11 april 2010

Stappen zetten in het onzekere

Lees hier onze Engelse of Nederlandse nieuwsbrief. Vers van de digitale pers!

Abram wordt alom geprezen vanwege zijn gehoorzaamheid aan God. In Genesis 12 lezen we over het vooruitzicht dat God hem geeft: voorspoed, stamvader van een groot volk, eerbied en zegen zullen zijn deel zijn. Hij hoefde alleen maar de eerste stap te zetten; God zou hem vervolgens verder leiden.
Het is een belangrijk verhaal omdat we nu al weten (we kennen het hele verhaal immers) dat de weg naar stamvaderschap, voorspoed, zegen en eerbied niet over rozen zou gaan. Abram zou vele hindernissen tegenkomen en uitdagingen aan moeten gaan, die zijn geloof en vertrouwen danig beproefden. Het verhaal is daarmee een archetype van de weg die God met de mens wil gaan. De essentie van de aanvang van de reis is dat Abram besloot om z'n boeltje bij elkaar te pakken en in gehoorzaamheid te gaan. Pas na de eerste stap zou de volgende te zetten stap duidelijk worden. Niet eerder.
De weg die God met zijn kinderen gaat is er een van diep geloof, geluk, plezier en voldoening maar ook van verdriet, ziekte, afscheid en twijfel. Het hoort er allemaal bij. Op die reis is uitzicht van groot belang en dat hebben we in Christus. Uitzicht op het eeuwige. Uitzicht op die dag van volmaakte en blijvende verandering. Uitzicht op het moment dat we Hem zullen zien zoals Hij is! Ik ga daar graag voor! Het is dubbel en dwars alle moeite waard.

Een wel zeer romantische, westerse en arische voorstelling van
het vertrek van Abram uit Haran van József Molnár (1880)

09 april 2010

Taal, verwarring en verspreiding

Het verhaal van Babel kent een interessante parallel in het Nieuwe Testament. Op de pinksterdag horen de aanwezigen in Jeruzalem de discipelen in hun eigen taal spreken. De drieduizend mensen die zich op het horen van het Goede Nieuws zich bij de discipelen aansloten keerden kort daarop terug naar hun eigen landen en stammen waar ze dat Goede Nieuws in hun eigen taal konden doorvertellen. De boodschap van het Evangelie is voor iedereen en taal mag geen barrière zijn om die boodschap te horen en te begrijpen. God grijpt bovennatuurlijk in en de boodschap is helder: het verzoenend en verlossende werk van Christus brengt de mens weer samen, barrières worden geslecht en eenheid is mogelijk.
De discipelen hadden de opdracht gekregen om discipelen te maken van alle volken. In eerste instantie bouwen ook zij "een stad." De eerste gemeente blijft in Jeruzalem en klontert samen. De enige verspreiding die plaatsvindt is plaatselijk. Een drama, de steniging van Stefanus, is de aanleiding om de eerste groep gelovigen over de aarde te verspreiden; God wil gezien en gehoord worden tot in de verste uithoek van zijn schepping.
De "taal" van het Evangelie is universeel: relevant voor alle taalgroepen en culturen. De verspreiding gaat cultuurchristendom tegen. Dit ontstaat waar christenen besluiten om zich ergens te vestigen en sterke "steden" te bouwen. Waar grote groepen christenen samenklonteren dreigt het gevaar dat men zelfgenoegzaam wordt en vooral met zichzelf bezig is. Tienden worden geclaimd (als het om geld gaat grijpt men maar al te graag terug op de OT wetten en voorschriften) en ingezet voor zelfhandhaving in plaats van deze te investeren in verspreiding. Maar al te gemakkelijk wordt voorbijgegaan aan het wonder van pinksteren waar de Geest talen, culturen en mensen verzoend en verenigd. Dat moet toch iedereen horen en weten!
Heeft God de gemeente bedoeld om sterk te zijn en "het" allemaal voor elkaar te hebben? Ik geloof dat iedere gemeente in een staat van verwarring moet zijn, voortdurend in beweging, anticiperend op de beweging van de Geest, de wereld besmettend met het liefdesvirus! Te midden van die verwarring ("Ze hebben teveel gedronken," Hand. 2:13) bindt Gods Geest ons samen; Hij spreekt alle talen. Ze komen uit Hem voort (Gen. 11:9) en komen bij Hem terug (Hand. 2:11).

08 april 2010

Viertje

Het is weer zo'n week die bol staat van pijnstillers en hangen. Op een schaal van 0-10 geef ik mezelf een vier+. Wat triggered het? Na meer dan dertig jaar ervaring, onthouding van potentiële triggers is het antwoord net zo helder als de binnenkant van een rioolbuis bij slecht licht.
Tot zover m'n paar regeltjes van gemopper over m'n gebrek aan welbevinden.
Tegelijk heb ik me bezig gehouden met Noach (na de vloed) en de bouw van Babel. Dat laatste verhaal (Genesis 11) is uitermate intrigerend. Taal maakte de mensen sterk, gaf hen een gevoel van onoverwinnelijkheid en dat werd gevierd door een stad te bouwen met daarin de grootste wolkenkrabber. Nu was een wolkenkrabber in die tijd al gauw hoog en veel competitie was er niet. Met de technologie en inzichten van die tijd kan die toren nooit echt tot aan de wolken hebben gereikt, op die paar dagen in het jaar na dat het mistig was.
Maar het ging eigenlijk helemaal niet om die toren, hoewel die er meestal wel wordt uitgelicht. Het ging erom dat de mens, door een stad te bouwen en zich daarin opsloot, de opdracht om de aarde te bevolken, naast zich neerlegde.
De door God geïnitieerde verwarring had tot gevolg dat clubjes die dezelfde taal spraken zich elders gingen vestigen.
Het verhaal blijft echter intrigeren, temeer daar we God in de Bijbel leren kennen als een "eenheidsbevorderaar" en zeker niet als iemand die doelbewust verwarring sticht maar eerder als fan van vrede en heldere communicatie.
Tekstueel is er veel over te zeggen; de auteur schreef niet zomaar een stukje geschiedenis. Er zitten knappe literaire constructies in, bijvoorbeeld de antithetische structuur die je veel in de Bijbel tegenkomt (maar in onze vertalingen minder zichtbaar is, of bijna verloren gaat) in de verzen 11:1-9. Hieruit blijkt dat het meer is dan geschiedenis. De auteur was ook nog eens een knappe taalkunstenaar.


06 april 2010

Vrede, Vrijheid en het Koninkrijk

Over twee weken gaan Martha en ik een paar dagen naar het Midden Oosten om een aantal keer te spreken voor een groep gelovigen die in de regio werken. Het idee is om een aantal studies te doen over Jesaja 52 en daar ben ik momenteel mee aan het stoeien. Er worden machtige, triomfantelijke beelden en grote woorden gebruikt die in schril contrast staan met de werkelijkheid van het heden; superlatieven die het Joodse volk als een magneet vooruit blijven trekken. Vallen, opstaan en weer doorgaan: "Puinhopen van Jeruzalem, barst in juichkreten uit!" Waarom zouden puinhopen juichen? Omdat de Heer heeft getroost, vrijgekocht en zijn macht en bevrijding heeft getoond.
De tijd wordt samengepakt in dit hoofdstuk. Het lijkt te slaan op een gebeurtenis maar het is universeel. Egypte, Assur en Babel worden in een zin genoemd terwijl er in werkelijkheid een eeuwenlange geschiedenis tussen deze gebeurtenissen ligt.
Als een vogel vliegen we over het plaatje en zien dat het niet om een geïsoleerde gebeurtenis gaat. Het gaat om Gods hand door de geschiedenis heen en omdat deze hierin zo zichtbaar, haast tastbaar is, is er een levende, krachtige hoop voor de toekomst.
De bode die een boodschap van vrede en de vrijheid komt brengen, stemt de mensen blij, doen de wachters op de muren en de puinhopen van Jeruzalem in gejuich losbarsten.
Ik kan u vertellen, geachte bloglezer, dat dit momenteel niet het geval is. Dergelijke bodes worden over het algemeen uitgespuugd.
Vrede en vrijheid kunnen alleen binnen Gods oorspronkelijke ontwerp voor de mens worden gerealiseerd. En dan kun je niet om Christus heen, voor velen nog steeds een steen des aanstoots. De prijs die vrede en vrijheid vraagt, is voor velen te hoog. Het kost teveel om het eigen gelijk op te geven; te erkennen dat Hij gelijk heeft.
Maar waar dat gebeurd lijkt het wel alsof zelfs de straatstenen er anders uitzien en God loven!

04 april 2010

Helemaal droog

".. was de aarde helemaal droog" (Genesis 8:14).
Een nieuw begin. De herinnering aan het oude bestaat alleen nog maar in het geheugen van Noach en zijn gezin. Wat ga je doen met een nieuwe, lege wereld voor je? Wat een geweldige kans is het als je als het ware helemaal opnieuw kunt beginnen. Noach hoefde zich niet druk te maken over vragen zoals waar hij een bankrekening zou openen, welke auto hij zou gaan kopen, waar hij z'n hypotheek en een all-in abonnement (bellen, internet en tv) zou afsluiten en of z'n spaargeld er nog wel was. Geen file's meer, geen geweld meer (hij kon de voordeur en achterdeur vanaf nu weer gewoon openlaten), geen burenruzie's meer, geen promotie op het werk en ga zo maar door.
Na stille zaterdag volgt de opstanding. De opstanding van Jezus is Goed Nieuws. Een nieuw leven is mogelijk! Alles is vanaf dit moment anders. God's verlangen om de mens weer dicht bij zich te hebben, is mogelijk geworden. Het leven met Christus wordt niet voor niets "Nieuw Leven" genoemd; het oude is voorbijgegaan. Dat oude dragen we mee in onze herinneringen en heeft het potentieel om ons weer helemaal terug te zuigen maar heeft tegelijkertijd het gezag over ons verloren; verdronken en begraven!
Leven vanuit de opstanding is het mooiste dat mij is overkomen. De spanning die de werkelijkheid van het opstandingsleven enerzijds en ons bestaan in de wereld anderzijds voel ik iedere dag.
Maar de kracht van de opstanding is sterker dan de zuigkracht van het oude. Het oude zit in de prullenbak op mijn desktop; reeds verwijderd maar nog wel ruimte innemend op de harde schijf van het leven. Nu mag ik uitzien naar de dag, die komen gaat, dat de prullenbak permanent wordt geleegd.
Jezus is opgestaan. Hij leeft! En ik leef met, en door Hem.

"Toen bouwde Noach een altaar voor de Heer, deed een keus uit de reide dieren en bracht op het altaar een offer" (Gen. 8:20).

p.s. De oorsprong van deze illustratie heb ik niet kunnen achterhalen.

03 april 2010

Verborgen in de dood

Op een haar na had het boek geen vervolg gekregen. Stel je voor dat Noach, zijn gezinnetje en de dieren niet behouden waren gebleven? Dan was het eerste boek tevens het laatste geweest.
Zelfs in Gods oordeel is het verlangen naar leven, zichzelf terug te zien in Zijn schepping, verborgen. Hij heeft zijn plan om het laatste hoofdstuk te gaan schrijven nog maar net gemaakt of het zaadje van een vervolg wordt tot leven gewekt. Nog voordat het oordeel wordt uitgevoerd is er al een plan om nieuw leven te scheppen: "Zo kan elk dier zich weer voortplanten en verspreiden over de aarde" (Genesis 7:3).

Vandaag is het stille zaterdag. Jezus is dood. Zijn volgelingen verslagen, verdrietig en zonder uitzicht. Is het verhaal uit?
De dood is bezig om iets tegen Jezus te vinden dat haar het recht geeft om Hem in haar onherroepelijke klauwen vast te houden. Het verhaal van Jezus leven wordt minutieus uitgeplozen. De dood wordt zenuwachtig. Tot nu toe heeft ze niets kunnen vinden dat ook maar enigszins als aanklacht tegen Hem kan worden gebruikt. Terwijl de wereld wacht wordt de dood wanhopiger. Het kan zijn dat ze Hem moet laten gaan. Morgen is het Pasen; is dit gepland, of wat?
Men had het kunnen weten. In de onzichtbare en in de zichtbare wereld. God had het Leven al zo lang geleden en bij herhaling aangekondigd. Maar het leek te onwaarschijnlijk, te mooi om waar te zijn. In het sterven van Jezus lag reeds het leven besloten. Morgen zullen we weten of het is gelukt.

01 april 2010

Ode aan de Solanum tuberosum

Gisteren heb ik Martha op de Fyra naar Amsterdam gezet en van daar is ze naar Barcelona gereisd om een week met Moniek en Roger door te brengen. Nu moet ik nadenken over wat ik wil eten. Dat worden vooral eenpansmaaltijden. Vanavond spaghetti met Jori en Bart die bij me komen eten. Ik zou ook Solanum tuberosa kunnen schillen maar dat doe ik liever niet. Het klink ongeloofwaardig maar ik ben allergisch voor wat men in de volksmond ook wel (rauwe) aardappels noemt. Als ik ze onder water schil, waardoor de vrijkomende vochtdeeltjes niet in de lucht komen, is er niets aan de hand. Maar dat schilt nogal vervelend, zo met twee handen in een teil met water dus laat ik ze bij voorkeur liggen waar ze liggen, bovenaan de keldertrap.
De aardappel, je staat er nauwelijks bij stil maar de Nederlanders eten ze officieel pas sinds 1727, toen de aardappel voor het eerst in Friesland als voedsel werd erkend.
Dat betekent dat mijn voorvader (7 generaties terug) Kornelis Kornelisse den Ouden (gedoopt 23-7-1719, overleden voor 1776) toen hij een jaar of acht, negen was waarschijnlijk voor het eerste aardappels at. De opa van deze beste man, Pieter Pieterszoon den Ouden, die meester-broodbakker was en omstreeks 1653 werd geboren, heeft waarschijnlijk nooit aardappels gegeten. Dat is bizar. Nog geen tien generaties terug at men geen aardappels! Al die voorvaderen, die in het dorpje Nieuw Lekkerland werden geboren, daar hun leven doorbrachten, stierven en werden begraven, moesten tot na 1727, leven zonder aardappels. Misschien we later want het is namelijk nog maar de vraag hoe lang het duurde voordat het geheim van de aardappel vanuit Friesland naar Zuid Holland afzakte. Wat wel moois is dat al die mensen van voor 1727 niet wisten of ze wel of niet allergische waren voor aardappelen. Hieronder een portret:

31 maart 2010

Rein, onrein en geitenwollen sokken

"Van alle reine dieren zeven mannetjes en hun wijfjes, van de onreine dieren moet je er twee meenemen, een mannetje en zijn wijfje" (Gen. 7:2).
Het langzaam lezen van Genesis, waarbij ik probeer om net te doen alsof ik helemaal niets weet en het voor het eerst lees (ja, ik weet het, dat kan eigenlijk niet) roept onherroepelijk heel veel vragen op.
Hoe wist Noach bijvoorbeeld wat reine en onreine dieren waren? Wie had die keuze gemaakt en op basis waarvan? Pas veel later neemt God met Mozes het instructieboekje door en is er een norm waaraan getoetst kan worden of een dier rein of onrein is.
Had Noach voorkennis? Of zou het zo kunnen zijn dat de mens middels observaties een scheiding had aangebracht tussen dieren die de mens tot nut waren (vlees, wol, melk, leer) en dieren die een bedreiging vormden voor de gezondheid en instandhouding van de mens.
Het feit dat we het als een gegeven tegenkomen, Noach wist wat het verschil was, impliceert dat men er wel degelijk over na had gedacht. Als God later het e.e.a. vastlegt kan het best zijn dat Hij bevestigd wat er al was.
Maar goed, de onreine dieren mochten ook mee in de ark. Je zou kunnen zeggen dat dit Gods kans was om meteen met die onreine dieren af te rekenen maar dat doet Hij dus niet. Waarom niet? Zou het niet zo zijn dat, ook al had God er spijt van dat Hij de mens gemaakt had, het niet over Zijn hart kon verkrijgen om over te gaan op een algehele destructie en dit een vooruitblik is op de effecten van de verlossing en de verzoening in Christus? "Wat God rein heeft verklaard, zul jij niet als verwerpelijk beschouwen" (Hand. 11:9).
Hoe meer ik er over nadenk hoe stiller ik er van word: de reikwijdte van de verlossing in Christus is immens. Een groot mysterie maar met een impact die zijn weerga niet kent: in Christus ben ik helemaal rein verklaard, volkomen aanvaardbaar voor God. Wauw.
O ja, nog een ding over die dieren. persoonlijk ben ik blij met alle wolverschaffende dieren. Ik ben een beetje een wolfreak: angora, merino, cashmere, alpaca (nee, geen shetland wol, dat is te grof en te breekbaar). Hieronder twee detailopnames van mijn nieuwe sokken. 100% wol (je ruikt de schaap/geit, door het scherm heen) en persoonlijk gebreid door mijn lieve schoonmoeder. Pikant detail: al mijn zuiver wollen sokken was ik persoonlijk met de hand.


30 maart 2010

Een poging tot Genesis


Weer thuis heb ik ook weer de rust om verder te lezen in Genesis en de dag te beginnen met een mok Typhoo tee (met melk). Thee drink ik uit mijn nieuwe mok; een leuke herinnering aan twee geweldige weken die vooral geweldig waren omdat Martha erbij was. Martha houdt niet zo van dat gereis (daarom vliegt ze morgen naar Barcelona, denk ik) en normaal gesproken zou ik degene zijn die zich druk maakt over bijna twaalf uur vliegen, maar de frustratie was vooral van Martha's gezicht en lijf te lezen. Nu moet ik zeggen dat het ook voor mij het minst aangename onderdeel is van de reis. Wat we in films en advertenties te zien krijgen over beenruimte, lachende passagiers die er heerlijk ontspannen en gelukkig uitzien is alleen waar voor hen die het zich kunnen veroorloven. De cabine waar de goedkope passagiers zitten heeft iets van een vrachtwagen vol met varkens die vanuit de intensieve houderij onderweg zijn naar een vleesverwerker die deze verwerking tot een wetenschap heeft verheven: het is een oordeel!
Maar goed, je kiest er zelf voor, zou je tegen kunnen werpen. Helemaal gelijk en daarom staat mopperen niet netjes.
Het lezen van Max Weber's "The protestant ethic and the spirit of capitalism" is de aanleiding voor deze gedachtespinsel.
Een luchtvaartmaatschappij verleent geen diensten, maar verkoopt een product met de intentie om zoveel mogelijk winst uit dat product te halen. Dienstverlening is meer een noodzakelijk kwaad en naarmate men bereidt is om meer bij te dragen aan de winst van het bedrijf dat een product aanbiedt, gaat de klasse van dienstverlening ook omhoog. Die kosten worden betaald door mensen die op hun beurt weer een product verkopen. Als hun product nu voldoende winst oplevert, komt de illusie van maakbaarheid naar de voorgrond; geluk kan worden gekocht. Maar dat geluk wordt alleen beleeft als er vergelijkingsmateriaal is, in dit geval het vee dat zich vijf meter verderop door de nacht frustreert. Maar ook dat vee heeft een keuze gemaakt. Iets meer betalen om in een keer van Amsterdam naar Bangkok te vliegen bijvoorbeeld, heeft ook een prijs. Via Moskou, Londen, Parijs, Dubai, Wenen kan het ook. Och, de pijn van een doorverbinding of overstap, laten we het daar maar niet over hebben.
Dus, ben ik nu zielig? Nee, ik ben een kapitalist. In plaats van genoegen te nemen met het meest noodzakelijke in dit leven (voedsel en onderdak) kies ik voor werk waarbij gereisd moet worden. Dat hoefde ik niet te doen, dat is mijn keuze. Er is en was een alternatief.
Als u, geachte lezer, ooit weer iemand hoort mopperen over te weinig beenruimte, geprefabriceerde vliegtuigmaaltijden, dehydratie, gedoe op vliegvelden, wachten, in de rij staan enz., kijk deze man of vrouw dan indringend aan en zeg: "Kappen met dat gezeur; je bent niet zielig, je bent een kapitalist."
Goed, ik had wat over Genesis 7:2 willen bloggen maar dat komt morgen wel (Hoe wist Noach welke dieren rein of onrein waren?)
Een volgende blog zou dan kunnen gaan over wat een kapitalist nu eigenlijk is.

29 maart 2010

Zolang de aarde bestaat (en meer Bangkok foto's)

Zolang de aarde bestaat
zal er gezaaid worden en geoogst,
zal er kou en hitte zijn,
zomer en winter,
dag en nacht.
(God, de Bijbel, Genesis 8:22)

Een geweldige belofte die God zichzelf deed nadat, op een enkeling na, alle leven van de aarde was weggevaagd door de grote vloed.

Gek eigenlijk dat zo'n tekst een diepe indruk op me maakt nadat we vanmorgen terugkeerden uit Thailand. Twee weken van vergaderen en nadenken waarbij me opnieuw opviel hoe serieus we binnen OM ons werk nemen.
Misschien is het omdat de belofte spreekt over een eindeloze cyclus van een begin, een einde en vervolgens begint het weer opnieuw (dit werd trouwens door de Prediker als "eindeloos vermoeiend" betiteld).
Misschien omdat het me erbij bepaalt dat we werken zolang het dag is en er dus nog hoop is. De vermoeidheid van Prediker slaat toe als je teveel stil staat bij het feit dat waar aan de ene kant het koninkrijk van God gestalte krijgt, het ergens anders afbrokkelt. De dag impliceert in een gevallen wereld helaas ook nacht!
Wat me bijzonder bemoedigde de afgelopen weken is dat ook tijdens deze vergaderingen het thema sociale gerechtigheid een duidelijke plaats kreeg; iets waar we iedere dag mee worden geconfronteerd (vooral met het ontbreken ervan). Als kinderen van het koninkrijk mogen we de transformerende kracht van het Evangelie zichtbaar en kenbaar maken. In Christus is verandering mogelijk! Maar die verandering kan nooit om het kruis heen: verzoening en verlossing zijn de noodzakelijke ingrediënten voor vernieuwing.











Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...