken geweerd omdat de dominee bang is dat zijn schaapjes hun 10% (och, wat kunnen ze daar toch op hameren, je wordt er ziek van) of deel daarvan investeert in die belangrijke opdracht; in ons kikkerlandje mag er dan wat minder op koninkrijkswerkers neergekeken, de neiging om bij de distributie van de middelen kijkt de kerk toch het liefst eerst naar zichzelf. De zending is en blijft de sluitpost op de begroting van menige kerk en denominatie.

Vandaag een gepassioneerde discussie over tienden. De meerderheid van mijn klasgenoten houdt vol, hoewel ze tegelijkertijd geloven dat alles in de kerk anders moet, dat men 10% van het inkomen aan de eigen kerk moet geven en dat het grootste deel van de zondag bij voorkeur in en om de kerk doorgebracht moet worden. Men kon rekenen op een hartgrondig "Nee, dit is onaanvaardbaar en onbijbels" van mijn kant. Nou, dat was extra zuurstof voor de discussie. Ik besloot mijn betoog met het wijzen op het feit dat we allemaal geneigd zijn om dit soort zaken meer vanuit onze cultuur te beoordelen dan vanuit gezond Bijbels onderwijs waarbij de verlossing en bevrijding van de wet centraal staat.

De professor systematische theologie van vorig jaar heeft me slechts een B+ gegeven voor een verder "zeer goed" beoordeelde paper omdat ik niet geheel in zijn straatje paste. Ik had dit verwacht en kan er wel mee leven. Bij de gewraakte passage stond de aanmoediging om 'met een nederig hart de zaak nog eens grondig te bestuderen'. Ik had toch echt verwacht dat hij wel wat kon hebben.
Zo blijven we onszelf altijd en in alles keihard tegenkomen. dat is af en toe flink lachen en soms ook wel huilen.
Lord have mercy!

28 januari 2009

India, dag 18. En nu omdraaien

Veel van mijn Indiase studenten worstelen met de Engelse taal. Hun vocabulaire is beperkt en sommigen zouden wat hulp van een logopedist goed kunnen gebruiken. De professor van week 1 is een Brit en spreekt een soort van "Queens English" en dan nog heel erg snel ook. Bovendien lardeert hij zijn referaten met typisch Engelse humor. Ik zie mijn medestudenten fronsen, concentreren en proberen; een enkeling legt het bijltje erbij neer en stopt met proberen.

De afgelopen twee weken zit ik tussen Rebecca en Santosh in. Om de zoveel minuten vragen ze me wat de beste man (het blijft toch heel erg een mannenwereldje; geen vrouwelijke professoren hier) zegt of bedoelt . Ik ben blij dat ik ze wat kan helpen. Vorige week, bij het vak "Strategic Planning", hadden ze in eerste instantie geen idee waar de best man met 38 jaar ervaring in het ontwikkelen van stategische plannen het over had. Dertig uur trok ik met ze op en hielp ze naar best kunnen. De een had het uiteindelijk door en de ander vraagt zich nog steeds af wat er die dertig uur nu eigenlijk gebeurde.
Nu ga ik straks naar huis en moet als opdracht strategische plannen gaan ontwikkelen. Ik heb via het internet meteen wat boeken besteld over organische groei. De Brandaris bijvoorbeeld, je weet wel die kerk waar ik part time voor werk, beschouwt zich als een organische gemeente. Groei plan je niet, groei gebeurd (of niet). Organisch betekent dat je meedrijft met het tij van het gebeuren (lekker abstract). Omdat het "God is die de wasdom geeft" wordt plannen, met name lange termijn plannen, gezien als een activieteit waarbij God de ruimte wordt ontnomen om het op Zijn manier en in Zijn tempo te doen. Toch wordt er wel degelijk gepland. Vaak korte termijn of reactief als problemen zich (organisch) presenteren. De "emergent church movement" beschouwt zich als meer organisch dan strategisch.
De lessen uit strategische plannen hebben mij heel veel geleerd. Vooral over waarom dat veel dingen waarvoor ik zes jaar geleden visie had niet zijn verwezenlijkt op de manier dat ik dacht, of we als gemeenteleiders dachten. De belangrijkste reden dat veel visieplannen en strategien stranden is dat deze als voorstel werden ingediend. Ook al wordt er vervolgens ruimte voor dialoog en discussie gegeven, het plan ligt er en wordt toch door alle participanten als voorstel beleefd waar men voor of tegen is.
Ik heb me voorgenomen om dat nooit meer te doen. Als er al aan visieontwikkeling gedaan wordt, moet ik anders beginnen om vanaf het startpunt draagkracht te kunnen genereren met behulp van een 'appreciative inquiry' (misschien later meer hierover).
Goed, genoeg hierover, deze blog is al veel te lang. Ik ga ontbijten en kijken of ik nog een aantal Indiase medestudenten van dienst kan zijn.

27 januari 2009

India, dag 17. Heavy

Ik probeer het lijdzaam te ondergaan maar het gaat niet echt. Ik concentreer me om iets van het engels van de prof te verstaan, maar het lukt niet. Ik heb aan de 'dean of students' gevraagd waarop leraren worden geslecteerd en geevalueerd. Dat wist men eigenlijk ook niet goed. Het komt erop neer dat vrijwel alle 64 studententen die deze klas volgen, hun tijd verdoen.
Ik vroeg de 'dean of students' hoe de prof na afloop wordt geevalueerd. "We gebruiken de geschreven evaluaties van de studenten". Ik meldde dat hij net zo goed als ik weet dat aan die evaluaties maar moeilijk conclusies te verbinden zijn omdat de Indiers over het algemeen heel erg aardig zijn en de leraar tot bijna de hemel inprijzen.
Het is vrij gemakkelijk om vanaf de zijlijn te miepen en te griepen. Dat is zo'n beetje mijn 'default' (standaardinstelling klinkt erger). Maar daar help ik mezelf niet mee en doe ik ook de prof geen dienst. Belangrijker is om tot een structurele oplossing te komen waarmee vooral de prof gediend is. Of ik het naar mijn zin heb en het gevoel heb iets te leren is secundair (of nog minder).
Ik zal dus 'B' gaan doen. 'A' heb ik nu al genoeg gezegd. Maar wat is het juiste moment? Niet te vroeg want dan zou het effect kunnen zijn dat mijn broeder zo van de leg raakt dat hij de resterende uren (21) niet meer zichzelf kan zijn of zich in allerlei bochten gaat wringen om van het geven van informatie toch nog tot enige vorm van communicatie te komen.
Na afloop van het blok kan ook niet omdat het laatste uur van deze week zijn les is en ik tijdens dat laatste uur richting vliegveld vertrek. Dus moet het donderdag gebeuren. De 'dean of students' is al lang blij dat ik het doe want een collega feedback geven is in India sowieso iets dat niet al te vaak gebeurd.
En ik neem me voor om van een mopperende tiener te veranderen in een volwassen vent die een broeder probeert te helpen.

26 januari 2009

India, dag 16. Nog even doorzetten

De laatste lesweek is begonnen. Nog even doorzetten dus. Gaat wel lukken. Nog vijf nachtjes hier, een in het vliegtuig en dan volgt de hereniging met de love of my life! Hoe langer ik hier ben en met Indiers praat, hoe meer de cultuur van het land me fascineert. Er is veel gemopper op de eigen cultuur en de drang om het Westen na te bootsen is onstopbaar. Gisteren hield ik het niet te lang uit in de dienst. Een grote paradox. India, met haar rijke cultuur, valt voor de Hillsong, Don Moen en andere worshipgrootheden. De entourage, de opbouw van de dienst, als je je ogen dicht doet waan je je in een gemiddelde westerse hippe kerkdienst.
Tweehonder meter verder op dezelfde campus, begint de Telegu dienst. Daar komende de wat 'armere' mensen bij elkaar die geen Engels spreken. Alles is anders. Kleurrijke ssaries, het zitten op de grond en muziek die diepe emoties verwoorden. Men slaagt erin om de eigen cultuur te verweven met de bevrijdende waarheid van het Evangelie. Een genot om naar te luisteren en te observeren. Beide kerken zijn een zogenaamnde "Good Shepherd Community Church", twee van de tweeduizend kerken die door OM zijn gepland. Elke week komen er nieuwe kerken bij. Vaak klein, maar de opwekking onder de Dalits gaat door en de projectie is dat er over zes jaar duizende kerken bij zullen komen met een potentieel voor wel 50.000.
God is niet dood. Hij leeft, en het werk van zijn Geest is niet te stoppen.

25 januari 2009

India, dag 15. Een Case studie

Esther is 22 jaar en ze is bang. Bang voor het huwelijk dat haar moeder voor haar gepland heeft. De voorbeelden van de huwelijken waarmee ze is opgegroeid hebben tot een afkeer van het huwelijk geleid. Haar moeder heeft gepland dat ze dit jaar, of uiterlijk volgend jaar trouwt en is op zoek naar kandidaten. Aan Esther wordt niets gevraagd. Die krijgt over eee paar maanden de eerste kandidaat over de vloer. Ze zal dan als een "pop in de etalage" worden getoond aan de potentiele vrijer. Ze heeft de vrijheid om nee te zeggen. Na drie of vier potentiele vrijers te hebben afgewezen zal de druk vanuit de familie toenemen en zal ze uiteindelijk zwichten voor die druk. Voor haar gevoel gaat ze uiteindelijk gedwongen het huwelijk is. Ze vertelt me dat ze echt bang is en een afkeer heeft van deze show waarbij haar inspraak niet wordt gewaardeerd.
Esther heeft een grote passie. Ze wil haar leven geven om met weeskinderen te werken. Haar grote angst is dat haar toekomstige vrijer die passie niet deelt. Het is dan einde verhaal voor haar passie en zal ze zich moeten voegen naar de wensen van haar man.
Ze vraagt me of het onredelijk is om te vragen om op zoek te gaan naar een man die haar passie deelt. "Hij hoeft niet knap te zijn, maar moet ook niet te lelijk zijn, zolang hij mijn passie maar deelt en we ons leven kunnen investeren in een bediening die kansarmen verder helpt in dit leven".
Volgens mijn bescheiden mening is dit geen onredelijk verzoek.
Let wel, we hebben het hier over een christelijk huwelijk. Christelijk, Christen, Christus; vrijheid, keuze, toewijding, dienstbaarheid,,,,
Dit verhaal staat niet op zichzelf. Het is een echt verhaal en Esther is een echte persoon. Zij staat model voor bijna alle chistenmeisjes die gebukt gaan onder de tirannie van culturele blinheid, verkeerde theologie en wetticisme. Afschuwelijk. Vind ik.
We kunnen leren van andere culturen en ik sta daar zeer open voor. Niet Westerse culturen hebben ons in het westen zoveel moois te bieden.
Maar fundamentele rechten van de mens mogen niet geschonden worden. En dat is mijns inziens hier aan de orde. We hoeven niet alles van andere culturen te slikken net zomin als dat we alles van onze eigen cultuur niet kunnen en mogen slikken.
Maakt dit me 'cultureel ongevoelig'? Ik dacht het niet. Het is nog steeds fundamenteel fout.
Tot zover de preek voor vandaag. Ik ga kranten lezen.
Mijn camera is kapotgegaan. Eindelijk heb ik een fatsoenlijke spiegelreflex en kan ik mijn hobby weer oppakken, maar het is nu even einde verhaal.
De display is gekneust, onder druk bezweken... Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat ik 'geen beeld' meer heb. Ik ga kijken of het te repareren is. Zo niet, dan wordt het weer sparen..

23 januari 2009

India, dag 14. Foto's; het belang van

Mijn geheugen is een zeef. Ik vergeet ontzettend veel en naarmate ik ouder word, vergeet ik nog meer. Toch is alle informatie ergens opgeslagen. Geuren, beelden en geluiden brengen herinneringen terug. Foto's doen dat ook. Het ontwikkelen van mentale beelden doen dat ook maar nooit zo sterk als echte beelden. Hieronder wat echte beelden. Vooral voor mezelf. Zodat ik ik ietsje minder vergeet.
Vandaag is het zaterdag, maar het voelt als vrijdag. De enige onderbreking is het straffe ritme van de studiedagen is de zondag. Morgen dus. Heb ik al plannen. Jazeker. Ik koop een aantal kranten en a deze uitgebreid lezen. Het is ontzettend (een woord dat ik niet al te vaak genruik) interessant om je verdiepen in een cultuur van een land. Vorige week een uitgebreid artikel in het gezondheidskatern over het belang van het creëren van afstand in een huwelijk en het hebben en houden van geheimen. Zo tegengesteld aan het Westerse denken. Fascinerend...


Verrast maar blij met de aandacht (boven)
Harde werkster, graaft geulen voor kabels (onder)


Dochter van de harde werkster. Een natuurtalent als het op poseren aankomt (boven)
Hij heeft echt twee ogen (onder)





India, dag 13. Alles goed.... of toch niet

De haan is van slag af, of in competitie met de andere haan. Er lopen er hier twee rond. Overdag zijn ze kalm (er lopen nogal wat kippen rond dus ze zijn leuk bezig)maar de nachten zetten ze het op een kukelen. Onafgebroken. Al zolang ik hier ben. Voeg daarbij het geblaf van talloze honden en de nooiteindigende stroom van verkeer dat 300 meter verderop voorbijtoetert. Sommige vrachtwagens hebben misthoorns aan boord en menen deze gadget voortdurend aan de rest van de wereld te moeten demonstreren. De beloofde tien decibellen 'noisereduction' die de oordoppenfabrikant op de verpakking belooft, helpen een beetje.
Chronisch slaaptekort begint haar (of is het zijn) tol te eisen. Vier of vijf uur per nacht houd ik wel even vol maar drie weken is wel lang...

Gisterenavond werd aangekondigd dat de les niet doorging maar dat we in plaats daarvan in de kapel verwacht werden. Een groot leider van een grote wereldwijde organisatie die eerder op de dag mijn koffiepauze had volgepraat, wilde het e.e.a. van de studenten.
De college en de organisatie zijn mogelijkheden tot partnerschap aan het verkennen en de grote baas wilde wel eens van de studenten horen.
Nu heeft het waarschijnlijk met cultuur te maken maar de een na de andere student stak de loftrompet af over alles wat het college voor ze doet en betekent. Het zal allemaal heel oprecht zijn, daar twijfel ik geen moment aan. Maar ik kon het maar moeilijk geloven dat dit dezelfde studenten waren die tijdens koffiepauzes wel degelijk een mening hebben over verbeterpunten en met vragen rondlopen die ze nooit aan de bazen van het college zullen stellen.
Dus heb ik dat maar gedaan. We leven nu eenmaal niet in een volmaakte wereld en we moeten met elkaar hard werken om er iets moois van te maken. Het kan altijd beter, het werk is nooit af.

22 januari 2009

India, dag 12. Even snel

Even snel. Na 24 uur zonder verbinding te hebben gezeten kan ik weer even online maar de klas is eigenlijk al begonnen, dus moet ik ook weer gaan.
Gisteren toch maar weer naar de avondklas geweest en heb het hele uur in de klas gezeten. Daarnaast de syllabus van een 'readingcourse' doorgesproken. Daar moet je dus extra werk voor doen. Wel erg veel moet ik zeggen maar het is denk ik wel te doen.
Vandaag wakker geworden met een heavy migraine maar op de een of andere wonderbaarlijke wijze is deze al gauw weggetrokken. Misschien zijn er mensen thuis aan het bidden...

De gevende mens is een beter mens

Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...