09 mei 2010

Kan ik helpen?

Een interessante opmerking van een collega over mentoring en coaching was dat hij vond dat ongelovigen de gelovigen niets te bieden hebben en andersom. Met andere woorden, een mentor of een coach die Jezus niet volgt, heeft mij niets te bieden ik, als Jezusvolger, zou een niet Jezusvolger niets te bieden hebben. Mijn antwoord was dat we hier samen tijdens een lunch maar eens over door moesten praten. Toch; hij verwoordt wat vele voelen.
Toch, als ik al zou voetballen, heb ik liever Louis van Gaal als trainer dan de eerste de beste hobbyist die er ook wel wat verstand van heeft maar een betere keus zou zijn omdat hij Jezus volgt en nu "zo'n fijne man is."
Deze gedachte is het gevolg van dat ene zinnetje in de Bijbel dat zegt dat niemand rechtvaardig is en dat andere zinnetje dat zegt dat zelfs onze rechtvaardigheden als een bezoedeld kleed zijn. Of, zoals de rechtgeaarde Calvinist het zegt, "de mens is tot niets goeds in staat."
Voor het gemak wordt deze waarheid dan verheven tot een algemene regel en zo breed als mogelijk toegepast.
Maar de genoemde zinnetjes zeggen vooraleerst iets over onze verhouding tot God. Verzoening en verlossing kunnen niet worden verdiend, maar slechts door God gegeven en door ons in dankbaarheid ontvangen.
Je wereld is echt klein als je gelooft dat alleen christenen elkaar iets te bieden hebben. Dat is een sektarisch en exclusief denken dat al tot veel geweld en scheuringen heeft geleid. Waarom? Omdat binnen de club er een onzichtbaar rechtvaardigheidsmetertje is waarmee men elkaar meet; we zijn allemaal rechtvaardig verklaard maar ik iets meer dan jij.
De mens, ieder mens, is nog steeds beelddrager van God en dienst als zodanig te worden benaderd en behandeld. Ieder mens heeft een door God zelf toegekende waarde. Daar waar wij dat als waardeloos labelen, spelen we voor God en maken we de afstand tussen God en de mens, die er toch al is, alleen maar groter.

De mentoring clinic zit er bijna op. Vandaag de laatste dag. Dan morgen "debrief" met m'n team en morgenavond terug naar Londen waar ik dinsdag m'n professor ontmoet die me begeleidt bij m'n onderzoek en these. Dinsdagavond reis ik dan van London City Airport (een klein vliegveld aan de Theems) naar Rotterdam-The Hague Airport (Schiphol vermijden is een heerlijke bonus). En dan, tegen 23.00 het hoogtepunt van iedere reis: thuiskomen!



07 mei 2010

Onafgebroken

De komende drie dagen staat de Mentoring Clinic op de agenda. Van 's-morgens vroeg tot 's-avonds laat. Gisteren met het team voorbereid:

06 mei 2010

Nou doet'ie het toch weer!

De rechtvaardige Abraham doet het weer (Genesis 20)! Hij laat rondbazuinen dat de vrouw die bij hem is, zijn zus is en de koning eist haar voor zichzelf op. Dit moet een soort van tussendoor verhaal zijn. Als het in chronologische volgorde zou staan, wordt het helemaal een raar verhaal. Een paar hoofdstukken terug lezen we namelijk dat A en S al heel oud waren. Een koning die een oude vrouw aan zijn harem toevoegt.... Dat denk ik dus niet.
Het loopt allemaal weer met een sisser af. Het levert Abraham een kudde schapen en ossen op, een aantal slaven en ruim 11 kilo zilver op.
Kunnen we nu stellen dat, als God aan jouw kant is, misdaad loont? Het lijkt er wel op. De leugen leidt tot een lucratief einde.
Opnieuw een verhaal dat meer vragen oproept dan dat het zaken verduidelijkt.

Inmiddels heb ik mijn tweede nacht op de LOGOS HOPE (in Antigua) er op zitten. Ik ben snipverkouden en dat is niet echt leuk. Vandaag de laatste voorbereidingen met het team zodat we morgen beslagen ten ijs aan de Mentoring Clinic kunnen beginnen. We hadden gepland om onze voorbereidingen op het strand te doen maar als ik naar buiten kijk is het zwaar bewolkt en valt er heel wat water naar beneden. Dat wordt binnen blijven.
Het is erg leuk om hier aan boord te zijn en zoveel verschillende mensen te ontmoeten.

02 mei 2010

Verzekering voor de toekomst

In het Westen kopen we de zorg voor onze toekomst in. Verzekeringen en pensioenen zijn bedoeld om ons van een natje en droogje te voorzien als we stoppen met werken, ziek worden of om welke andere te bedenken reden stoppen met deelname aan (voor de meesten) het arbeidsproces. Dat is een zegen maar ook een schijnzekerheid. Alle is namelijk betrekkelijk, getuige de recente ontwikkelingen op de wereldmarkt en de, bijvoorbeeld, door hebzucht gedreven woekerpolissen. Bovendien is het meeste opzij gelegde geld geïnvesteerd in aandelen en, naar we nu beginnen te zien, als men in Griekenland besluit om te gaan staken, dat direct invloed heeft op de waarde van mijn toekomstige natje en droogje. Niets is nog zeker.
De dochters van Lot, die inmiddels met hun oude vader in een grot wonen, kennen slechts een zekerheid voor hun eigen toekomst en dat is door nageslacht te waarborgen. En ook vandaag nog zijn kinderen van doorslaggevend belang voor de de toekomst en zorg van de ouders.
In een paar verzen (Gen. 19:30-38) wordt een van iedere emotie en waardeoordeel ontdaan verslag gedaan van hoe de dames hun toekomst borgen. Ze voeren vader Lot dronken en hebben seks met hem. Beide dames worden zwanger en krijgen kinderen, Moab en Ben-Amni. De schande om geen kinderen en nageslacht te hebben lijkt groter dan de schande van het slapen met je eigen vader. Ze zagen blijkbaar geen andere uitweg.
Was het goed of fout? Je weet pas of iets fout is als je met elkaar hebt afgesproken dat iets fout is en je over die regel bent ingelicht. In deze "oerverhalen" is er nog geen sprake van wetten en voorschriften. Die komen pas in de tijd van Mozes aan de orde en in steen.
Je merkt hoe zo'n verslagje van alles met je doet. We hebben er allemaal een mening over. Die mening is echter gevormd door afspraken die we met elkaar hebben gemaakt over wat deugd en ondeugd is. Het is altijd goed om dat in de gaten te houden, telkens wanneer we een oordeel klaar hebben.
God geeft Moab en Amnon een geografisch erfdeel en ze worden boven dien indirect tot het nageslacht van Abraham gerekend.
Het is best wel moeilijk om er een eenduidige les uit te trekken. Wat het mij in ieder geval laat zien is dat God niet meteen klaar staat om te zeggen wat Hij er nu echt van vindt. Hij werkt met en door de situatie heen. Dat vind ik een mooi beeld; het idee dat God nooit met Zijn handen in het haar zit omdat Hij het ook niet meer weet.

Dit is ook het laatste nieuwsitem dat we over Lot en zijn dochters hebben. We lezen verder niets meer over hem. Duizenden jaren later zullen Jezus en Petrus nog aan Lot refereren. Van de Ammonieten en de Moabieten zullen we nog we het e.e.a. horen.

Lucas Cranach the Elder (1472-1553) Lot en zijn dochters

01 mei 2010

Was Lot een opportunist?

Lot wordt vaak geportretteerd als een opportunist die, toen hij zijn kans schoon zag, koos voor het het schijnbaar veelbelovende, waterrijke gebied van de Jordaanstreek. We gaan er dan van uit dat er voor Abraham een minder kwalitatief gebied overbleef. "Lot koos voor zichzelf," zeggen we dan. We komen er in het verhaal echter al snel achter dat het ontbreken van een rivier voor God geen onoverkomelijke hindernis blijkt te zijn. De beloften aan Abraham worden nagekomen en wel precies in het gebied dat God daarvoor bestemd had: Kanaän.
Hoe zelfgericht was Lot nu eigenlijk? De apostel Petrus heeft blijkbaar toegang gehad tot meer informatie dan wij hebben. Hij schrijft in het tweede hoofdstuk van zijn tweede brief: "Maar Lot, die rechtvaardig was en zwaar leed onder de losbandige levenswandel van die wettelozen, redde hij. Deze rechtvaardige woonde te midden van hen, en dag in dag uit werd zijn rechtschapen ziel gekweld wanneer hij hoorde en zag hoe ze zich aan God noch gebod stoorden". Lot ging bekwaam met het recht om. Dat is een compliment en voor God de reden om hem uit Sodom te redden.Temidden van alle godloosheid deed zijn ziel pijn.
Dit verhaal doet in mij een gebed opwellen dat ik nooit onverschillig zal zijn ten opzichte de godloosheid om me heen. Het is zo gemakkelijk om de ogen te sluiten voor het vele onrecht om me heen: "als ik het maar goed heb." Paulus spreekt over een schepping die zucht als een vrouw in barensnood. En, zo vervolgt hij, wij zuchten ook omdat de onvolmaaktheid en het onrecht om ons heen op ons drukt. Een volgeling van Jezus zucht in het verlangen naar Christusgelijkvormigheid. In die zucht zit ook de pijn van de gevolgen van de zonde die we met ons meedragen. Toch komt die dag, dat mijn verlossing volkomen zal zijn. Tot die dag zul je me zeer regelmatig horen zuchten.

30 april 2010

Gedwongen vertrek

Onder zachte dwang wordt Lot, samen met zijn vrouw en twee dochters Sodom uitgeleid. tenminste, als je "sleuren" (Gen. 19:16) zachte dwang kunt noemen. We lezen in de Bijbel niet zo vaak over gedwongen reddingen hoewel er genoeg verhalen zijn van mensen die hun knieval voor de Koning als een gevolg van omstandigheden beschrijven. De omstandigheden lieten hen slechts een keuze; zich laten vallen in Gods reddende hand.
Het is me wel eens verweten dat, toen ik geen kant meer op kon, God opeens goed genoeg was. Een duo Hare Krishna's verweet me eens dat ik de verantwoordelijkheid voor mijn eigen keuzes afschoof op Christus. En ja, ze hadden helemaal gelijk. Het is toch geweldig nieuws dat waar je geen enkele kant meer op kan er plotseling een redder ten tonele verschijnt? Wie zou niet zijn blik op die redder richten?
Goed, het vervolg van het verhaal van Sodom. Blijkbaar waren er geen tien rechtvaardigen te vinden. De stad wordt vernietigd en Lot moet zich nu haasten om het vege lijf te redden. Hij probeert zijn aanstaande schoonzonen mee te krijgen maar die lachen hem vierkant uit.
Het klinkt ook een beetje vreemd. Jarenlang schijnt de zon en morgen zou er plotseling vuur uit de hemel komen en Rotterdam in een smeltoven veranderen? Ook ik zou dat maar moeilijk kunnen geloven.
Maar Sodom verandert in een smeltoven en tijdens de vlucht van Lot, zijn vrouw en twee dochters, raakt Lot ook zijn vrouw nog eens kwijt. Ze draalt en kijkt om; verandert in een zoutpilaar. Daar zit veel symboliek in die we in het onderwijs van Jezus terugvinden. De breuk met het oude leven is absoluut. Maar ook de redding is absoluut. In Openbaring wordt gezegd dat het beter is om of warm of koud te zijn. Lauwheid, dralen maakt besluiteloos en het is nu eenmaal zo dat je je blik maar op ding tegelijk kunt richten.
Daar gaat Lot. Met zijn dochters. Het verleden verbrandt achter hen. Ik ben benieuwd hoe hun toekomst eruit gaat zien.

Albrecht Dürer 1471 – 1528
Lot en zijn gezin verlaten Sodom
olieverf op paneel (52 × 42 cm) — ca. 1496
National Gallery of Art, Washington

27 april 2010

Liever m'n dochters dan m'n gasten

Een staalhard lesje in verantwoordelijkheid voor je gasten nemen; zo zou je de eerste helft van Genesis 19 kunnen beschrijven. De twee mannen die met de Heer rondreizen zijn vooruit gegaan en inmiddels in het huis van neef Lot aangekomen. De mannen van Sodom omcirkelen het huis en eisen de nieuwe gasten op zodat ze "met hen kunnen slapen" (hier kennen we de term "Sodomie" van). Gastvrijheid in de cultuur houdt in dat je borg staat voor de veiligheid van je gasten en Lot biedt de mannen van Sodom zijn dochters aan! "Doe met hen wat je wilt." Gelukkig komt het niet zo ver want de twee mannen grijpen op bovennatuurlijke manier in en het verhaal kent een tragisch einde. Blijkbaar zijn er geen tien rechtvaardigen te vinden en Sodom wordt vernietigd.
Wat een verhaal. Welke vader is bereid z'n dochters op te offeren om het welbevinden van zijn gasten te waarborgen? Alleen de gedachte al dat mijn gasten belangrijker voor me zijn dan mijn dochters zou een onherstelbare vertrouwensbreuk tussen mij en mijn dochters creëren. Een breuk die niet eenvoudig hersteld kan worden. Mijn dochters moeten zich geborgen en veilig voelen en weten bij mij als vader.
Dan die Sodomieten. Ik ben God niet (gelukkig niet) maar als een samenleving zo met vreemdelingen omgaat zou ik graag een vulkaan willen laten uitbarsten. Als ik het verhaal tot me door laat dringen voel ik plaatsvervangende woede. We lezen geen details over de misstanden in Sodom maar een dergelijke actie is tekenend voor een algeheel moreel verval.
Toevallig krijgen wij vandaag een gaste; een architectuurstudente uit Spanje die voor onbepaalde tijd bij ons zal bivakkeren. Stel je nu voor dat alle mannen (of vrouwen) uit Overschie zich vanavond om mijn huis verzamelen en eisen dat ik mijn gaste aan hen overlever zodat ze hun lusten op haar kunnen botvieren. Wat doe ik? Er is geen vulkaan in de buurt en een machinegeweer heb ik ook niet. Mochten deze wel voorhanden zijn dan zou de verleiding groot zijn om eens flink uit te pakken!
Maar om mijn eigen kinderen als alternatief aan te bieden! Wat is er mis met Lot? Dat doe je toch niet!
Nu zal de gemiddelde Bloglezer zeggen dat ik wel heel erg vanuit m'n eigen cultuur op de situatie reageer maar er is een ding dat mijns inziens culturen overstijgt en dat is de vraag of iets ethisch juist of onjuist is. Je eigen kind willen opofferen? Er zijn wel heldenverhalen van mannen en vrouwen die hun kind opofferden voor het welzijn van anderen maar deze verhalen zijn of Urban Legends of grote uitzonderingen.
Dat maakt het verhaal van Jezus zo bijzonder. Hij gaf zich vrijwillig over om ons leven te waarborgen! Dat is geen zaak van ethische juist of onjuist maar een daad van onvoorwaardelijke liefde!

26 april 2010

God bevragen

Is het gepast voor de mens om God te bevragen? Hoe kan de mens, nietig als hij is, de confrontatie met God in al Zijn majesteit aan? Wordt die mens, met zijn beperkte inzicht in het grote verhaal dan niet door God terechtgewezen waarbij Hij zich beroept op Zijn alwetendheid? Het zou niet eens zo vreemd zijn als God zou zeggen
God maakt zijn besluit om Sodom en Gomorra te vernietigen aan Abraham bekend, waarop Abraham besluit om op God af te stappen. Hij loopt heel dicht naar God toe, blokkeert Hem als het ware de doorgang en vraagt "bent u werkelijk van plan de onschuldigen met de schuldigen om te brengen?" Hierop volgt een aantal onderhandelingsronden waarbij wordt overeengekomen dat, als er tien onschuldige mensen te vinden zijn in Sodom en Gomorra, God zijn vernietigingslan niet zal uitvoeren.
Het is, nog aan het begin van de oergeschiedenis van de mensheid, een belangrijk aspect aan het wezen van God dat we hier leren kennen. Er is ruimte bij God. De mens die Hem oprecht zoekt, wordt niet afgewezen of afgeserveerd als onbenul. In een eerder blog vroeg ik me af of de mens niet gereduceerd is als een pion in een groot kosmisch plan. Die vraag wordt hier beantwoord met een volmondig "nee." Angst om God te benaderen is niet gegrond. Abraham ziet het als onrecht als God zou besluiten om de rechtvaardigen met de onrechtvaardigen te vernietigen, "U bent rechter van de hele aarde. Zou u dan onrecht doen?" (18:25). Dat is nogal wat, Abraham die God herinnert aan wie Hij is. Gaat dat niet een beetje ver?
In de onderhandelingen vinden we in Gods antwoord geen enkel spoor van verwijt naar Abraham toe. Als je de hele geschiedenis leest krijg je onbewust het gevoel dat God naar Abraham toekwam en aanstuurde op deze confrontatie, er misschien wel op hoopte.
Voor mij persoonlijk is dit een belangrijke geschiedenis. Het aloude portret van God waarop Hij wordt voorgesteld als een onvermurwbare, boze God die liever met zwaard en vuur te werk gaat dan met liefde en genezing, is niet juist. het moet eerder een portret zijn waarop God wordt afgebeeld als de Schepper die in pijn en verdriet is om de morele afval die het gevolg is van een bewust weglopen uit een door Hem ontworpen liefdesrelatie.
Nu blijft het verhaal spannend. Zijn er in Sodom en Gomorra tien mensen te vinden die rechtvaardig zijn?

Marc Chagall (1889-1985)
Abraham Approaching Sodom with Three Angels


23 april 2010

Weet'ie het of weet'ie het niet

Na de ontmoeting met Abram trekken de drie Heren verder. Dit keer naar Sodom. Er is hen het een en ander aan beschuldigingen ter ore gekomen (De Sodomieten en Gomorranen doen zeer veel kwaad) en nu willen ze persoonlijk uitzoeken of die beschuldigingen werkelijk waar zijn (Genesis 18). Uit de context van het verhaal blijkt dat de Heer, mochten de beschuldigingen waar zijn, van plan is om Sodom en Gomorra te vernietigen. Hij heeft besloten om dit aan Abraham te melden.
Maar wat me opvalt is dat de Heer zelf eerst op onderzoek uitgaat. "Ik wil het weten" (:21). Alsof Hij dat nog niet wist? Hier wordt God wel een beetje beperkt voorgesteld. Waarom zou dat zijn? Kon Hij dit niet op afstand zien?
Het lijkt erop dat God bewust van boven naar beneden komt en de mens betrekt bij Zijn plannen. Juist om niet de indruk te wekken dat het allemaal een "done deal" is en dat we allemaal pionnen zijn in een groot, onzichtbaar en van te voren vastgesteld plan. Misschien is er wel ruimte om te onderhandelen en zou God tot andere daden bewogen kunnen worden.
Twee mannen zijn inmiddels vooruitgelopen en God en Abraham blijven achter. Daar staan ze dan. Op de top van een heuvel, uitziende over Sodom en Gomorra. Het ziet er niet al te best uit. Ik ben benieuwd hoe dat gaat aflopen.

22 april 2010

Van binnen lachen

Sara hoort vanuit de bescherming van de tent een van haar drie bezoekers aan Abraham melden dat ze over een jaar een kind zal hebben. Abram deed het eerder en nu doet zijn het ook; ze lacht in zichzelf.
Wij noemen dat ook wel een binnenpretje. Iets is of komisch of zo belachelijk en onwaarschijnlijk dat het haast weer komisch is. Dat laatste is hier aan de hand. Ik ken het gevoel ook wel. Iemand is zo overtuigd van zijn of haar gelijk over iets onbenulligs, onwerkelijks of doms dat je, om de zaak niet nog erger te maken of om je overtuigde vriend niet openlijk te kijk te zetten, je in jezelf lacht.
Het is ook wel wat bizar. De besjes, oud en afgeleefd (Sara's woorden) krijgen een baby.
"Zou voor mij iets onmogelijk zijn?" vraagt een van de reizigers als reactie op Sara's verborgen gehouden lachen.
Dit is nu typisch zo'n onmogelijke situatie waar maar een optie overblijft en dat is een bovennatuurlijk ingrijpen van God.
Naast alle "gewone" handelen van God lijkt Hij dit soort toekomstbepalende, bovennatuurlijke ingrijpen spaarzaam uit te delen. Een enkele keer hier, dan weer wat daar. Het lijken de zetten te zijn van de Grootmeester. Maar telkens als Hij een zet doet blijkt dat Hij ook degene is die het laatst lacht. Als we het zonder Zijn zetten moesten doen was het allang einde verhaal geweest.

Sara lacht,Houtsnede van Julius Schnoor von Carolsfeld, 1794-1872


Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...