27 september 2010

Rondje Stadskanaal

Zondagochtend 07.00 richting Stadkanaal gereden. 253 kilometer schoon aan de haak. Enkele reis. Alleen op zondagochtenden is het in Nederland nog aangenaam cruisen in mijn 30 jaar jonge Mercedes 200 met Pullman bekleding die na 27 jaar in Zuid Italie aan een inhaalslag roestvorming bezig is; de bak kan er geen genoeg van krijgen.... Terug is een crime. De halve wereld rijdt dezelfde kant op; razen, gieren, blazen, snijden.
Is het nu de moeite waard om 500 kilometer te rijden om 2 x 37 minuten in twee verschillende gemeenten te spreken (tussen de diensten door "wraps" gegeten bij oude vrienden)? Uit en thuis in 14 uur; waarom zou ik me druk maken? Thuis blijven, dienstje in de buurt meemaken en de Volkskrant nog eens een keer spellen; toch ook een goede optie?
Het is en blijft een dilemma. Waar geef je je tijd aan? Wat is strategisch? En nu we het er toch over hebben, wie of wat bepaalt of iets strategisch is?
Gaat het om mezelf of gaat het om God?
Tja, ik hoop toch echt dat het om Hem alleen gaat. Tegelijk; voor een groep staan en de Bijbel openen, iets mooiers en dankbaarder werk kan ik me moeilijk voorstellen.
Als ik de Bijbel goed begrijp is het God die ons gaven en talenten geeft en de mens komt het best tot zijn en haar recht als er met die talenten en gaven gewoekerd kan worden. Daarom ga ik maar gewoon door.

24 september 2010

De kerk naar het cafe

Aanstaande maandag zal café de bovenwereld haar eerste lezing met aansluitend de mogelijkheid om met de spreker in gesprek te gaan, presenteren. Café de Bovenwereld organiseert discussieavonden over levensbeschouwelijke, politieke en maatschappelijke thema’s. De avonden vinden plaats in café Soif (Rotterdam Delfshaven) en zijn bedoeld voor iedereen die moeilijke vragen niet uit de weg wil gaan. Een leuke avond aan de hand van een simpel concept: een compacte lezing, ruimte voor discussie en een biertje natuurlijk.
Nee, het is geen kerk en wil dit ook niet zijn.
Heel lang geleden heb ik eens een lezing gehouden over "de Celestijnse belofte." Dat boek was indertijd razend populair en hield de gemoederen flink bezig. De evangelisatiecommissie van een kerk had me gevraagd om zelf met een thema te komen en ik dacht dat, als een boek al zo lang in de Bruna top Tien stond, er misschien wel een of twee mensen over aan het nadenken waren.
De commissie stemde aarzelend toe; "het houdt onze mensen niet zo bezig." "Maar een evangelisatiedienst is toch niet voor onze mensen?" was mijn reactie. Omdat daar weinig tegenin te brengen was werd het thema dus "de Celestijnse belofte."
Normaal gesproken staan mensen niet in de rij om naar de kerk te komen. Toen wel. Afgeladen vol! Zelfs de plaatselijke krant had een afvaardiging gestuurd. Voor en tegenstanders van het boek zaten gebroederlijk naast elkaar en ik had mijn huiswerk naar eer en geweten redelijk gedaan.
Veel gelovigen waren er die avond niet te vinden onder het publiek. Hen kon het blijkbaar niet zo boeien welk boek hun buren lazen en wat hen daadwerkelijk bezig houdt. Bovendien zou je dan na moeten denken over wat je er van zou vinden en een enigszins doordacht antwoord construeren.
Vanuit die achterliggende gedachte, dat actuele maatschappelijke en levensbeschouwelijke vraagstukken doordenking en respons behoeven, wil café de bovenwereld het gesprek daarover faciliteren.
Ik ben benieuwd. Ik ga maandag zeker naar café Soif. Misschien is het thema "wie heeft het denken bedacht" niet helemaal mijn ding (zie mijn vorige blog) maar ik wil daar best eens over nadenken.

22 september 2010

Bavinck

Mijn boekenkast is aangevuld met een zeer fraaie uitvoering van Herman Bavinck's Gereformeerde Dogmatiek. De vierde druk uit 1928. Ziet er nog ongelezen uit. Ik ben meteen begonnen met lezen en ook meteen "gevallen" voor de beste man. Uitvoerig gaat hij in op de vraag waar ons begrip "dogmatiek" vandaan komt en hoe je op een verantwoorde manier dogmatiek "doet." Zijn betoog over hoe de Godsopenbaring zich verhoudt tot het Kerkelijk gezag houdt een belofte in die het verder lezen en studeren veraangenaamd. Niets geen buitensporige en ongezonde claims over het gezag van de kerk maar een relativering daarvan. God spreekt en de mens interpreteert. Dat betekent dat de mens en de kerk het mis kunnen hebben en zich aan gezonde en voortdurende zelfkritiek dienen te onderwerpen.
Ik zal de komende tijd nog vele uren met Bavinck op de bank en in bed doorbrengen.
Waarom mijn fascinatie met de gereformeerde leer?
Hoe langer ik me in de evangelische wereld ophoud, hoe meer ik ontdek dat deze "nieuwe" leer maar bitter weinig nieuws te melden heeft en dat onder de oppervlakte van deze "nieuwigheid" de ferme schouders van de kerkvaders te vinden zijn.
Als er al sprake zou kunnen zijn van "Evangelische Theologie," borduurt deze door op wat er al eeuwen is. Op zichzelf staand is enige Evangelische Theologie op z'n hoogst schraal te noemen. Het is eerder een accentverschuiving van Sola Scriptura naar Sola Gratia. Op zich niets mis mee. De centrale plaats van de preekstoel met de daarop verankerde en opengeslagen Bijbel die de symboliek en de heiligen in de katholieke kerk verving, heeft deels moeten wijken voor een draadloze microfoon die aan een "gewone jongen die de Bijbel in gewone taal uitlegt" vastzit, en die wat rondloopt en interacteert met zijn op zich gelijke hoogte bevindende publiek en op de meest diepe vragen des levens uiteindelijk maar een antwoord heeft dat uit twee woorden bestaat: Genade en Jezus. Niets mis mee toch?
De uitdaging voor de moderne gelovige is om de verhouding tussen de vijf sola's in een gezond spanningsveld voortdurend met elkaar in gesprek te laten zijn. En laten we eerlijk zijn, als je de vijf sola's op je in laat werken ontdek je dat die oude kerkvaders hun huiswerk best wel aardig deden.


21 september 2010

Jeding

Wat bedoelen mensen als ze van iets zeggen dat het wel of niet hun "ding" is? Is de mens steeds zelfbewuster geworden en kent nu zijn grenzen; weet wat wel en niet binnen zijn gaven en talentenpakket valt? Is het de schoenmaker die zich bij zijn leest houdt? Was het maar zo! De wereld zou er baat bij hebben. In werkelijkheid lijkt het een wat neutrale manier te zijn om uit te drukken dat je iets mooi of lelijk vindt, iets wel of niet wil doen omdat je er gewoon zin of geen zin in hebt. "Ik heb er geen zin in," klinkt harder dan "het is niet helemaal mijn ding." Ergens geen zin in hebben kan het niet doen van dat iets waar je geen zin hebt wat minder makkelijk rechtvaardigen. Maar als je zegt dat iets niet helemaal jouw ding is verwacht je dat de ander daar eerder begrip voor kan opbrengen. "Ik heb geen zin om vandaag naar mijn werk te gaan" roept onbegrip op. "Het werk dat ik doe is niet helemaal mijn ding," als motivatie om vandaag niet naar mijn werk te gaan zou wel eens respect op kunnen roepen! Geen zin hebben is definitief terwijl "mijn ding" iets heeft van "ik zou het wel kunnen doen maar het past niet helemaal bij me dus ben ik mijn talenten en gaven niet optimaal aan het benutten."
Ik denk dan ook dat het "je ding" doen past in het Maslowiaanse zelfverwerkelijkende denken en alleen mogelijk is waar onderliggende levensbehoeften redelijk afgedekt zijn. Het "jeding" is daarmee een typering die uniek is voor de "eerste wereld." Jeding impliceert dat er keuzes gemaakt kunnen worden. Als die keuzes ertoe leiden dat de jeding bijdraagt aan een positieve en constructieve "voetstap" die de "jeding claimer" aan het eind van zijn leven achterlaat, ben ik helemaal voor. Als het een slechts een zachtere manier is om je zin door te drijven en allen dat te doen wat leuk is, ben ik tegen.
Hoe dan ook, het blijft een raar ding.

De uitdrukking `je ding doen' is uitgeroepen tot de vaagste van 2009. Op gepaste afstand volgen 'een stukje', 'proactief', 'zeg maar' en `doorcommuniceren'. Vorig jaar kreeg iets 'een plekje geven' de twijfelachtige eer. (Bron: www.nu.nl)


20 september 2010

BetEl: Heerlijk!

Gisteren in alle vroegte naar het oosten des lands getogen om aldaar een overdenking te verzorgen op de BetEl conferentie. "De Kroeze Danne," nabij Delden, is een plek die ik inmiddels met m'n ogen dicht kan vinden. De ontvangst was warm en hartelijk. In de tijd van gebed vooraf aan de dienst klonk de verwachting en afhankelijkheid van God helder door. Na een korte tijd van samenzang kreeg ik na drie liederen het woord. Wat een verademing om te spreken in een sfeer waarin het aanbiddingsteam niet probeert om zoveel mogelijk liederen in een zo lang mogelijke tijd te persen. Gewoon zoiets van "we zingen dat wat we samen willen zeggen" en verwachten dat God door Zijn woord gaat spreken. Zo'n ontspanning en verwachtingen heeft ook op mij een kalmerend en stimulerend effect. Ik kan zowaar de tijd nemen om m'n verhaal te vertellen en het was genieten om ontspannen genoeg te zijn om als het ware met de Geest mee te bewegen. Dat overkomt me helaas niet al te vaak meer. Vaak heb ik het gevoel dat een dienst gehaast is en dat ik "minuten moet winnen." Je zou kunnen zeggen dat dat helemaal mijn probleem is maar ik denk dat er een bredere context is:

1. Mensen kunnen de aandacht niet lang bij een verhaal houden.
Dat hangt voor een groot deel af van de spreker. Zonder al teveel moeite luistert men naar conferences van anderhalf tot twee uur en zonder ook maar met de ogen te knipperen zit men toch gemakkelijk enkele uren onondoorbroken naar een beeldscherm te turen bij het spelen van een computerspel of het zoeken naar een droomhuis. Ja, een saaie monoloog is een oordeel om naar te luisteren maar een spreker moet zijn publiek meenemen en telkens momenten van herkenning creëren die aansluiten bij hun ervaringen, vragen en worstelingen. Dan is het trouwens wel van belang dat een verhaal een of meerdere ontknopingen heeft (de butler heeft het gedaan).

2. De veronderstelling dat men liever zingt dan naar een verhaal luistert.
Dat is helemaal waar voor hen die zich graag mee laten nemen in een "worshipflow." Maar dat doet niet al teveel met hen die zich liever bezig houden met (het ontbreken van) de theologie achter gezangen en moderne aanbiddingsliederen of de voorkeur geven aan andere vormen van aanbiddingsuitingen (de stilte opzoeken, kunst..).

Onlangs stelde een aanbiddingsleider halverwege de "aanbiddingsslot" voor dat wat we nu aan het doen waren een voorproefje was van de hemel en dat het een "geweldige gedachte was dat we dit de hele eeuwigheid zouden gaan doen." Ik ergerde me al aan het volume dat m'n oren nog net niet tot bloedens toe prikkelde en de talloze herhalingen van zinsfragmenten (ik heb in een samenkomst eens geteld hoeveel keer men "Jezus ik heb U lief," of iets van dien aard zong en de teller stond op 32!! toen men uiteindelijk en Gode zij dank buiten adem raakte en de halve gemeente in een semi trance was geraakt!) en als ik geweten had dat de hele "aanloop naar de preek" anderhalf uur in beslag zou gaan nemen was ik waarschijnlijk gewoon naar huis gegaan. Nee, ik wilde niet meer naar de hemel en toen ik na anderhalf uur het woord kreeg was er weinig inspiratie en "zalving" over.
Ja, ik weet het, dat is helemaal mijn probleem met m'n onvolwassen manier van hoe ik met m'n gevoelens hieromtrent omga en ik zou me er inderdaad niets van aan moeten trekken dat tegen de tijd dat ik het woord kreeg enkele ouders al waren gearriveerd om zoon-, of dochterlief op te halen. Dat zou geen enkele rol moeten spelen en ik zou me gewoon moet concentreren op "mijn ding" (wat overigens een afschuwelijk narcistisch idee is. Maar daarover blog ik morgen wel). Toch?

Gisteren was dus een verademing! Ik ben de uitnodigende partij dankbaar voor het weglaten van moderne evangelische parafernalia.
Ik word dit jaar 50. Misschien verklaart dat alles.

16 september 2010

Lente!

Here she is, Lente, eight pound granddaugther of Jan & Martha den Ouden, daughter of Ellen den Ouden & Ron Monster. Born September 16 at 12.30 hrs.

Hier is ze dan, Lente, de acht pond wegende kleindochter van Jan en Martha den Ouden en dochter van Ellen den Ouden en Ron Monster. Geboren op donderdag 16 september om 12.30.

Esthetisch boeten

Drie blaren op mijn voeten bevestigen de vermeende theorie dat hardlopen zonder sokken een mogelijk blaargevaar met zich meebrengt. Gisteren "stoer" toch hardgelopen zonder sokken aan mijn voeten, nu een gedwongen sabbat omdat die ellendige blaren niet zonder nog verdere gevolgen kunnen worden genegeerd.
Aanstaande zondag spreek ik over "karakter" naar 2 Tim. 1:7-9. Spreken over dergelijke thema's is niet zo gemakkelijk omdat het me meteen in een zelfreflectie modus dwingt en me vooral bepaalt bij wat ik persoonlijk aan karakter tekort kom. Nu heeft dat deels te maken met hoe ik in elkaar zit en geneigd ben om zaken te duiden en beleven: "het kan altijd meer en beter," een ander deel is het geestelijke aspect. Hoewel we "vol" in het leven kunnen staan, alles is tegelijk in een staat van "nog niet vol."
"God geeft ons geen laffe geest", maar toch voel ik me vaak nog laf.
"Zodat ik niet meer hoef te vrezen", maar toch maak ik me zorgen en probeer deels m'n toekomst veilig te stellen en is er de drang om te nestelen.
Bij het leven van een volgeling van Christus dringt het beeld zich aan me op van een avonturier die losjes in het leven staat en zich welhaast onbezorgd van het ene in het andere avontuur stort en ieder avontuur redelijk intact overleeft. Daarmee staat een huisje, boompje, beestje leven in schril contrast.

Ik drink thee uit een esthetisch verantwoorde mok maar het ding is zo onpraktisch dat zo'n beetje de helft van mijn thee op mijn, jawel, net schoon aangetrokken jeans terechkomt.
Karakter en esthetiek liggen dicht bij elkaar. Maar de esthetiek van een Christusgelijkvormig leven zal altijd ingebed moeten zijn in gezond, avontuurlijk en bruikbaar realisme.

15 september 2010

Wind, regen en viezigheid

Om 06.15 begint het te lichten. Zal ik wel of zal ik niet? Het waait hard en het regent. Voldoende reden om in bed te blijven en het rondje hardlopen uit te stellen. Bovendien ken ik de weg niet en wie weet verdwaal ik wel. Ik spreek mezelf toe en trek m'n hardloopkleren aan, Ah, m'n sokken vergeten!Met m'n blote voeten in de schoenen, dat lijkt me niets? Ik wuif deze en aankomende excuses weg en ben al snel onderweg. Park door, langs de rivier, tussen de koeien door... heerlijk!
Ik verblijf in het huis van een gezin dat met verlof is in hun vaderland. Twee vrijgezelle jonge mannelijke collega's van me passen op het huis. Het wordt me al snel duidelijk dat oppassen en schoonmaken in het denken en de dagelijkse praktijk van de mannen niet noodzakelijkerwijze samengaan.
Ik zal hier verder niet over uitweiden.
Vandaag weer een dag vol ontmoetingen en zometeen spreek ik het ganse team toe over het advies dat Jethro aan Mozes gaf waarbij ik inga op de vraag of het advies van Jethro eigenlijk wel zo goed was. Ik koppel het aan Numeri 11 waar Mozes nog eens flink moppert bij God en God dan Zijn oplossing aandraagt. De vraag is of die oplossing wel zoden aan de dijk zette. En dat allemaal in 15 minuten.

14 september 2010

Bristol, Edinburgh, Carlisle

Het is nog pikdonker als mijn gastheer en mentor me naar het vliegveld rijdt. Daar aangekomen doet de lange rij wachtenden om door de beveiliging te komen surrealistisch aan. Talloze vluchten van Easyjet en Ryanair blijken zo’n beetje op hetzelfde tijdstip te vertrekken. Met geen millimeter speelruimte over vind ik een plekje achterin de Wit-Oranje tube van Easyjet die me naar Edinburgh zal brengen.

In het vliegtuig denk ik nog na over het gesprek dat ik gisteren met m’n gastheer en vrouw had over de plaats van triomf in het leven van een christen. M’n gastvrouw was aanhoudend; als we nu eens wat meer geloof zouden hebben dan zou het allemaal wel goed komen. Ik denk daar wat anders over. Om het handelen van God te koppelen aan de voorwaarde van meer geloof, is slechts een deel van het antwoord. Er komt meer bij kijken. God werkt ook nog eens met seizoenen en in zekere zin is er een bepaalde mate van onvoorspelbaarheid in Zijn handelen met de mens(heid). De uitspraak als antwoord op de stelling van Jezus dat alles mogelijk is als iemand maar gelooft; “ik geloof, kom mijn ongeloof te hulp,” is een van de meest hoopvolle passages in het Nieuw Testament.  Ik kan me daar helemaal in vinden. Jezus gaat over tot handelen aansluitend op deze geloofsuitspraak. Het gaat niet zozeer om ons vermogen om een bepaald geloofsresultaat te kunnen visualiseren maar om het vertrouwen dat Hij met iedere situatie overweg kan.

Affijn, ik heb de zon boven Edinburgh zien opkomen, de fout gemaakt om koffie bij McDonalds te bestellen (zonde van je geld, ze kunnen het gewoon niet) en gezocht naar een “wax-coat.” Deze gevonden maar de jas was veel te dik naar mijn smaak. Ik blijf zoeken.

Nu onderweg naar Carlisle waar ik vanaf vanmiddag tot en met vrijdagavond aan het vergaderen sla. Het is een voorrecht om mee te kunnen sleutelen aan het OM van de toekomst. De wereld is niet hetzelfde als twintig jaar geleden en zal er over een jaar al weer anders uitzien dan vandaag. Daar moeten we op anticiperen. Welke kansen zijn er voor een groeiende organisatie die als doel heeft om de boodschap van het Evangelie in woord en daad uit te dragen? Welke obstakels komen we tegen? Wat zegt God tegen ons? Een fascinerende puzzel waarvan we een aantal stukjes in handen hebben. Ik geloof maar word geconfronteerd met mijn ongeloof. Ik vertrouw er dan maar op dat Jezus ook vandaag met deze uitspraak aan de slag zal gaan.

13 september 2010

Afstotend?

"Ik vind het Oude Testament afstotend," vertelde de leider van een christelijke organisatie me onlangs. "Als we het Nieuwe Testament niet hadden waarin Jezus de Vader "verklaart," zou ik mijn geloof aan de wilgen hangen.
Staat deze man alleen in zijn beleving, of zijn er meer christenen die moeite hebben om het OT te rijmen met een liefhebbende God?
Er zijn er die alle geweld, volkerenmoord, bloedvergieten en vreselijke strenge morele eisen onder de noemer van Gods liefde hangen en menen dat we allang blij mogen zijn dat God überhaupt nog iets met de mens te maken wil hebben. Er zou helemaal niets in ons zijn dat God zou doen besluiten om genade te tonen. Het is slechts zijn unilaterale liefde; door Zijn barmhartigheden komen we niet om. Totaal verdorven zijn we: zelfs het goede dat een mens al zou demonstreren is als een smerige vlek voor God.
  • Een vader die zijn kind slaat uit liefde.
  • Een vader die zijn kind door vreselijke moeite en lijden doet gaan om zijn karakter te vormen.
  • Een vader die moordenaars en verkrachters gezinnen voor het leven traumatiseert.
  • Een vader die zulke hoge eisen stelt dat zijn kinderen nooit voldoende zullen presteren.
Dit soort zaken kunnen we niet wegmoffelen onder de noemer barmhartigheid en liefde. Dit soort zaken vraagt om een serieus gesprek met elkaar. En met God.
Onze, mijn redding ligt in het Nieuwe Testament besloten. Zonder Christus is het allemaal volkomen uitzichtloos. De meer dan 200 beelden en beschrijvingen van God die we in de Bijbel tegenkomen laten stuk voor stuk een aspect van God zien. Je blindstaren op een beeld zal altijd een gemankeerd beeld geven. Zelfs de collage die alle beelden bij elkaar oplevert geeft geen totaalbeeld van God. Om God enigszins te kunnen begrijpen kunnen we niet om Jezus heen. Hij toont ons het ware gezicht en hart van God. En dat is onze redding. En levende hoop.
Zonder Christus is het OT uitzichtloos en onbegrijpelijk.

Godsverlichting in den Haag (of all places)

Na een week of drie te hebben geprobeerd te vergeten dat ik had beloofd de oude tante van een Zuid-Afrikaanse collega op te zoeken, heb ik u...