05 september 2008

Reactie vanuit de Poort

Grappig, de raecties op mijn blog van gisteren. Een kwam er vanuit de Poort: "Wanneer wij dan achter een spoor van vervalsing komen, dat zich openbaart in de nieuwe vertalingen vanaf 1880 na Chr., dan is het geen toevoeging aan de Bijbeltekst of eigen menselijke uitleg, maar een logische conclusie dat God Zijn Woord voor ons bewaard heeft in de tekst van de Reformatie (onze Statenvertaling en de Engelse King James 1611)! Want dat is de Schrift zoals wij hem heden ten dage kunnen onderzoeken (Hand. 17 : 11), dat is de Schrift, zoals God het heden ten dage aan ons overgeleverd heeft!"

Dit vraagt toch echt om een reactie.
Hoe hebben de gelovigen kunnen overleven met de vervalste vertalingen van voor 1611? De Nederlanders hebben maar wat lopen aanmodderen totdat de Statenvertaling het licht zag in 1636/37? En de post-statenvertalers hebben maar wat lopen aanrommelen en hun tijd en energie verkwist? Dat is nogal een oordeel!

De grotere vraag is of het God te doen is om het verhaal of om de punt en de komma's? Ik kies toch echt voor het verhaal. De punten en de komma's leiden tot wetticisme en tunnelvisie. Elk vers past in een groter verhaal. Als je dat grotere verhaal uit het zicht verliest krijg je verspolarisatie (onderdrukking van vrouwen, instandhouding van oude kerkstructuren, enz. (de King James vertalers kregen de opdracht mee om er voor te zorgen dat de vertaling "would conform to the ecclesiology and reflect the episcopal structure of the Church of England and its beliefs about an ordained clergy"). Vandaar dat we in die vertaling o.a. de Bisschop tegekomen, inspelend op en de beelden bevestigend die de Engelsen hadden bij de toenmalige gezagsstructuur van de (Church of England, een systeem waarbij de koning van Engeland ook de baas van de kerk is!) kerk. Over onzuiverheid gesproken.

Het gaat niet om de letter der wet maar om de geest der wet. Het punten- en kommavolk; de genadeloze haarklovers, zijn ook degenen die abortusklinieken overvallen en kruistochten stimuleren en kerkscheuringen veroorzaken. Het zijn de anti-mensen. Poortwachtersites druipen van negativisme; er is geen hoop op te vinden en tevergeefs zoekt men naar de boodschap van genade.

04 september 2008

De poortwachters

Vanmorgen kwam ik op een website terecht waarvan de eigenaar zich opwerpt als poortwachter; het is zijn taak om de kerk te behoeden voor valse leer en valse mannen (vrouwen niet, want die moeten sowieso hun mond houden; een vrouw die binnen de context van de kerk haar mond opentrekt kan geen christen zijn en de kerk die dat toelaat is geen kerk). Ik zal hier maar geen link naar die website plaatsen want dan doe ik hetzelfde als de poortwachter. Er zijn er meer. In binnen en buitenland. Eindeloze rijen auteurs, bijbelvertalingen, en christelijke leiders worden gewogen en te licht bevonden.

Een van de poortwachters doet zelf waar hij al de te licht bevondenen van beschuldigt: uitgaan van vooronderstellingen of waarheiddeductie (ik poneer een stelling en ga vervolgens in de bijbel zoeken naar bevestiging voor mijn stelling).
Ik citeer: "God heeft Zijn Woord bewaard in de Reformatiebijbels. De belangrijkste is de Authorized of King James Version (AV of KJV 1611), en voor ons Nederlandstaligen is er de Statenvertaling (SV 1637)".
Alle andere vertalingen zouden 'corrupt' zijn.
God zou er op bovennatuurlijke wijze voor hebben gezorgd dat in onze Statenvertaling elk woord, iedere punt, elke komma op de juiste plaats staat. Aan het feit dat onze vertaling vanuit het Grieks en Hebreeuws is overgezet en dat ook de Bijbelschrijvers keuzes moesten maken welke woorden zij meenden dat het dichtst bij Gods gedachten en bedoelingen kwamen, wordt gemakshalve voorbijgegaan.
Bovendien, op grond van welke bovennatuurlijke ervaring durft de webmaster deze bewering te staven?
Wat een beschamende kortzichtigheid! Bovennatuurlijke ervaringen (hij is cessationist) worden weggeïnterpreteerd maar voor hem maakt God blijkbaar een uitzondering (de openbaring dat de SV de enige zuivere vertaling is).

Ik wind me op over dit soort mannetjes. Een van deze mannetjes die op alles en iedereen kritiek heeft, komt al lange tijd niet meer in de kerk. Die kerk is onzuiver en kan de toets der kritiek van meneer niet doorstaan. Net mannetje is zelf niet langer corrigeerbaar en godsdienstoefeningen worden noodgedwongen binnen de zuivere sfeer van het gezin gehouden waar vrouw en kind sowieso hun kop dicht moeten houden. Rust voor de poortwachter!
Het doet me denken aan de sfeer die Jan Siebelink creëert in "knielen op een bed violen" waar een groepje zuiver in in de leer zich afzondert van kerk en christelijke communiteit.
Het bouwt niet op, het duwt mensen verder bij God vandaan en het schaadt het getuigenis van de kerk.

Ik moet nu wel oppassen dat ik zelf niet als een poortwachtertje over kom! Vooralanog blijf ik me liever inspannen om m'n naaste gewoon maar lief te hebben.

02 september 2008

Kloppen op je eigen deur

Ik heb een vriend over de vloer. Soms zien we elkaar jaren niet en als we elkaar al zien is de tijd die we met elkaar doorbrengen heel beperkt. Nu hebben we zomaar 65 uur. En die gebruiken we om bij te praten, aantekeningen te vergelijken (hoe doe jij dat met je kinderen, wat speelt er in je leven enz..) een rondvaart inde havens te maken en de euromast te beliften.
Omdat ons huis sinds een maand weer leuk gevuld is was er maar een plaats voor Bill en dat is op het inklapbare logeerbed in mijn werkkamer. Daarmee is voor mij de toegang tot mijn werkkamer beperkt en dat voelt niet goed. Het gebruiken van die werkkamer als logeerkamer is iets wat we doen als alle andere opties uitgeput zijn.
Raar dat je op je eigen deur klopt en toestemming vraagt om je eigen kamer in te kunnen om je eigen spullen te pakken (ik heb steeds van alles nodig, en dat van alles staat dus allemaal in die kamer).

Zojuist realiseerde ik me dat mijn Bijbel in mijn kamer ligt en ik moet nu wachten totdat Bill wakker is en/of de kamer verlaat voordat ik aan de lees of studie kan.

Toegang tot het Vaderhart van God is er altijd. Zeven dagen per week, vierentwintig uur per dag! Ik hoef niet te kloppen, geen rituelen uit te voeren, een afspraak te maken of te wachten totdat God wakker is. Ik hoef niet naar een specifieke plek toe of bepaalde kleren te dragen. Ik hoef mijn taal niet aan te passen. Hij is er. Altijd en overal. Ik mag Hem Vader noemen. Bijpraten hoeft ook niet want Hij kent mijn zitten en mijn staan; van verre mijn gedachten. Niets is verborgen voor Hem.
Leven in het besef van Zijn tegenwoordigheid is het mooiste wat een mens kan overkomen. Met en bij Hem worden we weer mens zoal Hij het oorspronkelijk bedoeld heeft. Het doet mijn hart sneller kloppen en geeft leven en energie, zin en betekenis

En dat allemaal zonder kloppen.
Het is de omgekeerde wereld. Hij heeft bij mij aangeklopt en aangeboden om samen te eten. Daar heb ik ja op gezegd. Het smaakt nog steeds prima en Hij is en blijft de beste vriend die ik me kan wensen.

Morgen vertrekt mijn viend Bill naar Azerbadjan om daar twee weken lang concerten te verzorgen. Het bed word meteen ingeklapt en ik hoef dan voorlopig niet meer te kloppen. Totdat er weer een vriend langs komt.
Maar eerlijk gezegd hecht ik meer aan de vriendschap dan aan die werkkamer. En dat kloppen op je eigen deur plaats de dingen van het leven waar ik zo aan hecht in het juiste perspectief. Het is nooit echt mijn deur geweest en zal dat niet worden. Ik heb die deur en die kamer slechts in bruikleen van mijn Hemels Vader die van mij vraagt om dezelfde gastvrijheid te verlenen die Hem kenmerkt.

30 augustus 2008

ljouwert

Parallel aan spoor en snelweg breng ik dit weekend door op een lapje land en huis met een kleine jeugdgroep uit Leeuwarden. Life Direction; zeven studies over het plan en de wil van God en hoe onze levens in dat plan passen. Morgenochtend spreek ik hier bij de Vergadering van Gelovigen en reis in de vroege middag weer naar huis.
Verder even niets te melden.

28 augustus 2008

Weer thuis en Gods wil

Tja, het zit er al weer op. Vandaag tijdens de staf studie een interessante discussie over de wil van God in gang gezet. Wat me opviel is dat we met elkaar heel erg goed kunnen relativeren. Tijdens de discussie over de zin en onzin over die wil van God bleken we heel knap in staat om voor elke stelling een tegenargument kunnen vinden. De legitimatie voor zowel de zin als de onze blijkt "oprechtheid" te zijn. Als iemand iets met oprechtheid gelooft en praktiseert is het al gauw okay (zelfs al ziet iedereen dat het onzin is). Met andere woorden, we vinden altijd voorbeelden die het tegendeel van een bewering bewijzen.
Voorbeeld:
God zegt tegen Adam en Eva: "van alle bomen in de hof moogt gij eten, behalve van die kanariegele, daar in de verte. Zien jullie die boom waar je niet van mag eten en al die anderen bomen waar je dus wel van mag eten, Adam en Eva?" Nadat A en E bevestigend antwoorden gaat Eva in de keuken aan de slag om de lunch voor te bereiden.
Ze belt Adam op (die is op het veld aan het werk) en vraagt hem wat hij wil eten. Adam wil maar een ding en dat is Gods wil doen. Niet zijn wil, maar Gods wil. Mag Adam nu wel of niet aan Eva zeggen wat hij zou willen?

Nu zegt iedereen waarschijnlijk dat de instructie van God duidelijk genoeg was en dat Adam en Eva de vrijheid hadden gekregen om te eten wat ze wilden, of waar ze trek in hadden. Om nu te tot God te gaan bidden of Hij aub Zijn wil betreffende het lunchmenu voor deze betreffende dag bekend zou willen maken is onzin en tijdverspilling.
"Maar", zegt de doorgepolderde en supergeestelijke Hollander, "als iemand er nu behoefte aan heeft om hieromtrent wel om Gods specifieke wil te bidden, dan moet iemand dat toch zelf weten?"

Het godsbeeld van velen is m.i. teveel gebaseerd op wat men bij God voelt en denkt en niet noodzakelijkerwijs op wat we over Hem weten. Daarmee beknoten we onszelf in de vrijheid waartoe God ons geroepen heeft en verspillen onze tijd en Gods aandacht (als dat laatste überhaupt mogelijk zou kunnen zijn). Het helpt mij wel begrijpen waarom velen zo weinig van God horen. Hij heeft namelijk vaak al lang gesproken en wacht op ons om gebruike te maken van die vrijheid en de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheid voor de keuzes die we maken op ons te nemen.

27 augustus 2008

Hier is mijn plek

Een paar dagen in de stroomversnelling van het OM leven en mijn energie is weer toppie in orde.
Het voelt ongeveer als thuiskomen na een lange reis. Vandaag twee studies met de OM staf. Dat ging best wel lekker.
Mijn oude bekende die gisteren langskwam is in de loop van de dag verder getrokken. Ik was bijzonder verheugd toen hij besloot om op te stappen.

Vol energie zou ik graag de wereld wat willen veranderen.

26 augustus 2008

Hij is er weer

Jawel, mijn regelmatig en vooral op ongewenste momenten opduikende oude bekende M. is er weer. Vanavond zou ik een vergadering hebben met de kringleiders van de Brandaris maar heb deze helaas moeten annuleren. M. eist alle aandacht op. Dat is echt heel spijtig want pas op 25 november ben wegens mijn grillige reisschema pas in de gelegenheid om een volgende vergadering te hebben.
Nu zal ik onverrichter zake terugkeren naar Dalfsen; Mission not Completed.

Vandaag de tweede studie met de OM staf. Het was bemoedigend om weer een grote groep te hebben. Vandaag met elkaar de vraag bestudeerd hoe een wereldbeeld of een Godsbeeldkan veranderen (of juist niet) en welke elementen van belang zijn, of zelfs noodzakelijk, in dit proces van verandering. Wetenschappers zijn het er over eens dat het bijna onmogelijk is om een Godsbeeld of wereldbeeld in de kern te veranderen. Met druk van buitenaf kom je een heel eind. Neuro Linguistic Programming helpt ook wel wat maar het is en blijft een behoorlijke kluif.

Het meest effectief is denk ik een confrontatie. Confrontatie met liefde, ziekte, dood, onrecht zijn de grootste veranderelementen die de mens in de kern van zijn bestaan raken en direct invloed uitoefenen op het wereldbeeld, zelfbeeld en Godsbeeld. Ten positieve en ten negatieve. De confrontatie met armoede en lijden heeft een enorme impact gehad op mijn Godsbeeld en mijn mensbeeld. Ik ben bijvoorbeeld niet zo optimistisch over de mens. Vind het moeilijk om mensen te vertrouwen en merk dat mensen oevr het algemeen met zichzelf bezig zijn; tot en met hun geloofsbeleving. De nadruk die ik tegenkom op "wat God allemaal voor mij kan en wil doen" maakt mij regelmatig onpasselijk (zie mijn blog van een paar weken terug over God goedkoper van een paraplu).

De confrontatie met armoede, lijden en onrecht heeft me doen beseffen dat wij, mensen, God ten onrechte verantwoordelijk houden voor al die zooi. We hebben daar onze taal voor aangepast: lijden en onrecht gebeurt onder Zijn toelating. Daar kom je echter niet zo makkelijk mee weg. Als iets onder mijn toelating gebeurt, ben ik er ook verantwoordelijk voor, en dus op aan te spreken.
Wijzelf, de mensheid is volledig verantwoordelijk voor armoede, lijden en onrecht en 100% aanspreekbaar op wat wij toelaten. Het is onder onze en mijn toelating dat deze dingen gebeuren. Ik kan en mag dat niet afschuiven op mijn hemelse Vader die volkomen volmaakt is!

25 augustus 2008

Deja vu

Het is het eenentwingste jaar dat ik in min of meerdere mate betrokken ben bij onze jaarlijkse conferentie voor nieuwe werkers. De meeste van de ruim 250 nieuwe werkers waren nog niet geboren toen ik hier (de bron in dalfsen) voor het eerst kwam. Mijn betrokkenheid is nu meer bij de ontwikkeling en aanmoediging van onze leiders. Deze week doe ik vijftal studies met ze. De focus ligt op de vraag hoe het komt dat mensen zo ongelooflijk moeilijk echt veranderen.
Het is best wel confronterend als je bij jezelf merkt dat je bepaalde gewoontes of nare eigenschappen wel graag wilt veranderen maar jezelf toch voortdurend blijft tegenkomen in een hardnekkig onveranderen.

Hoe kunnen we deze nieuwe werkers en elkaar bijstaan en helpen om tot waarachtige verandering te komen?
Een aantal tips:
1. Stop met elkaar aanspreken op buitenkantzaken.
2. Breng veel tijd met elkaar door
3. Bevraag elkaar naar de dieper motivatie en als deze niet verwoord kan worden, help elkaar dan om woorden te vinden.
4. Werk vanuit het centrum, het hart.

22 augustus 2008

Geen inspiratie en een beetje religie

Dit is Blog nr. 400!

Vandaag gewoon down! De laatste weken lijd ik aan chronische demotivatie en gebrek aan inspiratie. Normaal zou ik vier studies er even uitrammen en nu ben ik er een week mee bezig en zou het zo allemaal weg willen pleuren!
Het lijkt alsof al m'n passie aan het weglekken is en er onverschilligheid voor in de plaats komt.

De laatste tijd denk ik wat na over "religie". Dat is een 'vies' woord. God wil geen religie maar een relatie.
Nu komen beide woorden als zodanig niet in de Bijbel voor maar beide concepten zijn impliciet en overduidelijk aanwezig. De eenzijdige nadruk op relatie heeft het bestaansrecht van religie in het volgen van Jezus weggedrukt.

Wikipedia geeft wat achtergrondinformatie:

Bij Romeinse auteurs treft men de volgende etymologieën van het woord religio aan.
Cicero (zie foto rechts) leidt het woord af van relegere (herlezen, overdoen, nauwgezet in acht nemen) en typeert daarmee het begrip religie als het voortdurend en ijverig in acht nemen van alles wat op de verering van de goden betrekking heeft (vergelijk De natura deorum II, 28 en De inventione II, 22 en 53).
Lactantius verklaart religie uit religare (opnieuw binden, goed binden) en verstaat onder religie de band (liga) tussen God en de mens (Divinae Institutiones IV, 28).
Aulus Gellius leidt het begrip af van relinquere (achterlaten) en geeft daarmee aan dat alles wat tot de religie behoort van het profane is afgezonderd (Noctes Atticae IV, 9).
Augustinus brengt het woord in verband met re-eligere (opnieuw verkiezen): in de religie kiest de mens God, die hij door de zonde had verloren, weer als bron van zijn zaligheid (De civitate Dei X, 4).
Aan de afleiding van religare, relinquere, re-eligere kleven taalkundige en lexicologische bezwaren. Het grootste gezag heeft de opvatting van Cicero: religie verwijst naar vrees tegenover de godheid (godsvrucht, vergelijk Duits: Gottesfurcht, Hebreeuws: jir'at ha-Sjem) en de daaruit voortvloeiende nauwgezette waarneming van de godencultus. Religio staat dus in tegenstelling tot negligere (veronachtzamen, vergelijk: negligé).


Religie heeft voor de gemiddelde westerling iets negatiefs en wordt gekoppeld aan wetticisme en/of traditie.
Religie heeft ook iets moois omdat het iets zegt over het opnieuw in een lijn komen met God. De rol van religie is het helpen terugbuigen van wat van God was afgebogen.
In die zin horen religie en relatie bij elkaar. De relatie krijgt vorm, inhoud en betekenis door de religie. De religie helpt ons begrijpen dat relatie mogelijk is.

Ik denk dat ik een beetje religieus aan het worden ben.

20 augustus 2008

Dualisme en Schisme

Een belangrijke reden dat het zo ontzettend moeilijk is om werkelijk diep van binnen te veranderen is het feit dat we denken en leven in dualismen en schismen. Christenen hebben er hun vocabulaire op aangepast: "dat deed ik niet zelf, het was m'n vlees", of "de geest is wel gewillig maar mijn vlees is zwak". Dat laatste werd trouwens door Paulus aangevoerd om de juistheid van Gods wet te bevestigen. We herkennen ons in: "wat ik niet wil doe ik toch en wat ik wel wil doe ik toch niet", hoewel de praktijk van velen zal zijn: "ik doe gewoon wat ik wil".
Pas als ik geconfronteerd wordt met Gods wet, kom ik er achter dat ik vreselijk tekortschiet.

Gods norm is: liefhebben. Onvoorwaardelijk en zonder te discrimineren. Als ik die norm serieus neem kom ik mezelf keihard tegen omdat het mij onmogelijk lijkt om iedereen onvoorwaardelijk lief te hebben. Het ging prima met me, totdat ik Gods wet wilde doen. Tot die tijd stond ik in mijn recht en gelijk om de een meer lief te hebben dan de ander en een enkeleing zelfs te haten. Ik kon dat verklaren en je zou me gelijk hebben gegeven.
Nu ik Gods wet wil doen, gaat het opeens niet zo goed met met me. Ik heb een probleem.

Met liegen gaat het net zo. Gods norm is de waarheid. Altijd en overal. Totdat ik daarmee werd geconfronteerd voelde ik me prima met m'n leugentjes en leugens.
Nu ik aan Zijn norm wil voldoen, heb ik een probleem. Ik betrap me op onwaarheden, halve waarheden en verzwijgen.

Shit.

De wet van God is volmaakt en ik ben dat niet. Ik ben volmaakt incompatibel met Gods wet. En toch zie ik dat Gods weg de beste is.

Romeinen 8 leest:
Wat de wet van Mozes niet kon, omdat ze machteloos was door ons zondige bestaan, dat deed God. Hij heeft zijn Zoon in datzelfde zondige bestaan gestuurd als een offer voor de zonde, en daarmee de zonde juist binnen dit bestaan zelf veroordeeld. Zo kunnen wij nu volbrengen wat de wet van ons eist: want we leiden geen leven meer zonder God, maar we leven volgens de Geest van God. Wie zich laten leiden door hun zondige ik, zetten hun zinnen op zondige dingen. Maar wie zich laten leiden door de Geest, zetten hun zinnen op wat de Geest wil.

Wat een oplossing! Daar word ik toch lichtelijk happy van!

Misschien is het beter om het niet langer over God te hebben. Geeft alleen maar gedoe.

Mijn werk is nogal verweven met het gebruik van het woord God. Een zendingsorganisatie houdt zich immers bezig met de export, uitleggingen, ...