19 augustus 2009

Ik word oud

Lees hier onze meest recente nieuwsbrief

Ik vergeet veel. Heel veel. Toen ik zestien was had ik dat probleem niet. Ik had zelfs geen agenda. Ik onthield alles. Nu moet ik ervoor gaan zitten om me te herinneren wat er gisteren ook weer gebeurde. Namen van mensen die ik al heel erg lang ken? Ik staar naar hun gezichten en vraag me af hoe ze heten.
Ik ben gelukkig niet de enige. Het overkomt meer mensen die zich in de zogenaamde middelbare leeftijd bevinden. Maar het is oervervelend. "Dat schrijf ik thuis wel op." Niet dus. Thuisgekomen is er een vage herinering aan iets dat ik op zou schrijven. Maar wat?
Ik heb inmiddels zoveel "papers" geschreven dat ik nu onderhand wel zou moeten weten hoe voetnoten en verwijzingen gedocumenteerd moeten worden. Dat komt nogal nauw bij academisch werk (stelletje muggenzifters). En toch grijp ik nog vaak terug naar de voorbeelden en bij de laatste correctie vind ik nog altijd punten en komma's die ontbreken of verkeerd staan. Ik vergeet het gewoon. En dat frustreert enorm.

17 augustus 2009

Genieten van gebakken lucht...

Lees hier onze meest recente nieuwsbrief

Gisterenavond sprak ik tijdens de maandelijkse "Hoop Praise" in Dordrecht en het thema was "genieten." De schriftlezing was uit het meest deprimerende Bijbelboek Prediker waarin we o.a. het vers vinden,"wie kan iets genieten buiten Hem om?" Dat is zo'n beetje het enige vers in het boek waarin nog wat uitzicht te vinden is.
De rest van het verhaal is min of meer een uitvoerige verhandeling over "lucht en leegte."Hoe dan ook, het was een geweldige gelegenheid om het "genieten in Hem" uit te diepen en de link naar het Evangelie, het Goede Nieuws, is snel gemaakt. Zo'n tien mensen besloten om het genieten met God te omarmen en Christus te gaan volgen. Ik maakte het niet al te makkelijk en sprak over bekering, totale overgave en de heerschappij van Christus. Aan het vinden van het ware Leven hangt een stevig prijskaartje: je verliest je leven om, eenmaal door de deur heen, te ontdekken dat je het Leven vindt. Als je eenmaal dat Leven hebt gevonden kun je je nog maar moeilijk voorstellen waarom dat je al die jaren hebt tegengesparteld om dat vast te houden waarvan je eigenlijk al wist dat het een hoop gebakken lucht was.

16 augustus 2009

Waarom nieuwsbrieven

Lees hier onze meest recente nieuwsbrief.

Vandaag spreek ik weer eens ouderwets in twee verschillende diensten. Vanmorgen in de uitzenddienst van Rebecca van der Sluis in de Evangelische Gemeente De Driehoek te Bleiswijk en vanavond tijdens de zogenaamde Hoop Praise in Dordrecht. Ik heb er echt zin in en zie er naar uit om volgend jaar weer meer tijd aan het spreken te kunnen geven.
Zoals je bovenaan deze blog ziet is onze tweemaandelijkse nieuwsbrief weer geschreven. Nummer 125. Dat betekent dat we nu 250 maanden bij OM werken omdat ik vanaf het begin elke 15e van de even maanden een nieuwsbrief schrijf. Ik heb het een keer overgeslagen maar heb me daar meteen van bekeerd en mezelf beloofd dat ik het altijd trouw zal blijven doen. Het is altijd veel werk omdat ik de brief vervolgens naar het Engels vertaal.
Waarom zo "fanatiek" die brieven schrijven? Het is simpel. Ook al zijn we in dienst van Operatie Mobilisatie, onze financiën worden opgebracht door een vriendenkring die bestaat uit mensen die geloven in het werk dat we doen en die mensen zijn dan ook, in strikte zin, onze opdrachtgevers. Aan je opdrachtgever leg je verantwoording af. Vandaar die brieven dus.
Nu zou dat brieven schrijven niet beperkt moeten zijn tot christeleijke werkers die voor hun inkomen afhankelijk zijn van giften. Ik heb vrienden die een "normale" baan hebben en toch een jaarlijkse brief schrijven voor vrienden en kennissen. Ik vind dat een heel goed idee. In een paar minuten ben je bijgepraat over de stand van zaken.

13 augustus 2009

Leven vanuit "Wat is"

Veel mensen leven vanuit de illusie dat wanneer de gewenste "hogere lat" is bereikt, ze eindelijk zullen kunnen vliegen. Ze pijnigen zichzelf door te vliegen met te korte vleugels: "als m'n vleugels een beetje groter zouden zijn, zou alles goed komen."
Maar wij moeten leven met "wat is." De Israëlieten voedden zich met manna terwijl ze onderweg waren naar het beloofde land. Manna betekent, "wat is." Ze wisten niet wat het was dus daarom noemden ze het, "wat is." Ze leefden van "wat is." Jij en ik moeten leven van "wat is." Het alternatief is sterven. "Wat is" houdt ons in leven en niet "wat zou moeten zijn." De Israëlieten werden al snel moe van "wat is." maar het onderhield hen totdat ze in het beloofde land aankwamen. Jij en ik kunnen ook wel eens moe worden van "wat is" maar we moeten ermee leren leven totdat ook wij in het beloofde land aankomen.
"Heer, ik vraag U niet om een speciale behandeling. Ik vraag U om kracht om om te gaan met alles wat op mijn weg komt en dat in mijn voordeel te gebruiken."
Naar: Stanley Jones: "The Way", 1956

11 augustus 2009

Down Under

Nog een maand en ik vertrek voor een maand naar Australie. Ik heb er heel veel zin in. Vier Life Direction weekenden achter elkaar in Adelaide, Sydney, Melbourne en Geelong. Vanmorgen weer wat wijzigingen aangebracht in de tekst van het 40 pagina tellende werkboek. terwijl ik het doorlas realiseerde ik me dat ik de tekst eigenlijk helemaal opnieuws zou moeten schrijven. De laatste versie is van 2005 en in de afgelopen vier jaar ben ik verder gekomen op mijn pelgrimsreis. Over enkele zaken ben ik genuanceerder gaan denken en ik zag ook dat er nog veel te veel jargon wordt gebruikt (door mij). Diep ingesleten, leerstellige paden waar mijn voorvaderen voor hebben gevochten en waar velen hun leven voor gaven worden door mij opnieuw bevraagd.
Aarzeling. Wie ben ik nu eigenlijk? Wat denk ik eigenlijk wel te weten? Die mannen (want dat waren het vooral) waren vele malen slimmer dan ik ben of ooit zal worden en zouden toch wel weten wat ze deden toen ze de leerstellingen omtrent de drie-eenheid, uitverkiezing, de totale verdorvenheid van de mens, de wil van God, de positie van de vrouw enzovoorts, minutieus uitdokterden en in formules vastlegden? Durf ik er vragen over te stellen? Ik doe het toch maar. Voorzichtig.

10 augustus 2009

Hangen en types

Een top weekend was het niet. Sinds lange tijd weer eens serieuze hoofdpijn gehad. Beetje hangen op de bank, wat DVD's kijken en boeken lezen. De laatste pijn heb ik vanmorgen weggeparacodt en nu hang ik half verdoofd weer achter m'n beeldscherm.

Een van de boeken die ik aan het lezen ben is "The Gospel of Ruth" van Carolyn Custis James. De subtitel klinkt veelbelovend: "Loving God enough to break the rules." Het is met stip een van de betere exposities van dit geweldige bijbelboek. Ze vergelijkt het leven en de ellende van Naomie met dat van Job en er zijn heel wat parallellen. Naomi stelt dat God haar heeft verlaten en de reactie van Ruth daarop is een reactie van hoop en geloof omdat ze die God wil volgen!
Er staat veel in het boek Ruth wat wij voor lief hebben leren nemen. De reden hiervoor is dat we in het Westen geprogrammeerd zijn om de Bijbel op een eenzijdige manier te lezen. Een van die programma's is dat van de typologie. We lezen het boek door het brilletje dat ons opdraagt om Christus te zoeken. Wie is een type van wie? Boaz is dan Jezus, Ruth de heiden en Naomi zal waarschijnlijk Israël zijn, of zo. Het scenario heeft van tevoren al kleur en geluid gekregen. We gaan te snel voorbij aan de tragedie, de schaamte, de verlatenheid, de hopeloosheid en het breken van talloze regels. De reis naar het vinden van betekenis en zin is ook voor de gelovige een avontuur waar hoogten, en diepten, pijn en vreugde, hoop en hopeloosheid een werkelijke rol spelen. Die kunnen niet worden weggepoetst door een opgewerkt en verwacht optimisme. Het is van groot belang dat we op onze geloofsreis twijfel, vragen boosheid en teleurstelling weten te erkennen en verwoorden.
Ik heb een uitgever getipt en hoop dat het wordt vertaald. Het is een belangrijk boek dat ons bepaalt bij de werkelijkheid en hardheid van het leven. Job stierf, verzoend met God, maar met veel beantwoorde vragen. Ook Naomi krijgt niet al haar verlangde antwoorden.
Het is een verhaal over gebrokenheid en geloof. En dat is een belangrijke boodschap in een wereld die bevolkt wordt door talloze gebrokenen.

1795-William-Blake-Naomi-entreating-Ruth-Orpah

06 augustus 2009

Waar praten we over?

Regelmatig ga ik uit eten met voorgangers en gemeenteleiders. We vergelijken dan onze aantekeningen. Omdat ik momenteel interviews met tien voorgangers aan het uitwerken ben (ja, weer een andere opdracht), realiseerde ik me dat het eigenlijk altijd over een ding gaat: de uitdagingen van het kerkleiderschap.
Een gemeente leiden gaat niet vanzelf. De tien voorgangers noemen als grootste uitdagingen waar ze in hun kerk tegenaan lopen onder andere:
  • De traagheid van veranderingsprocessen
  • De angst om risico's te nemen
  • De pijn en verwondingen die mensen je aandoen
  • De weigering om conflicten op te lossen
  • De sobere vaststelling dat we als mensen consequent zijn in zelfgerichtheid
  • Het omgaan met verleiding op het terrein van seks en macht
  • De neiging om alles alleen te doen en weinig aandacht te hebben voor teambuilding
  • Hoe bijzaken de plaats innemen van de voornaamste taak van de kerk: getuigen van het Goede Nieuws
  • Verveling
Wat ik maar weinig hoor is hoe geweldig het allemaal gaat, dat alle neuzen dezelfde richting opstaan, dat alle gemeenteleden actief betrokken zijn bij een kring en zich actief uitstrekken naar Christusgelijkvormigheid. Hoewel, het duurt even voordat een gemeenteleider het echte verhaal vertelt. Aan de oppervlakte lijkt alles meestal wel aardig te gaan maar schijn bedriegt.
Ik zeg wel eens "leadership is a bitch." Iedereen wil tevreden gehouden worden en dat is totaal onmogelijk. Ieder gemeentelid heeft een uitgesproken idee over hoe de gemeente eruit zou moeten zien en is in min of meerdere mate ontevreden over de werkelijkheid. Die is altijd anders. Een verademing zijn die mensen, en ze zijn er gelukkig hoor, die zichzelf voldoende kunnen relativeren en zich geven, ondanks het feit dat het allemaal nog wel heel erg onvolmaakt is.

05 augustus 2009

De kerk als bedrijf

Onlangs sprak ik met een echtpaar dat full-time studentenwerk doet. Het christelijke studentenwerk is hartstochtelijk missionair en voor duizenden studenten is het werk van deze organisaties van eeuwig levensbelang geworden. Regelmatig spreek ik voor studentenvereniging en vraag dan steevast aan de studenten of ze, zonder het werk van deze organisaties nog zouden geloven in God. De helft steekt dan meest de hand op. Van levensbelang dus.
Kerken zouden m.i. veel meer moeten investeren in dit belangrijke zendingswerk dat in vrijwel alle steden wordt ondernomen.
Goed, terug naar het echtpaar. Ze worden ondersteund door een kerk die niet hun eigen kerk is. Hun eigen kerk heeft geen geld (lees: geen visie) voor deze cruciale bediening en heeft ervoor gekozen om de opgehaalde middelen in het eigen bedrijf te investeren. Het gebouw moet onderhouden, getweaked en, bij voorkeur, winstgevend geexploiteerd worden.
Regelmatig doe ik in mijn posts m'n beklag over het onbegrensde narcisme van de kerk. De zelfhandhaving staat centraal. Schaapjes moeten worden gemolken en de room gaat niet naar de hoofdtaak van het bedrijf.
Een relatief arme, maar heel grote gemeente in Zuid Afrika, heeft een aantal jaren geleden voldoende geld opgehaald om een vliegtuig te kunnen kopen voor de voorganger die zich nu comfortabel van de ene naar de andere conferentie verplaatst. Om deze "zegen van de Heer" in stand te houden, liggen de gemeenteleden krom. Tja, de zegen van de Heer is een behoorlijke kostenpost. Nooit geweten dat dit wel eens Gods prioriteit zou kunnen worden.

Mensen, we zijn de weg toch echt kwijt. Miljoenen lopen met open ogen rechtstreeks de eeuwige vuilnisbelt op, onderweg zich afvragend waar die rare gebouwen met puntdaken en grote parkeerplaatsen eigenlijk voor staan.
Een gebouw; afgelopen zondag noemde ik het een groot aantal kubieke meters lucht, gevangen in een cocon van baksteen en glas. En ja, we hebben zo'n ding nodig om bij elkaar te komen. Daar is niets mis mee, zolang de nadruk er niet op komt te liggen. Maar het gevaar is groot. Als ik "kerk" denk, denk ik aan de taak om de miljoenen zoekenden te bereiken met het levensveranderende Evangelie en zeker niet aan een bedrijf dat alle aandacht, energie en middelen opeist. Heer, vergeef ons!

03 augustus 2009

Ingegroeide teennagel

Ik maak wel eens grapjes (althans ik denk dat het grappig is) over ingegroeide teennagels. Bijvoorbeeld dat een gebedsbijeenkomst het niveau van bidden voor een oudtante die een goede kennis heeft die last heeft van een ingegroeide teennagel, regelmatig niet overstijgt. Dat is eigenlijk helemaal niet grappig, maar tragisch. Ogen kunnen op elkaar zijn gericht terwijl de harten gesloten blijven.
Stanley Jones schrijft over een omgewaaide boom. Door een speling van de natuur waren de wortels van de boom niet de diepte ingegaan maar waren gedraaid en naar binnen gegroeid met de dood als gevolg. Hij zegt naar aanleiding hiervan: "Het "zelf" dat zich aan iets heeft toegewijd, houdt het "zelf" in leven. Het "zelf" dat zichzelf als centrum van het leven ziet, verstikt zichzelf uiteindelijk."

We komen dit onnatuurlijke mechanisme op allerlei niveaus tegen. Personen die zichzelf tot centrum van het universum hebben verklaard en wier narcisme hen tot sociaal geisoleerden maakt, maar ook kerken die als belangrijkste agendapunt de eigen groei als doel hebben; de energie en bronnen die haar tot beschikking staat vooral op zichzelf richt. Het gevolg is dat de impact op haar directe omgeving nihil is.
Is het niet wrang dat veel kerken onevenredig veel tijd en andere middelen kwijt is aan triviale zaken met als gevolg dat er vrijwel niets overblijft voor de hoofdzaak (als mensen al weten wat deze dan is)?
Weggeven is Gods orde. Waar iemand zich aan die taak wijdt, is er gezonde groei en de kans op een ingegroeide teennagel te verwaarlozen.

De gevende mens is een beter mens

Ik las onlangs het boek The Storyteller of Auschwitz van Siobhan Curham. In een van de eerste hoofdstukken ontmoet de hoofdpersoon, de Jood...