10 november 2009

Asterix en het Koninkrijk (4): Zelfdecimatie


Een belangrijke strategie van de Romeinen is om, door subtiele beïnvloeding onrust in het kamp van hun vijanden te zaaien. Ditmaal (Asterix en de grote oversteek) is er ruzie in het Gallische dorpje en de inzet is vis (waar doet dat me opeens aan denken). Opnieuw, zonder zelfs maar het zwaard ter hand te hoeven nemen, kijken de Romeinen lachend toe hoe het dorp zich overgeeft aan zelfdecimatie. Misschien zat er niet eens een bewuste strategie achter maar, doordat de hooiprijzen de pan uitrezen en derhalve de hooitransportbedrijven stiptheidsacties hielden en vis (nog) minder vers in het Gallische dorpje aankwam dan gewoonlijk, het gevolg is dat het nu opeens over vis gaat en men blind is voor de bredere discussie over oorzaak en gevolg.
De plaatselijke visboer rood van woede omdat zijn handel ter discussie staat, Abraracourcix niet al te blij (zijn dragers zijn ziek vanwege het eten van rotte vis), Panoramix ongeduldig (die heeft verse vis nodig als ingrediënt voor zijn toverdrank) waarop de ecclesia besluit om Asterix en Obelix erop uit te sturen om te gaan vissen.

Ik weet niet of u, geachte lezer, hierin analogen bespeurt. maar wat mij betreft liggen ze voor het oprapen.
De afgelopen week heb ik me opnieuw verbaasd over wat we allemaal doen met onze vis. In sommige kerken ligt de vis te rotten; er zijn nog wat graatje over. In weer een andere kerk wordt de vis gepimpt en verwordt tot niets minder dan een karikatuur. De bijzaken worden hoofdzaken. Ondertussen lacht de vijand. Die hoeft bijna niets te doen en lacht in zijn vuistje als de kerk zich afwendt van haar eigenlijke taak; het maken van discipelen van alle volken. De kerk kan wel wat verse vis gebruiken.

09 november 2009

Een groot klein licht

Een klein lampje temidden van grotere lichten helemaal valt totaal niet op en wordt weggewuifd of totaal genegeerd. Temidden van de duisternis schijnt datzelfde lichtje als een baken en zo fel dat het je de ogen doet dichtknijpen.
Vanmorgen rende ik m'n zes kilometer rondje (als ik het niet als eerste dingetje van de dag en direct als ik wakker wordt doe, doe ik het helemaal niet) gewapend met m'n LED zaklampje (op een Navigator conferentie gekregen) om tegemoetkomende en achteropkomende medeweggebruikers te laten weten dat "hier" iemand is. In het Zestienhovense park (wat er van over is) is dat geen overbodige luxe en gebruik ik dat onopvallende, nietszeggende, door slechts drie knoopbatterijen aangestuurde LED lampje zelfs om mijn pad te verlichten. Als de gebruikelijke straatverlichting ontbreekt, er geen huizen zijn die met hun strooilicht de omgeving wat opknussen geeft dat kleine lampje zelfs een licht euforisch gevoel: "moet je eens kijken hoeveel ik kan zien en hoeveel licht het geeft."
Kortom, hoe groter de duisternis, hoe helderder het eenzame licht. Ik denk dat ik daar moed uit zou vatten als ik in een omgeving zou werken en leven die van God noch gebod iets wil weten. Het effect van zelfs het kleinste lichtje daar is zoveel groter dan het oorverdovende licht van de grote lampen.

05 november 2009

Asterix en het Koninkrijk (3): Verraad!

Verraden worden door je volksgenoten is zo'n beetje het ergste wat iemand kan overkomen. Goscinny heeft de verrader misschien bewust geen naam gegeven; het zou iedereen kunnen zijn. Jij, ik. Ons hart kent ons motief: trots, koppigheid, zonde, geld...

Het afgelopen weekend hadden we een miniconferentie georganiseerd. Een van de deelnemers had een gekleurd verslag geschreven aangevuld met eigen inzichten, oordelen en afkeuringen. Dat verslag is vervolgens naar een soort van elitestam onder de christenen gestuurd. Op grond van het gekleurde verslag van de deelnemer velde de voorman van de club zijn vernietigende oordeel.
De betreffende club heeft "de waarheid" hervonden en lijkt op zoek te zijn naar afwijkingen, Die afwijkingen bevestigen hen in hun waarheid.
De Jezus+ optie is een optie die al vroeg de vereniging van gelovigen binnendrong. De apostel Paulus waarschuwt de gelovigen om niet terug te keren naar het vertrouwen op de wet. De reden dat mensen verlangen naar de wet is dat het een bepaalde vastigheid en zekerheid geeft. Je kunt de lijst met voorschriften en wetten naast je leven leggen en op die manier je geestelijke groei en ontwikkeling beoordelen. Hoe meer groene vinkjes, hoe beter het met je gaat.
Iedereen heeft z'n zwakke plek. De anonieme verrader, geconfronteerd met de waarheid bekent:

Een van de grootste uitdagingen in ons leven is om de zaken eenvoudig te houden. Het Evangelie is nooit bedoeld geweest om slechts door intellectuelen begrepen te worden. Jezus vroeg eenvoudige gehoorzaamheid van eenvoudige mensen. Jezus vraagt ons om God lief te hebben boven alles en onze naaste als onszelf. Het is de onzekerheid in onszelf die ons ertoe brengt om onszelf opnieuw een last op te leggen en de andere een net iets zwaardere last. Maar het is verraad. Aan God, aan het Evangelie en aan de mensheid. Redding, verlossing wordt ingewikkeld en onbereikbaar. De kern van het Goede Nieuws is dat het juist wel bereikbaar en begrijpelijk is. Als we dat elkaar afnemen staat dat gelijk aan verraad.

04 november 2009

Asterix en het koninkrijk (2). De Zieners

In Asterix en de ziener verschijnt een louche figuur ten tonele die zichzelf een ziener noemt en het vermogen heeft om tweedracht te zaaien. Na het drinken van een kopje geitenmelk deelt hij mede dat er een vrijdenker in hun midden is. Het onmiddellijke resultaat is dat iedereen zich gaat bezighouden met wie de vrijdenker in hun midden is. Omdat de Galliërs toch wel respect hebben voor hogere machten kent men aan elk woord van de ziener een bijzonder gewicht toe. Binnen drie bladzijden breekt er een gevecht uit onder de dorpelingen.
In de kerk van alle eeuwen zien we dat mechanisme ook. Waar de Bijbel gelijkheid van de leden centraal stelt, zijn wij toch geneigd om het ene lid meer eer toe te kennen dan het andere. De woorden van een spreker die ook nog eens vijf boeken heeft geschreven en een aantal titels achter en voor zijn naam heeft staan, wegen zwaarder dan de woorden van een simpele ziel die eenvoudigweg Jezus wil volgen. Iemand die een miljoen boeken verkoop moet toch wel iets te zeggen hebben. Het is echter meer de kracht en de macht van de cijfers en niet noodzakelijkerwijs van de Geest.
In mijn eigen leven zijn passeerden heel wat profeten de revue. In de meeste gevallen had het tweespalt en verwarring tot gevolg. Let wel: ik ben helemaal voor de gaven van de geest en geloof in de bovennatuurlijke openbaring van Gods wil en woord. Wat mij noopt tot voorzichtigheid en licht cynisme is de tweedracht, verdeeldheid en leugen die in de naam van God wordt gezaaid. Of, een valse geruststelling, zoals hieronder te zien is:


Voorzichtigheid is geboden. We kunnen er zomaar naast zitten en de aandacht afleiden van wat werkelijk belangrijk is en het zicht op de werkelijkheid verliezen. Interne verdeeldheid weerhoudt Gods kerk van actie naar buiten toe. In zekere zin zijn we allemaal zieners; we zien allemaal wel wat of, zoals mijn collega Jan Bouwman het zou zeggen, 'iedereen wil overal zijn plasje neerleggen.' Ondertussen assimileert de vijand nog meer volken en de kracht van de ketel ligt vaak ongebruikt op de plank!

03 november 2009

De poorten van de hel..

Asterix en Obelix moeten het kamp van de vijand intrekken om een landgenoot uit de klauwen van de Romeinen te redden. Vastberaden doch met gemengde gevoelens (Obelix is verliefd op de verloofde van de te redden landgenoot) kwijten ze zich van hun taak. Zonder ook maar een spoor van intimidatie en onderweg vrienden makend met andere "aliens" lopen ze zelfs voor de vijand uit, alsof deze niet bestaat. Die vijand, de grote sterke Romeinen, lopen achter de feiten aan zoals op onderstaand plaatje (klik erop voor vergroting) te zien is. Op de laatste bladzijde is het, al vijftig jaar en vierendertig avonturen lang, groot feest: missie geslaagd.
In Matteüs 16:18 zegt Jezus: "En Ik zeg u, dat gij Petrus zijt, en op deze petra zal Ik mijn gemeente bouwen en de poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen."

02 november 2009

Altijd gevolgen

"Het kind van de rekening" kennen we allemaal en we zijn het ook allemaal wel eens geweest. Het kind van de rekening zijn zuigt; de gevolgen dragen van iemand anders stommiteit, misbruik of zonde is geen pretje.
Keuzes die we maken hebben altijd gevolgen. Maar die gevolgen zijn niet altijd instant. Daar kan een tijd overheen gaan.
Onlangs sprak ik een man die een belangrijke beslissing aangaande zijn toekomst moest maken en had verschillende opties. Een daarvan was verhuizen naar Singapore. "Maar wat ik zo dom vindt van de Singaporezen is dat ze mijn zoon verplichten om dienst te doen in hun leger."
"Wil je de baan?" vroeg ik hem. "Ja," was het antwoord. "Wil je het je zoon aandoen dat hij verplicht in een vreemd leger moet dienen?" "Nee," was het antwoord.
Kijk, of hij het nu stom vindt van de Singaporesen of niet, is niet zo interessant. Dat verandert niets aan de feiten. Kiezen voor Singapore betekent dat hij ook voor een deel de toekomst van zijn zoon bepaald.
Op korte termijn levert het hem voordeel op. Op langere termijn zal zijn zoon de rekening gepresenteerd krijgen.
Achab moet zo nodig de tuin van zijn buurman hebben. Hij is de koning dus dat is makkelijk. Je verzint een list en de buurman sterft. Heb jij lekker de tuin. Maar God is niet gek en straft Achab. Achab krijgt oprecht spijt en bekeert zich. God is genadig en stelt de straf uit. Achab's zoon zal boeten.
Of we dat nu leuk vinden of niet, doet er niet zoveel toe. Het principe is van belang. Keuzes hebben altijd gevolgen. Is het niet vroeg, dan wel later.
Daarom is Jezus het wonder van God als Hij alle gevolgen van alle verkeerde keuzes eens en voor altijd in zichzelf opneemt en naar het graf draagt. Wauw!
dat wil niet zeggen dat we geen gevolgen meer voelen en merken.Er zijn altijd gevolgen op onze keuzes maar wat het betekent is dat we uitzicht hebben. We weten waar we naar toe kunnen!

30 oktober 2009

Schaap en Asterix

Van de week een nieuw wollen tapijt gekocht voor m'n kantoor. Twee bij drie meter. Groter had Ikea niet (alleen de dure maar wel erg mooie Perzisch tapijten zijn groter verkrijgbaar; dan ben je wel 1000 euro verder (misschien als ik ooit rijk word)). Het is echt wol en mijn kantoor ruikt naar schaap. Ik houd van die lucht. Het is beter dan de uitlaatgassen die zich door kieren, roosters en ramen mijn kantoor binnendringen. Het motiveert me om eindelijk eens een makelaar te bellen en ons huis te koop te zetten zodat we dichter bij de schapen kunnen gaan wonen. Van Rome naar de Gallische buitenlucht, zeg maar.
Nu ik het toch over de Galliërs heb; ik zou graag de hele serie van Asterix en Obelix willen vergaren. Ik las ze vroeger wel, maar heb ze nooit aangeschaft. De afgelopen weken ben ik bijzonder geïnspireerd geraakt door het thema van een klein volkje tegen de grote boze wereld die in vrijwel ieder verhaal het dorpje probeert te assimileren. Tot nog toe (afgelopen week verscheen het 50ste album) zonder succes.
Waarschijnlijk zonder dat het expliciet hun bedoeling is, introduceren de schrijver en tekenaar een wereld die in een aantal lijnen parallel loopt het het koninkrijk van God. dat wil ik verder gaan uitwerken en wellicht doe ik in 2010 de preekstoelenronde van Nederland en luister ik mijn verhaal op met plaatjes uit Asterix en Obelix. Dus, heb je nog exemplaren liggen en wil je me helpen bij het verzamelen, laat het me weten. Ik zie het al voor me hoe ik me boven het schapenaroma dat van mijn kleed opstijgt en geflankeerd door mijn Bijbel ter rechterzijde en Asterix en Obelix ter linkerzijde mijn prekerij op een hoger niveau weet te brengen.


Op deze foto:
Bureau (Jonas), bureaulamp (Antifoni), boekenkasten (Billy) en tapijt (Hellum) van Ikea.
Bureausyoel van Viking
Leesstoel met voetrust van Kwantum
Laserprinter van Canon
Pennenbak en prullenbak van Bas van der
Heyden
Telefoon van
Motorola
Computer
HP Pavillon
Computerscherm (22') van
HP
Op de voorgrond, nauwelijks zichtbaar: slaapbank
Ektorp van Ikea

29 oktober 2009

Zou het angst zijn?

Experimenteren met nieuwe vormen; het lijkt welhaast onmogelijk binnen de bestaande denominationele en kerkelijke structuren.

In "Chasing Francis" van Ian M. Cron* wordt dit dilemma beschreven. De schijnbare zekerheid die een bestaande structuur biedt, is waarschijnlijk het grootste obstakel in het proces van veranderingen. Een soort ingebouwd verzet tegen verandering houdt de noodzakelijke vernieuwing die de kerk nodig heeft tegen. Vanmorgen las ik in de plaatselijke Overschiese krant een interessante uitspraak: "Als je tegen de stroom ingaat kom je altijd uit bij de bron." De oorsprong van ons kerk-zijn bestuderen is niet voldoende, er moet ook een wil zijn om tegen de bestaande stroom in te roeien om dichter bij die bron te kunnen leven. Helaas is het boek van Cron (nog) niet vertaald. Ik ben benieuwd of een uitgever de moed heeft om het op te pakken, of dat iemand zoals Simon van Groningen een boek gaat schrijven.
Waarom houden we zo hardnekkig vast aan onze ingesleten patronen. Het lijkt erop dat, binnen de evangelische wereld, iets dat vier keer achtereen wordt gedaan, meteen verheven wordt tot traditie: "zo doen we dat hier." Vervolgens kom je er nauwelijks mee vanaf.
"Het schept onrust als je de orde verstoort of omgooit," is de veelgehoorde tegenwerping. Maar
dat zou een zeer gezonde onrust zijn omdat het "anders doen" mensen dwingt om voor zichzelf de vraag waar het nu allemaal om gaat, te beantwoorden.
Onlangs sprak ik in Adelaide een groep jonge volgelingen van Jezus toe. Wat hen samenbracht was het verlangen om op een meer authentieke Nieuw Testamentische manier samen te komen. Geen script, geen orde van dienst. Wel eten, veel interactie en de preek was meer een dialoog dan een 30 minuten durende monoloog. Ik voelde me vrij! En weet je, het evangelie was hetzelfde.
Tot slot: de essentie ligt niet in de vorm. Een verandering van vorm leidt niet vanzelfsprekend tot een verandering van het hart. Daar is meer voor nodig. Bekering is, zonder uitzondering en voor iedereen, het beginpunt van de reis.

(*)
Most Helpful Customer Reviews

23 of 24 people found the following review helpful:
5.0 out of 5 stars Our pilgrimage too, September 12, 2006
Chase Falcon, megachurch pastor, has lost his faith. When a young girl falls off her bike and never wakes up, Chase's answers suddenly seem hollow. His faith comes crashing to the ground at the worst possible time: in the middle of a sermon.

"I used to have all the answers, just opened the Bible and there they were. The truth is, they aren't all there - or if they are, I can't find them. I've tried to convince you that Christianity is logical and straightforward, as if God can be codified and stuffed into files he can't jump out of. Each time uncertainty knocked on the door, I hid behind the couch until it went away. Now I'm the one who's thirsty. And the Jesus I've known for twenty years isn't making it go away."

"And what about our church? I mean, is this all there is?..."

Understandably, few at the church know how to react to Chase's crisis. When the elders ask him to take a leave of absence, Chase goes on a surprising pilgrimage, chasing and learning from Francis, better known as Saint Francis of Assisi. Through this novel, Chase's pilgrimage also becomes our pilgrimage too.

Near the end of the book, Chase says, "When I left here, I wasn't sure what a Christian looked like anymore. My idea of what it meant to follow Jesus had run out of gas. I started feeling less like a pastor and more like a salesman of a consumerized Jesus I didn't believe in. Learning about Francis helped me fall in love with Jesus again - and with the church again, too."

I didn't think I could learn so much from a novel, but then again, I've never read a novel that has a study guide before. This book expresses some of what I have experienced, minus the exotic pilgrimage. I was genuinely sad when the book ended because I wanted more.

Not everyone will appreciate this book. Some will not know what it means to go through a crisis of faith, and will not appreciate Saint Francis as an example. But for those of us who long for more, Chasing Francis may take you on a pilgrimage, from a faith with all the answers to a more robust faith and genuine love for Jesus and the church.

28 oktober 2009

Kelten en Romeinen

Klik hier voor onze nieuwsbrief.

Vorige week werd een professor in de literatuur in DWDD geïnterviewd naar aanleiding van het faillissement van DSB en het verschijnen van het 50ste Asterix en Obelix boek. Wat was de link? De stelling was dat Nederlanders Kelten zijn maar liever Romeinen zouden willen zijn. Er staan altijd figuren in het kleine Gallische dorpje op die, geïnspireerd door de Romeinen, groter willen doen dan ze in werkelijkheid zijn. Dat leidt altijd tot verdeeldheid en daarom hebben we steeds weer een geweldig verhaal. De introductie van muntgeld bijvoorbeeld splijt het dorp in tweeën en zou zomaar de ondergang van het Gallische volkje kunnen zijn. Dat kleine Gallische dorpje is groot in hun klein zijn. De hele wereld ligt aan de voeten van de Romeinen maar dit volkje blijft zich verzetten.
Ik zou de vergelijking door willen trekken naar de kerk. Die kan zich zo mee laten nemen door de principes van het koninkrijk van de wereld dat men klakkeloos de principes en cultuur van die wereld overneemt. Maar daarmee verliest ze de grootste kracht die ze heeft; het vermogen om zich te onderscheiden en anders te (blijven) zijn.
Het groot willen doen zit in ons allemaal en het vraagt om een voortdurende alertheid om hoofd en bijzaken van elkaar te scheiden. De principes van het Koninkrijk van God zijn tegenculturistisch (zelf verzonnen woord). Om de normen en waarden van het Koninkrijk hoog te houden is het nodig om klein te blijven; de minste te willen zijn.
Maar de Romeinen blijven altijd imponeren. Zij zijn met meer.
De kracht van de Heilige Geest stelt ons in staat om ons te blijven richten op de unieke identiteit van dat Koninkrijk van God waar God liefhebben boven alles en je naaste als jezelf centraal staat. Mensen die liefhebben zijn sterke mensen. Een volgeling van Jezus is iemand die bij de wedergeboorte in de ketel is gevallen en is eens en voor altijd in staat om lief te hebben. Dat onderscheidt ons. Niet verdeeldheid zaaien maar samenbinden door de liefde staat centraal.

27 oktober 2009

Kerk zoekt dominee (2)

Positief gespannen vindt de eerste ontmoeting tussen de afvaardiging van de kerk en Henk, de potentiële nieuwe dominee plaats. De eerste indruk is goed en er lijkt chemie te zijn tussen de beide partijen. Henk wordt ondervraagd over zijn visie op Israël, de opname van de gemeente (denkt Henk dat deze voor, tijdens of na de grote verrukking plaats zal vinden?), het koningshuis, zijn mening over homo's, de EO, de vrouw in het ambt, de Heilige Geest, seks voor het huwelijk (Henk probeerde hier grappig te zijn en lanceerde een doordenkertje door te vragen wat de geachte commissie vond van seks na het huwelijk, maar, of ze begrepen het niet of ze hadden geen gevoel voor humor), en nog een aantal van dit soort bepalende factoren. Jaap, die als secretaris van de commissie optrad, hield de score bij: 94%. Ruim voldoende dus.
De commissie had (anoniem) een aantal diensten waarin Henk voorging meegemaakt en zij waren onder de indruk van zijn spreekvaardigheid en zijn preekstructuur (altijd drie punten). De programmamaker, die zijn huiswerk had gedaan vroeg nog waarom dat zo belangrijk was. Wist de commissie niet dat de driepuntenpreek door Aristoteles in de vierde eeuw voor Christus was bedacht en dat onze moderne preekstructuur de wortels meer heeft in het heidendom dan in het Nieuwe Testament? Daar had de commissie geen commentaar op en een van de leden begon een verhaal over God die groter was dan welke cultuur dan ook en komt niet alle cultuur bij God vandaan (een variant op "Why should the devil have all good music").
Waar men het niet over had:
  • Hoe denkt Henk dat we als kerk het Goede Nieuws in binnen en buitenland effectief uit kunnen dragen?
  • Kan Henk er mee leven dat de kerk wel 5% van het totaalbudget weggeeft aan zendingsprojecten?
  • Hoe denkt Henk dat we als kerk ons denken over en onze praktijk aangaande het Bijbelse gegeven dat we een gemeenschap zijn vorm kunnen geven?
  • Hoe denkt Henk het onderwijs in de gemeente op zo'n manier gestalte te geven dat het leidt tot een transformatie in de levens van de leden?
Waar het mij om gaat is dit: we maken ons druk om heel veel zaken die afleiden van de oorspronkelijke opdracht die de Heer aan Zijn kerk gaf: "Maakt discipelen." Veel bijzaken zijn hoofdzaken geworden. U, geachte lezer, zou de indruk kunnen krijgen dat ik tegen dominee's ben maar dat is niet het geval. Zolang de dominee, voorganger, pastor zijn plaats kent binnen het scala aan gaven die God aan de gemeente geeft en zich niet gaat gedragen als de man aan de top. naders krijg je dit: de titel van dit boek getuigt van een ongelooflijke domheid en gebrek aan inzicht:

Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...