18 mei 2011

Gedrongen door kwelling

Een derde motief waar Paulus over schrijft en dat de moderne lezer helpt begrijpen waarom hij met zoveel passie en toewijding zijn taak als evangelist uitvoerde is die van "kwelling." In Romeinen 9 lezen we "Er is iets dat me erg verdrietig maakt en me onophoudelijk kwelt: het lot van mijn volk, mijn natuurlijke verwanten. Ik zou wensen, vervloekt te worden en van Christus gescheiden te zijn, als ik ze daarmee kon helpen" (:2,3).
Nou, daar schrijft hij nogal wat. dat gaat best wel ver. Zelf vervloekt te worden van Christus om anderen te redden; wie zegt het Paulus na?
Zou hij misschien een beetje overdrijven om een punt duidelijk te maken? Hij wist toch ook wel dat het onmogelijk is om plaatsvervangend een probleem op te lossen? Bedoelt hij het in retorische zin: "... als ik ze daarmee kon helpen?"
Misschien van alles wel een beetje. Het toont in ieder geval zijn bewogenheid met zijn volksgenoten. Van de drie motieven "Verplichting, Liefde en Kwelling" komt deze laatste het dichtst bij het hart, het wezen van Paulus.
Mozes heeft ook eens zoiets gezegd: "Ik vraag u, vergeef het hun. En als u dat niet kunt, schrap mij dan maar uit het boek waarin u onze namen hebt staan" (Ex. 32:32).
Deze persoonlijke betrokkenheid bij het lot van de naaste komt heel dicht bij het eigen hart. Als een gebed of als een aanklacht. Of beiden. Bij mij is het een beetje van allebei.

16 mei 2011

Gedrongen door liefde

Mijn vorige blog ging in op een van Paulus' motieven om het Goede Nieuws naar Rome te brengen. De "verplichting" waarover hij schrijft is echter niet zijn enige drijfveer. Een drijfveer, of motivatie, is altijd een optelsom van factoren. Al lezend door zijn brieven komen er nog twee motieven aan het licht. Op het derde motief ga ik morgen in. Vandaag nummer twee: "Want we zijn gegrepen door de liefde van Christus, omdat wij hebben ingezien dat één mens gestorven is voor allen. Daaruit volgt dat allen zijn gestorven" (2 Kor. 5:14).
Dat klinkt de Nederlander al wat beter en vriendelijker in de oren dan het motief van "verplichting" of "schuld." Echter, wanneer we het hebben over "liefde" wordt dat als bijna vanzelfsprekend geassocieerd met gevoel. We zien Paulus dan voor ons als een man die overstroomde van liefde voor de verloren wereld. Echter, het gaat hier niet zozeer over een emotie. Paulus heeft het over een daad van liefde die God demonstreerde toen Hij Christus, toen wij nog zondaren waren, naar de aarde stuurde om voor de wereld te sterven.
Niet een innerlijk te voelen liefde, maar een externe daad van een ander motiveerde hem. Gevoelens van liefde zijn grillig. Als ik lekker in mijn vel zit, de wind in de rug heb, is het relatief makkelijk om die liefde te voelen. Er hoeft maar iets tegen te zitten of al die gevoelens vervagen. Daarom is het van belang dat we het filmpje van Gods liefdesavontuur regelmatig opnieuw bekijken. Het telkens weer opnieuw onder de de indruk raken van die onverdiende demonstratie leidt tot een bestendiger motivatie.
Het is een terugkerend thema in talloze films. Iemand doet iets voor een ander; offert iets of zichzelf op uit liefde. Dit maakt vervolgens zo'n indruk op de ontvanger van de altruïstische daad dat het hem/haar voorgoed een ander mens maakt.
Ik heb in mijn leven al heel wat mensen gesproken die wachten totdat God hun harten vult met liefde. Gelukkig gebeurt dat ook wel maar dat is niet de liefde waarover Paulus schrijft. Het is niet de innerlijke, maar een externe bron waar we uit putten!


Marc Chagall. White Crucifixion (La crucifixion blanche). 1938. Oil on canvas. 155 x 140 cm. The Art Institute of Chicago, Chicago, IL, USA. (Olga’s Gallery)

14 mei 2011

Gedrongen door plicht

Daar houden we niet zo van. Plicht, schuld en ik het krijt staan; mijden als de pest. Onafhankelijkheid en zelfstandigheid moeten worden gevierd (hoewel moeten ook zoiets dwingends heeft en ik laat me door niemand vertellen wat ik moet doen; spul telt alleen als je uit de goedheid en welwillend van het hart doen...).
Paulus, de apostel, de ietwat ruige, soms ongevoelige pionier die er gewoon voor gaat, had een verplichting naar anderen toe. In Rom. 1:14 schrijft hij over een verplichten tegenover beschaafde en onbeschaafde, en tegenover mensen met en zonder kennis.
Waar kwam die verplichting dan vandaan? Wie had hem die verplichting opgelegd? Wie had hem opgezadeld met deze schuld?
Het kan zijn dat hij uit hoofde van zijn roeping tot apostel die schuld beleefde als een onderdeel van zijn taakomschrijving en functie. Het werd van hem verwacht. En hoewel hij er niet voor werd betaald hield zijn "ja" tegen het apostelschap een "ja" tegen de verwachtingen daarvan in.
Waarschijnlijker is dat hij zijn schuld ervaart als een morele plicht. Waarschijnlijker omdat hij ook schrijft over een "sterke drang in mij." Een sterke innerlijke drang wordt eerder verbonden met het hart en de moraal dan aan een taakomschrijving.
De morele plicht bestaat hierin dat Paulus, die in zijn confrontatie met Christus de weg naar het leven vond.

Zijn leven lang op zoek van "A naar B," verplicht hem, na het vinden van de Weg om anderen daar deelgenoot van te maken.
Als iemand de weg kwijt is en mij hieromtrent vragen stelt, mag die ander verwachten dat, mocht ik de weg wel weten, ik die ander zo getrouw mogelijk instrueer. De andere in het duister laten tasten (ik heb die weg zelf ook op m'n eentje moeten vinden...) zou immoreel zijn.
Mogen we de verplichting die Paulus motiveerde om naar Rome te gaan om daar het Evangelie te brengen, veralgemeniseren? Kunnen en mogen we stellen dat op alle christenen de morele plicht rust om anderen deelgenoot te maken van de Weg die we hebben gevonden? Ik dacht het wel!
De weg voor onszelf houden is geen optie! We moeten deze delen.

12 mei 2011

Woorden in de woestijn

Gisteren bladerde ik weer eens door een boek dat ik 24 jaar geleden kocht. Je staat te bladeren, begint te lezen, blijft bij een paragraaf hangen, gaat zitten en kan niet meer stoppen met lezen. Zo'n boek is "40 woorden in de woestijn" van Bernard Rootmensen). Hij gaat in op de vraag wat er aan de hand is met de kerk, geloof en cultuur die alle drie tekenen van 'verwoestijning' vertonen. Welke wegen leiden wel en niet tot heil in de woestijn en wat is de weg tot vernieuwing. Na 23 jaar heeft het boek nog niets aan actualiteit ingeboet. Vooral het vluchtgedrag (naar achter, voren, binnen, buiten, boven, beneden en opzij) dat mensen geneigd zijn te vertonen is zeer herkenbaar. Omdat de weg door de woestijn nu eenmaal niet geplaveid is met waterdichte of eenvoudige antwoorden, is de verleiding groot om deels in ontkenning te leven. dat geldt niet alleen voor de niet gelovige mens. Ook de gelovige heeft de neiging zijn of haar heil in een eenzijdige vlucht te zoeken. Superlatieven zijn gemeengoed maar helpen niet echt. "De Heer heeft met alles een plan," "Lijden heeft zin," "Alles gaat goedkomen," "In de Bijbels staat duidelijk dat..." Met name deze laatste wordt vaak gebruikt als een dooddoener en het elkaar met Bijbelverzen om de oren smijten zou iedere zaak doen vaststaan.
Een staaltje daarvan was gisteren weer eens te zien/lezen op het CIP in een aardig artikel van Andries Knevel over 'twijfel.' Naast een aantal reacties die (gelukkig) getuigen van het vermogen van de mens om toch ietsje dieper na te denken over het leven en de Bijbel in de volle breedte serieus te nemen (in plaats van met een vers de discussie af te hameren hetgeen getuigt van een onvermogen om mezelf los te maken van de rode lolly waaraan ik me al jaren vastklamp omdat de kleur groen me niet aanstaat), is het eigenlijk een vertoning om je voor te schamen.
Mij bevalt de samenvatting van Rootmensen wel als hij in het laatste hoofdstuk "De bloeiende woestijn," schrijft over de toekomst:

De ontwikkelingen van wetenschap en techniek gaan nog steeds razend snel. Morgen is alles weer anders. Futurologen worden daarom ook steeds bescheidener. Je kunt op deze wijze eigenlijk niet veel verder komen dan wat uitspraken op de korte termijn en een aantal vermoedens op de langere termijn. Ik denk ook niet dat we het moeten hebben van bepaalde christelijke toekomstvoorspellers. Te denken valt daarbij aan fundamentalistische christenen van het snit a la Hall Lindsey en de zijnen. Zij hebben weliswaar hun hulpmiddelen danig uitgebreid en geperfectioneerd sinds de komst van de computer. Ze stoppen daar bijbelteksten en krantenberichten tegelijk in en menen zo via bepaalde programmeringen te kunnen bepalen op welk station we zijn aangeland op weg naar Armageddon of naar de wederkomst van de Heer. Maar het door hen gebruikte computerprogramma is echter zeer twijfelachtig en kan elk moment verstoord worden door het computervirus uit Marc. 13,32: 'Maar van die dag of die ure weet niemand, ook de engelen in de hemel niet, ook de Zoon niet, alleen de Vader'. We zullen met een ander, veel opener programma moeten werken.

Bescheidenheid past ons. Realiteitszin moet ons kenmerken. De woestijn kan niet ontkend worden, slechts beleefd. Daarin hebben we elkaar hard nodig. Niet om elkaar zand in de ogen te strooien, kuilen te graven voor een ander of duinen op te werpen. Daar waar Christus onze focus is en ons dus samenbindt, kan het.

10 mei 2011

Luchtfietserij

Alles wat Christus heeft beweerd en geproclameerd zou afgedaan moeten worden als luchtfietserij en esoterisch gewauwel, als zijn opstanding uit de dood niet had plaatsgevonden. Het christelijke geloof staat of valt ermee. En dan hebben we het niet over een geestelijke opstanding maar een feitelijke; een ontbindend lichaam dat opnieuw tot leven wordt gewekt en daarmee de dood knock-out heeft geslagen. De dood, die rechtmatig alles en iedereen opeist, moest Christus loslaten; kon Hem niet in zijn wurgende greep houden.
Door die opstanding bewijst Christus de zoon van God te zijn; de waarheid en kracht van zijn woorden bevestigend.
Af en toe speel ik een eenvoudig computerspelletje, dat eigenlijk voor kinderen is bedoeld (een variatie op "bejeweled"). Blokjes en vormpjes moeten van de ene kant van een trechtervorm naar de andere kant van die trechtervorm; het spiegelbeeld van de bovenste vorm. De boven-, en onderkant worden geblokkeerd door een vormpje dat eerst gedeblokkeerd moet worden. Met de juiste combinatie van stenen kan dat. Eenmaal gedeblokkeerd, vallen alle vormpjes van de bovenste naar de onderste helft.
Simpeler kan ik de opstanding van Christus niet voorstellen. Door zijn opstanding is de dood gedeblokkeerd en is er hoop voor iedereen.
De blokkade is opgeheven! Dat moet iedereen weten. Het leven hier op aarde krijgt zomaar een heel nieuw uitzicht en verhoudingen tot God en elkaar veranderen zomaar. De ogen gaan open en er kan weer worden geademd. Wat een uitzicht!
(n.a.v. Romeinen 1:1-7)

Inmiddels ben ik bijna een dag thuis. Wat een heerlijkheid. Mijn lieve vrouw, mijn eigen bed en een onwaarschijnlijke vracht aan e-mail en lijst met "to-do".
Zoveel dat de moed me in de schoenen dreigt. Hellup! Misschien deblokkeren door alles naar de prullenbak te verplaatsen en deze te legen...

09 mei 2011

Wat doe je als je moet wachten?

Een uur of drie, vier vertraging. "Hollands Glorie" heb ik vandaag uitgelezen dus je moet toch wat. Nog maar wat foto's "ingelijst." Nu douchen, scheren en naar het vliegveld in de hoop dat de vertraging niet nog verder uitloopt.







08 mei 2011

Mijmeren over verleden en toekomst

De Clinic zit erop en vandaag reis ik via Bangkok weer terug naar huis. Huis, thuis, vrouw, kind, kleinkind; aangename en het hart sneller doen kloppende woorden. "Oost, West; Thuis Best" is en blijft het hoogtepunt van iedere reis.
De afgelopen dagen veel nagedacht over de vraag of dit is wat ik wil. Het investeren in de geestelijke en intellectuele ontwikkeling is een eerzame bezigheid en ik geloof dat het Gods ontwikkelingsmodel voor de mens is. Tegelijk weeg je dat wat je doet met je leven en werk af tegen het prijskaartje dat er aan hangt. Daar worstel ik regelmatig mee en een waterdicht antwoord heb ik nog niet gevonden.
Het blijft echter, hoe dan ook, een bijzonder voorrecht. Gisteren zaten mijn collega Rick en ik ergens in de buurt van Bangkok op het dak van een hotel te eten. Rick aan de hamburger (hij blijft toch een Amerikaan) en ik aan een stoere Thaise curry. Reflecterend op de afgelopen week konden we niet anders dan onszelf als bijzonder bevoorrecht prijzen. Samen dachten we terug aan een vergelijkbaar moment toen we een jaar of twee terug samen vanuit de woestijn tussen Caïro en Alexandrië naar de sterrenhemel staarden.

Wat is nu de kern? Waarom doe ik wat ik doe?
Ten diepste gaat het om Gods principes voor groei en ontwikkeling. De opdracht die Jezus zijn volgelingen gaf om leerlingen van Hem te maken over de hele wereld is door de kerk al lang en breed gereduceerd tot programma's en "toeval." Slechts zelden kom je kerkleiders tegen die het maken van leerlingen van Christus als praktisch speerpunt, doel en reden van het bestaan van de kerk hoog in het vaandel hebben staan.
Toen ik jaren geleden met vijftien jongeren aan een reis van een jaar begon en nu terugkijk op de waarde van die reis, kan ik eigenlijk niet anders dan concluderen dat dat jaar een van de beste investeringen van mijn leven is geweest. Niet dat het nou zo'n onverdeeld succes was maar toch kan ik niet anders dan zeggen dat het een zeer effectieven investering was.
Dus, waarom ben ik er niet mee doorgegaan?
Daar heb ik de afgelopen week eens flink over nagedacht en speel met de gedachte om dat een speerpunt van mijn leven te maken. Betekent dit dat ik een stap, of enkele stappen dichter terug naar de kerk moet maken? Weg van een leidinggevende functie in OM en focussen op ontwikkeling en training?
Daar moet ik nog wat meer over nadenken maar ik zie dat ik een weloverwogen besluit moet nemen. Begin ik weer met een groep(je)? Dan zal er ook kritiek zijn omdat je in principe alleen met die mensen werkt die echt willen. Hoewel dat betrekkelijk is. Ook voor de aarzelende leerling die nog moet uitvogelen of Jezus de moeite van het volgen waard is, is zo discipelschapstraject een perfecte plaats.
Reacties?

06 mei 2011

Vertrouwen is niet in een blikje te krijgen

Het is een van de meest bekende en populaire bijbelteksten, schat ik zo in: "Wie bescherming zoekt bij de Allerhoogste, in de nabijheid van de Almachtige verblijft, hij kan zeggen:‘U bent mijn schuilplaats, mijn vesting. Mijn God, ik vertrouw op u.'"
Vertrouwen heeft iets ongrijpbaars. Het is meer dan iemand aanmoedigen: "vertrouw nou maar, vertrouw nou maar!
En toch wil je het pakken.
Het is niet iets dat je in een blikje kunt kopen of van een ander kunt krijgen. Je kunt er over lezen, het principe begrijpen, maar dat maakt nog geen ervaringsdeskundige van je.
Vertrouwen lijkt iets te zijn dat je slechts leert door te doen. En hoe doe je dat dan? Als alle andere mogelijke opties zijn uitgeprobeerd en werkeloos gebleken sta je voor dat donkere ravijn van onzekerheid; kan dat wat ik niet zie, mij toch dragen? Kan dat wat zo ontastbaar lijkt toch aanraakbaar zijn?
Vertrouwen is die innerlijke berusting dat Hij die zover weg kan lijken, er altijd is; dat Hij die het wereldgebeuren z'n beloop lijkt te laten met slechts een woord die loop kan wijzigen.
Vertrouwen is als je 's-avonds in de duisternis langs de kabbelende zee loopt, en je druk kan maken om van alles en nog wat, omhoogkijkt naar de sterren, diep van voldoening kan zuchten en zeggen: U bent de baas en weet wat U doet. Wonderlijk dat die allerhoogste zo klein besloot te worden dat we bijna zouden denken Hem te kunnen begrijpen. Maar daar is Hij dan weer net even te groot voor. Het mysterie blijft en in het midden daarvan blijft Hij dragen door Zijn kracht.

Deze week zijn twee deelnemers aan een van onze korte acties in Africa overleden. Malaria is en blijft een moordenaar. Kenden ze de gevaren? Wisten ze wat het betekende om naar een land te gaan met zo'n hoog risico om Malaria op te lopen? Hebben ze dat potentiële gevaar af kunnen wegen tegen hun besef van roeping?

05 mei 2011

Klasje 2012

Hier is dan het bewijs dat er echt een Mentoring Clinic in Mei 2011 heeft plaatsgevonden. Nog een dag en de deelnemers keren weer huiswaarts.
De Aziatische "pose" van de drie lesverzorgers is afgedwongen door de deelnemers.




04 mei 2011

Geen droge draad

Het zou zomaar eens de heetste dag kunnen zijn van deze week. Om zeven uur kwam ik terug van een lange wandeling en heb geen droge draad meer aan mijn lijf. Gaan we in Nederland naar binnen op op te warmen, hier ga je naar binnen om af te koelen.
Dag drie van de Clinic begint over anderhalf uur. Dit is de "zwaarste" clinic sinds we er jaren gelden mee zijn begonnen. Dat heeft maar weinig te maken met de groep. Het is vooral die betegelde 100 vierkante meter met glas aan drie zijden en geen airco. De ventilatoren staan op maximaal te horren en geluiden van buitenaf kunnen zich ongestoord mengen met de reeds aanwezige kakofonie van krekels, kikkers, karaoke en wat dies meer zij.
Het is voor iedereen een opgave om zich te kunnen concentreren. Alles aan de accommodatie is perfect, slechts de verdraaide samenkomsthal is een constructiefout. We zullen het er mee moeten doen. Gisteren getracht om een enkele sessie in de bieb te doen maar dat was geen onverdeeld succes. Het bijna op elkaar zitten vanwege de beperkte ruimte doet de temperatuur nog eens extra omhoog klimmen.
Los hiervan is het allemaal prima.
Hoor mij nu toch eens klagen terwijl ik daar niet al teveel redenen toe heb. Ik wilde het toch even noemen.
De Heer is goed en opnieuw raak ik deze week overtuigd van het belang om veel bewuster te investeren in de groei en ontwikkeling van anderen. Het is Gods ontwerp voor ons dat we met elkaar en van elkaar leren.

Hieronder een selectie van de oogst van deze morgen.








Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...